Familie
de Gier
Welkom / This site is always under construction
Torah, Wet, Instructies, Geboden
Feesten van YHWH
Dagelijks Woord
Afgoden feesten
Mijn nieuws kanalen
Schattingsregisters

Heynric die Gyer (Knaap, boer) en Jan die Ghyer (Richter, boer) wonen en werken tussen Maas en Waal zijn broers.
Heynric is de vader van Gerit en Her Peter (Ridder) zie 1382 VIII pond belasting en Peter de Gier is zijn zoon. zie belasting 1382 VI pond

De drie mannen die in 1369 elk voor 8 pond zijn aangeslagen in verschillende plaatsen, kunnen broers zijn, maar dat is niet zeker. Het kunnen ook neven zijn, of andere familieleden.
Peter de Ghier die in Veld-Driel wordt aangeslagen, is hoogst waarschijnlijk wel dezelfde die een vicarie op zijn hof aldaar vestigde.
(Marietje)*

Het land tussen Maas en Waal, eigenlijk niet meer dan een smal strookje grond tussen twee brede waterstromen. Samen met buitenpolders, slaperdijken, eendenkooien, uiterwaarden en boomrijke eilandjes maken Maas en Waal dit stukje Nederland tot een oer-Hollands stukje land. Hier delen rustzoekers en natuurgenieters de polders en uiterwaarden met ganzen en steltlopers.
Onlosmakelijk verbonden aan ons waterrijke land zijn de bouwwerken die de mens er neerzette: Fort Sint Andries had een grote strategische waarde voor de handel en de verdediging; stoomgemaal De Tuut hield het land droog en in de steenfabrieken werd klei uit de rivieren tot bakstenen gebakken. Het terrein van Bato's Erf, een voormalige steenfabriek, is helemaal teruggeven aan de natuur. Een robuust landschap waar de krachten van mens en water nog altijd samenwerken.


Deze informatie is te vinden in het boek: 
"Schatting van den Lande van Gelre voor het overkwartier en de betuwe van 1369"

Deze 3 foto's hieronder zijn gemaakt op 26-7-2012.

    

Item Heynric die Gyer VIII pond belasting 1369 (blz 122) te Lewen (Leeuwen) Tusghen Mase ende Wale.
Item
Gerit die Gier VIII pond belasting 1369 (blz 207) te Rossem. (Fol. 54)
Item
Peter die Gier VIII pond belasting 1369 (blz 222) te Velt Driele. (Fol. 57)

Hieruit maak ik op dat Heynric de vader is van Gerit en Peter daar er nu geen 2 Peters zijn met belasting. In 1382 is Heynric dood want hij wordt niet meer vermeld in de belasting boeken bovendien is er van Heynric al in 1335 bekend dat hij knaap is dat maakt dat hij rond 1315 geboren is. Gerit wordt eerst in Amerzoden vermeld als leenheer. Daarna wordt het vermeld dat de andere familieleden hetzelfde leen hebben gekregen. Dat maakt dat Gerrit na 1390 overleden is.

 


Item Ymbrecht die Geyer VIII pond belasting 1369 (blz 176) te Teyle. (Fol. 46v)
Item Maes die Geyer II pond belasting 1369 (blz 115) te Wychen. (Fol. 30v)
  


   
      


Item Peter die Ghier VI pond belasting 1382 Folio 49 (blz 18) gegoed te Dryele. Extrancy Dryele. (zoon van Her Peter de Ghier)
Item Gherit die Gier VIII pond belasting 1382 Folio 50 (blz 20) gegoed te Roshem. Sit. IIIIc XXVII lb.

 

Summa van Tielreweert vurscreven
IIm VIIc XCII lb.

Summa van alle Bomelreweert ende Tielreweert vurscreven
VIIIm IIIc en I lb.maken IIIIm CLI alden scilt, II lb. voer den alden scilt gerekent.

Doorgehaald:
Item van Floris van Beesde geboert bij Johan Haken tot Bomel op dertien avende, LX alde scilde.
Summa sumax van allen opboeren vuerscreven IIIIm IIc XI alden scilt
.

Dit is opboren Derich Riquijns tot Driele inden jare lxxxii circa festum Pasche.

(Alet Johan Agen I alden schilt).
(Item Boudewijn Rolofs soen III alden schilden).

Item Peter die Ghier VIII pond belasting 1382 Folio 69 (blz 59) gegoed te Dryele. (Her Peter de Ghier vader van Peter de Gier)





 
 
 
 

   

(Summa lateris Ic III½ scilt.)
(Summa lateris Ic XXXII sc.)

Item Hillen die Gyer 1434 VI sc. Folio 6 (blz 13) gegoed te Dryele.
Restant van desen Scattinge.
Dryele.
Item Hillen die Gyer 1434 VI sc. Folio 36 (blz 43) gegoed te Dryele.


In het boek: "De reformatie der geestelijke en kerkelijke goederen in Gelderland in het bijzonder in het kwartier van nijmegen".
Heb ik Peter weer gevonden die bezittingen heeft te Veld-Driel.

  

  
Dit kan niemand anders zijn dan de Peter die Gier die in 1369 belasting  betaalde voor VIII pond.

  
Blz 118, 122 en 123


Blz 124


Bron: Jan die Ghyer 1339 richter tusschen Maze ende Wael.



Op 27 maart 1335 wordt Heynric die Ghyer vermeld als knape bij de manschap van Heer Heynric van der Lecke, ridder.
Als je van deze informatie uitgaat dan is hij ca 1315 geboren. Dat maakt Henrik ouder dan Peter dus een voorvader of verwante van mij.
Heynric  wordt ook vermeld in 1369 als belasting plichtige te Lewen (Leeuwen) Tusghen Mase ende Wale waar hij Peter  en Gerit  de Gier VIII pond moeten betalen. Omdat Jan die Ghyer niet meer vermeld word in 1369 zou het zelfs kunnen betekenen dat hij de vader is van Heynric.


Als je kijkt hoe de namen zijn gespelt zou je gaan denken dat 
Heyndric die Ghyer, Jan die Ghyer en Peter die Gier, Gerit die Gier alle 4 van 2 families komen , maar in die tijd werden de meeste dingen fonetisch opgeschreven dus dit bewijst nog steeds niets. Ze kunnen ook broers en/of verwanten van elkaar zijn. Ze zijn ook allemaal verspreid over het gebied en hebben belangrijke functies.


 

                             


(
Marietje)*
Alle die ghene die desen bryef solen sijn of horen lesen doe ic Steesken van Brakel teweten ende te ver-
staen dat ic quiet scelde ende up draghe te behoefs heren Heynrics vander Lecke ende sijnre erf-
ghenamen ewelic ende erflicke dorende die manscap ende al solic guet als haudende sijn souden van 
mi ende rorende is van den ghode van Langhereec her Everart van Ulft, her Herman van Steyn-
ren riddere, Daem soyn her Vrederics heren van den Berghe daer Got die sile af hebben moet, Doys 
van Diden ende Heynric die Ghyer ende bidden desen vorgheseden personen dat si her Heynric vorno-
emt al solic manscap doen ende sinen erven ende oer guet van oem ontfaen ghelijc dat si van mi
souden. Oec is dat vorwerde dat mi her Heynric vornoemt of sijn erven setten solen enen gho-
den cnaep die si mi met eren setten moghen die dese vorghesede vijf man van mi hauden sal
tot enen rechten erf leen. Um dat ic dit vast ende stede hauden wil so hebbe ic desen bryef met
minen zeghel bezeghelt. Ghegheven int jaer ons heren dusent driehondert ende vyefendedertich  
des manendaghes na onser vrouwen daghe annunciacio. 



Dit is een ingewikkelde transactie, die inhoudt dat Steeske van Brakel een deel van zijn goederen in Langerak met de bijbehorende vijf leenmannen in leen geeft aan heer Hendrik van der Leck,ridder. Maar deze Hendrik zal niet zelf persoonlijk leenhulde doen aan Steeske maar daarvoor een plaatsvervanger aanwijzen `enen goden cnaep’, die Langerak met vijf leenmannen van Steeske in leen krijgt. De vijf leenmannen vanSteeske worden leenmannen van Hendrik van der Leck en achterleenmannen vanSteeske zelf. Ze worden geen leenmannen van die goede knaap, want dat is maar een plaatsvervanger van Hendrik van der Leck. Dit soort transactie met een plaatsvervanger kom je zelden tegen en is hier misschien alleen bedacht omdat heer Hendrik van der Leck eigenlijk te deftig is om zelf leenhulde te doen aan Steeske. 

Bron: Jan die Ghyer 1339 richter tusschen Maze ende Wael.





 

 

Leden Illustre Lieve Vrouwe Broederschap tot 1620
Doorgaans gaat het om mensen met een vooraanstaande maatschappelijke positie. Onder meer zijn lid geweest Willem van Oranje en de schilder Jeroen Bosch. Onder de huidige leden bevinden zich Koningin Beatrix en kroonprins Willem-Alexander. Ook Koningin Juliana en Prins Bernhard waren Zwanenbroeders. Zij zijn de enigen die tegenwoordig deze titel mogen voeren.


Familie de Gier ridders in 1369 en 1382

Na het overlijden van mijn moeder in 2010 ben ik begonnen met mijn voorouders te gaan zoeken.

Nu 2 jaar later heb ik genoeg
gegevens gevonden om aan te tonen dat mijn voorouders ridders en knapen waren.

Tijdens mijn zoektocht ben ik in contact gekomen met Marietje van Winter. Ik mail haar bijna elke week meerdere malen per dag met vragen die ze dan beantwoord. Vaak helpt ze mij ook nog met het transcriberen van aktes. Ze geeft mij zeer veel
informatie die ik dan weer kan gebruiken voor deze website.

Ik wil haar bij deze bedanken voor haar geduld, alle tijd en moeite die ze neemt voor mij om mijn mails te beantwoorden.

In het boek
 (proefschrift) van Johanna Maria van Winter "Ministerialiteit en Ridderschap in Gelre en Zutphen, 1962", vind ik mijn voorouders terug en beschrijft zij ze als leden behorende tot het vrije ridderschap.

Ik mailde haar met de vraag wat
vrije ridderschap inhoudt:

"De vrije ridderschap was een groep mensen die niet tot de juridische stand van de adel behoorde en ook niet tot de juridische stand van de ministerialen, maar wel het sociale niveau had van ridders en knapen. Het was juridisch een tussencategorie tussen adel en ministerialiteit, en er behoorden ook stadsburgers toe, en vooral in het Kwartier van Nijmegen veel plattelands notabelen".
(7 januari 2011)

"
Jouw voorouders behoorden in de Middeleeuwen en de 16e en 17e eeuw tot de ridderschap, maar zijn blijkbaar in de 18e eeuw afgezakt tot dagloner, schoenmaker en schipper. Hoe kon dat gebeuren? Ik denk dat ze door inteelt verzwakt waren". (29 juli 2012)

Tot ver in de 18e eeuw behield de familie een behoorlijk sociaal niveau, en toen ging het snel bergafwaarts. In die tijd werd er geen onderscheid meer gemaakt tussen ministriale en niet-edele vrije ridderschap, maar werd de hele ridderschap als adel beschouwd. Maar dat betekende niet dat de rijkdom van al deze families gelijk was. Binnen de ridderschap bestonden grote verschillen in welvaart. (30 juli 2012).

In de schattingsregisters van
1369 en 1382 worden mijn voorouders vermeld met VIII pond, dat wil zeggen voor die tijd, zeer vermogend.

  • Heynric in 1369 voor VIII pond (knape) en overleden in 1382.
  • Peter voor VIII pond in 1369 en 1382. (Dryell)
  • Gerit voor VIII pond in 1369 en 1382. (Rossum)
  • Peter voor VI pond in 1382 waarschijnlijk "Her Peter " zijn zoon. (Dryell)

In de schatting van de Bommelerwaard en de Tielerwaard 1434

  • Hillen die Gyer VI sc.(scilde)(Dryell)

Hillen wordt in dat jaar als enigste genoemd. Wat daar de reden van is dat weet ik niet.



In het boek "Transitie en continuïteit" (B.J.P. van Bavel) blz 450. Worden ze omschreven als inheemse schildboortige in Gelderland.
Deze geslachten stammen voor een belangrijk gedeelte af van de hoogadellijke toplaag uit de laat Karolingische en Ottoonse tijd.

Ook wordt vermeld dat de familie
de Cock tot het adellijke geslacht behoord.
Ik blijk ook een afstammeling van deze familie te zijn in 1754 via Peter de Gier zoon van Wouter de Gier en Anna Maria van Wachtendonck (haar moeder stamt af van de Cock van Delwijnen). Ik moet te kennen geven dat voor die tijd en mijn afkomst het waarschijnlijk is dat zij ook afstammeling kan zijn van de adelijke familie van Wachtendonck. Maar door gebrek aan informatie in 1654. Kom ik niet verder dan Gerit Hendricksz van Wachtendonck en Adriana Egens/Egons.


Ook wordt vermeld op blz 451 van het boek dat mijn voorouders zouden kunnen afstammen van de
homines franci en dat men nu de vraag moet beantwoorden of zij bestonden uit boerensoldaten die een soort grensmilitie vormden of uit inheemse dan wel Frankische grootgrondbezitters.

Net als in diverse andere Germaanse rechten begint de Ewa ad Amorem met de geldboetes voor het doden van mensen van diverse rang. Daaruit vernemen we het weergeld voor
edelen, vrijen, halfvrijen en slaven. In het Amor-land namen de homines Franci een bijzondere positie in.

homo Francus: Hier is homo Francus vertaald met 'Frankische edelman'.
Met homines Franci wordt een speciale klasse van vrije Frankische mannen aangeduid, die een drie maal hoger weergeld hadden dan de homines ingenui, de gewone Frankische vrije mannen.
Er is geopperd dat dit
de oorspronkelijke oeradel uit het Amorland zou zijn. Echter, Fruin (geciteerd in Niermeyer, 1953) heeft betoogd dat het Frankische edelen waren die, na de verovering van Amorland door Karel Martel (714 - 741), hier gevestigd werden.

Jouw voorvaders stammen volgens mij af van de homines franci, militaire boeren in het Nederlandse rivierengebied, die daar door de Frankische koningen Pepijn de Korte of Karel de Grote zijn neergezet om de grond te bewerken en te verdedigen tegen de Friezen. Aangezien ze het geluk hadden dat ze niet onder de immuniteit van een kerk of klooster raakten, konden ze hun vrijheid bewaren en hun welvaart opbouwen. Onder immuniteit van een kerk of klooster viel je niet meer onder het gewone landrecht. Het bracht wel bescherming mee, maar ook beperking van je handelingsbekwaamheid. (1 augustus 2012) (Marietje)*


Teisterbant is een gebied of landstreek, waar éen of meer graven regeerden namens de Frankische koning.
Waar Teisterbant precies lag en hoe ver het zich uitstrekte, is niet bekend. In elk geval hoorden Driel en omringende dorpen ertoe.
(1 augustus 2012) (Marietje)*

De vertaling `Frankische edelman' is onjuist, want ook al hadden deze mensen het hoogste weergeld van alle standen in het Amorland, het waren geen edelen maar Frankische boeren/soldaten die koninklijke bescherming nodig hadden, omdat ze door de inheemse bevolking als een vijandige bezettingsmacht werden gehaat. Na een paar generaties zijn ze wel in die bevolking opgegaan en hebben zich als vrije boeren ontwikkeld, vaak herenboeren. In de veertiende eeuw hebben velen van hen hun grond aan de hertog van Gelre geschonken en als leen teruggekregen. Op die manier konden zij als leenman in de Gelderse ridderschap opklimmen. Dat zal ook met Pieter de Gier en zijn voorouders het geval zijn geweest. Een jonker was de zoon van een ridder die zelf geen ridder maar knape was.

Ik heb nog wel nagedacht over het verval van jouw voorgeslacht tijdens de Republiek, zodat het later niet meer tot de ridderschap werd gerekend. Een van de oorzaken kan lichamelijke verzwakking door inteelt zijn geweest, maar een andere oorzaak was waarschijnlijk het feit dat ze Rooms-katholiek zijn gebleven. In de zeventiende eeuw besloten de vier kwartieren van de Gelderse ridderschap dat de Rooms-katholieke leden moesten uittreden uit de ridderschap, zodat dit een zuiver protestants college werd. Dat is ook gebeurd, het laatst in het Kwartier van Arnhem (de Veluwe). Jouw voorgeslacht woonde in het Kwartier van Nijmegen (de Betuwe) en is toen dus ook uit de ridderschap getreden. Het was heel moeilijk om dan toch het oude sociale niveau te bewaren.

(28 juli 2016) (Marietje)*



Het boek des oprechten 10 (The book of Jasher)
8. De kinderen van Gomer (Zoon v Jafet: zn v Noach), naar hun steden, waren de Francii die woonden in het land van Franca bij de rivier Franza bij de rivier Senah (Seine?).

The book of Jasher 10

8 And the children of Gomer, according to their cities, were the Francum, who dwell in the land of Franza, by the river Franza, by the river Senah.


Bron: https://issuu.com/guraja/docs/ancient-post-flood-history-johnson-

Uitgaande van wat men in boeken heeft beschreven over mijn voorouders weet ik wel dat:

  • Peter de Gier ridder was want hij werd in 1402 "Her Peter de Ghier" genoemd bij een leen "die in 1390 als eerst vermeld bij een Gerit de Ghier die ook vermeld wordt in beide schattingsregisters voor VIII pond".
  • Hij wordt in beide schattingsregisters vermeld en wordt aangeslagen voor VIII pond.
  • Dat hij eigen goederen bezat, want er wordt vermeld in "De reformatie der geestelijke en kerkelijke goederen in Gelderland in het bijzonder in het kwartier van nijmegen". "eertijts gefondeert door Pieter de Ghier op sijnen hooff tot Veldtdrijll een vicarie, pastorie, kosterie".
  • Ten tijde van 1369 is niets vermeld dat hij lenen had of het nog zijn eigen goederen waren. Pas in 1390 wordt er gesproken van een leen: (zoals van Ammerzoden?)
  • REPERTORIUM OP DE LENEN VAN DE HOFSTEDE AMMERZODEN, 1388-1794

Die weerdt, mollen ende mollenwerff met den tobehoren in den Kiritsham in den gerichte van Driel, ontfangen bij Gerrit de Gier anno 1390 (Register op de leenaktenboekenn in het kwartier van Nijmegen).
Gerit de Ghier, gegoed onder Rossum 1369, en Driel, mogelijk een broeder van Peter I.

56. De (1402: wind)molen in Driel in de Kievitsham met molenwerf, (1414: waar hij op staat),
(1414: huis en hofstede en 2 (1420: 4) hont daarnaast, enerzijds: Rudolf Knoop
(1402: Gijsbert Wymat; 1414: Jan Wenmersz.; 1420: Wouter Egenz.),
anderzijds: Gerit Thams Andries grote Smeitsz. ( 1402: Berwijn Tonis; 1420: Jan Maartensz. de Lose),
(1414: met een weg van vier roeden breed, strekkend van de molenwerf tot de hoeve van Uitwijk, tussen Jan Maartensz. c.s.).

  • 24-10-1390: Gerit de Ghier zoals van Ammerzoden, Leenhof Gelre, 1 fol. 28v.
  • 12-12-1402: Pieter de Ghier heer Pietersz., Gelre, 1 fol. 116v.
  • 7-7-1414: Pieter de Ghier, te komen op Heimerik en Hille, zijn zoons, Leenhof Gelre, 1 fol. 212v.
  • 21-3-1420: Heer Arnt de Ghier, waarna overdracht aan Heimerik en Hille de Ghier Pietersz., broers, zoals van Ammerzoden, Gelre, 1 fol. 232.

Het leen 56 verminderd tot 56A.
56A. De helft van de Kievitsham in Driel, waar de kleine windmolen op stond,
oost (1755: de gemene straat), west (1755: Gerard van Kessel en Jan van Lit),
zuid (1755: Cornelis Sars), noord (1755: erven Klaas Reuvers; 1755: Hendrik
Versteeg).

Of ze ten tijde van
Filips de Stoute hertog van Bourgondië 1402 -1423 hun goederen hebben afgestaan aan de Hertogen van Egmond om het weer in leen terug te ontvangen daar heeft men niets van vermeld. En wat bedoeld wordt met "zoals van Ammerzoden" dat is mij nu vooralsnog een raadsel.

Dat een
Hillen de Ghier Hertogelijk Gelders rentmeester van Karel van Gelre (Egmond) is en Schepen in de hoge bank van Driel in 1460.


Doorgaans gaat het om mensen met een vooraanstaande maatschappelijke positie. Onder meer zijn lid geweest Willem van Oranje en de schilder Jeroen Bosch. Onder de huidige leden bevinden zich Koningin Beatrix en kroonprins Willem-Alexander. Ook Koningin Juliana en Prins Bernhard waren Zwanenbroeders. Zij zijn de enigen die tegenwoordig deze titel mogen voeren.

  • Dat hij in 1493 als Hertogelijk Gelders rentmeester te Zaltbommel samen met Gerard van Weerdenburg in opdracht van. Karel van Egmond (Karel van Gelre) kasteel poederooyen veroverd en leeg geroofd heeft. In 1505 heroverden de Bourgondiërs het dorp en het kasteel, waarna Hertog Karel het weer terug veroverde. Waarschijnlijk is dit de reden waarom Peter de Gier overleden
  • Hij is als eerste begraven in de St. Maartenkerk te Zaltbommel van de 5 familie leden (zie zerk) waarvan ik rechtstreeks van de eerste drie afstam.
  • Zijn zoon Hillebrant de Ghier wordt op 30 mei 1501 als rentmeester van Karel van Gelre benoemd.
  • Ook werd hij lid in 1508 bij het broederschap te s'Hertogenbosch.
  • Burgemeester 1501-1520 Zaltbommel.
  • Begraven in de St. Maartenskerk bij zijn vader.
  • Medestichter van de Nicolaï vicarie te Zaltbommel 1527
  • collator der vicarie op het H. Geest altaar te Driel.


Adelborst



Gemeente Zaltbommel
Archiefnummer 198
Deelnummer 1931
Registernaam NH Begraaf 1770-1810 registratie van ontvangsten van het Weeshuis voor de verhuur van lijkkleden bij begrafenissen (DTB-1931)
Code DTB-1931
Periode register 1770-1810
Pagina 99
Diversen 08.01.1787 
Een kint van jonker de Gier, 4 [stuivers]. 
Plaats begraven Zaltbommel
Datum begraven 08-01-1787
Overledene de Gier
Overledene geslacht onbekend 
Vader overledene de Gier

23-12-1783 Peter de Gier koopt een huis in de Gamersche straat zuidzijde te Zaltbommel voor f 5000.- van Arien Kool;
15-4-1800 door Peter de Gier en Christina van den Anker weder verkocht (Loofsignaat Zaltbommel).
12-5-1798, Bastiaen de Gier en Hendrina Glaudemans stellen zich borg voor ,hun zoon Peter, gehuwd met Christina
van den Anker, terzake Peter’s aanstelling tot collecteur der verponding over Bommel. (Loofsignaat Zaltbommel).
Bron: Nederlandse Leeuw 1943

Jaarboek te Saltbommel 19 aug 1795 nr. 4955
4 compagniën te zamen één battaillon.
De derde Compagnie "Broederschap, Kapitein Peter de Gier, Lieutenant F.de Lorme, vaandrig M. Schot.

30 maart 1796 nr. 551
Hage, den 29 maart 1796
Het tweede jaar der Bataafche Vrijheid

De algemene Vergadering voornoemd.
En in derzelfver naam (getekend)
Peter de Gier (Jonker). (Sebastianus de Gier is de zoon van Peter)

Bron:
Schatting van den lande van Gelre voor het Overkwartier en de Pieter Nikolaas van Doorninck 1903-333


Description: http://thevulture.nl/attachments/Image/Familie_de_Gier/Jonkheer_de_Gier/Dit_is_de_3e_neef_van_mijn_directe_voorouder_in_die_tijd_v____r_1795.png

Petrus Sebastiaans Peters de Gier is een 2e neef in de 7 graad van mij. 
(Zie bij: Familie_de_Gier/Jonkheer_de_Gier/Peter_Sebastiaans_de_Gier.png)

Description: http://thevulture.nl/attachments/Image/Familie_de_Gier/Jonkheer_de_Gier/Huwelijk_van_Mayken_de_Gier_en_Jonkr__Jan_van_Dorth__15-06-1630_te_Zaltbommel.jpg


Eind 18e eeuw werd men geen ridder meer en droeg men ook niet meer de titel van Heer als aanduiding daarvan. Maar als iemand jonker werd genoemd, werd hij wel als edel beschouwd. In een andere tak van jouw familie kwam dat misschien wel voor. (Marietje)
*

Notaris Daelveld 1758-1783

naam:

Jan de Gier

Datum document:

10/8/1778

Locaties:

's-Hertogenbosch

Beroep:

Notaris

Onderwerp:

Quitantie voor ontvangst legaat

Boeknummer:

3

Aktenummer:

497

Opmerkingen:

De vermelde persoon hoeft niet de hoofdpersoon binnen de akte te zijn.

Bron:

Archief van notaris Daelveld, 1758-1783

 

 

Wort davor: Adelbruder

Adelbursche
mnl., nhd. adelborst.

I
junger Mann aus dem Adel, Junker.

II
in der militärischen Sprache und Seemanssprache: Soldat im Range über den Gemeinen, aber unter den Chargen, Gefreiter.

III
unvollkommener Adel mit nur 4, 8, 16, nicht aber 32 Ahnen.



REPERTORIUM OP DE LENEN VAN DE HOFSTEDE
AMMERZODEN, 1388-1794

door

J.C. Kort


Eerder gepubliceerd in ‘Genealogisch Tijdschrift voor Midden- en West-Noord-Brabant


en de Bommelerwaard’, jrg. 33 en 34 (2009-2010)

Description: http://thevulture.nl/attachments/Image/Familie_de_Gier/REPERTORIUM_OP_DE_LENEN_VAN_DE_HOFSTEDE_AMMERZODEN__1388-1794.png

Aantekening: De hierboven beschreven familie "de Cock" en "de Gier" zijn beide mijn directe voorouders.
 

56. 
De (1402: wind)molen in Driel in de Kievitsham met molenwerf, (1414: waar hij
op staat
), (1414: huis en hofstede en 2 (1420: 4hont daarnaast, enerzijds: Rudolf
Knoop (1402: Gijsbert Wymat; 1414: Jan Wenmersz.; 1420: Wouter Egenz.),
anderzijds: Gerit Thams Andries grote Smeitsz. ( 1402: Berwijn Tonis; 1420: Jan
Maartensz. de Lose), (1414: 
met een weg van vier roeden breed, strekkend van de
molenwerf tot de hoeve van Uitwijk, tussen Jan Maartensz. c.s.
).
24-10-1390: 
Gerit de Ghier zoals van Ammerzoden, Leenhof Gelre, 1 fol. 28v.
12-12-1402: 
Pieter de Ghier heer Pietersz., Gelre, 1 fol. 116v.
7-7-1414: Pieter de Ghier, te komen op 
Heimerik en Hillezijn zoons, Leenhof Gelre, 1 fol.
212v.
21-3-1420: 
Heer Arnt de Ghier, waarna overdracht aan Heimerik en Hille de Ghier Pietersz.,
broers,
 zoals van Ammerzoden, Gelre, 1 fol. 232.

Het leen 56 verminderd tot 56A.
56A. De helft van de Kievitsham in Driel, 
waar de kleine windmolen op stond, oost
(1755: de gemene straat), west (1755: Gerard van Kessel en Jan van Lit), zuid
(1755: Cornelis Sars), noord (1755: erven Klaas Reuvers; 1755: Hendrik
Versteeg).

Aantekening: Zoals van Ammerzoden: REPERTORIUM OP DE LENEN VAN DE HOFSTEDE AMMERZODEN, 1388-1794 
d.w.z. dat het familie van elkaar moet zijn. Gerrit is dus wel degelijk familie van Pieter, Arnt, Heimerik en Hille de Ghier Pietersz. want deze 
hun zijn de enige personen met de achternaam de Ghier bij deze repertorium.

Notitie:

Het gaat om twee leengoederen,56 en het later daarvan afgesplitste 56A.
Je zou denken dat er danook een 56B moet zijn, maar dat blijkt niet zo te zijn.
Kennelijk bestonden die leengoederen uit meerdere percelen. In de achtereenvolgende beleningen worden daarover opmerkingen gemaakt en deze zijn hier opgenomen.
Omdat er nog geen kadaster bestond werd veelal de belending aangegeven: ten noorden dit, tenwesten dat, enz. Vreemd genoeg staat daarover bij 56. niet veel genoteerd. Bij 56A. weer wel.
4 hont= een stukje land van 4 hont oppervlak. De gemene straat = de gewone straat, de dorpsweg.
De verwijzingen Leenhof Gelre, soms verkort tot Gelre, verwijzen waarschijnlijk naar het archief van de Gelderse Leenkamer 0002-nummer 1, bij het
 Geldersch archief aanwezig en op te vragen.
Wat met ‘zoals van Ammerzoden’ wordt bedoeld is mij niet duidelijk. Misschien: ‘zoals de vorige leenman eveneens afkomstig van Ammerzoden’?

Eén ding is zeker: wij kunnen het de heer Jacob Kort himself niet meer vragen. Hij overleed eerder dit jaar. (2011)


Bron: Een medewerker van het Geldersch archief.

Mijn mening over Gerrit is dat hij waarschijnlijk de broer of een oom van Peter Pieterszn de Gier is.




De naam Sint Andries
Tijdens de Tachtigjarige oorlog rond 1599 bouwden de Spanjaarden Fort Sint Andries. Dit fort lag ten westen van Heerenwaarden, vlakbij de plaats waar later ook de sluis werd gebouwd. Het fort kreeg de naam Sint Andries, naar de waarnemend landvoogd, kardinaal Andreas van Oostenrijk.

Buurtschap Sint Andries
Sint Andries is de naam voor de buurtschap en voormalig militair fort gelegen in de gemeente Maasdriel in de Nederlandse provincie Gelderland. De buurtschap, bestaande uit een vijftal huizen, bevindt zich ten oosten van het fort en de sluis daar waar de rivieren Maas en Waal het dichtst bij elkaar komen. Vroeger stonden beide rivieren hier met elkaar in verbinding. 

Nieuw fort Sint Andries
Het Nieuw Fort St. Andries (ook wel Fort Nieuw Sint Andries genoemd) is een voormalig militair fort tussen Maas en Waal bij Heerewaarden. Het dateert uit 1812 en werd gebouwd ter vervanging van het (oude) Fort Sint-Andries uit 1599. Dit laatste fort ligt een paar honderd meter oostelijker van Nieuw Fort St. Andries. Het werd tijdens de Tachtigjarige Oorlog door de Spanjaarden gebouwd om zich te beschermen tegen de Hollanders. vanuit het fort in Heerewaarden hadden zij een perfect uitzicht over het rivierengebied.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd in het fort een kleine afdeling van de Duitse Luftwaffe gestationeerd. Later in de oorlog bezetten troepen van de 712e Duitse Infanteriedivisie het fort. In april 1945 werd het fort door de Duitsers opgeblazen, nadat de Engelse Royal Marines vanuit Kerkdriel en het Belgische 2e Bataljon Fusiliers vanuit Heerewaarden een aanval op het fort hadden ingezet. Op de Waaldijk staat het Hadwin & Stopher Memorial, een oorlogsmonument voor de gevallen soldaten.
Koude Oorog: In 1955 werd op het fort een luchtwachttoren van het Korps Luchtwachtdienst (KLD) gebouwd, luchtwachttoren 8E1 – Rossum. Deze betonnen raatbouwtoren was bedoeld om laagvliegende vliegtuigen waar te nemen, die lager vlogen dan de radar kon waarnemen. De toren was onderdeel van een netwerk van 276 uitkijkposten dat in de jaren vijftig van de 20e eeuw, ten tijde van de Koude Oorlog, over heel Nederland was ingericht. De luchtwachttoren is gebruikt tot 1964, toen het KLD werd inkrompen en de luchtwachttorens in dit deel van het land werden opgeheven.

In 2006 is de luchtwachttoren door eigenaar Staatsbosbeheer opgeknapt en voorzien van moderne stalen trappen en een nieuwe verdiepingsvloer. De toren is opengesteld als uitkijktoren voor bezoekers en kan dagelijks beklommen worden. Het fort, dat nu eigendom is van Staatsbosbeheer, heeft in 2007 een vernieuwde houten ophaalbrug en luchtwachttoren gekregen. Ook zijn de restanten van de poterne (een ondergrondse ruimte bij de ingang van het fort), het torenfort en de mitrailleurkazemat weer toegankelijk gemaakt. In de restanten van het torenfort hebben vleermuizen een winterverblijf. Ook komt er weer water in de sluis en de fortgracht.Fort Sint-Andries is vrij toegankelijk van zonsopgang tot zonsondergang.

De Sint Andries Sluizen
De sluis St. Andries is een schutsluis in het Kanaal van St. Andries tussen de Maas bij kilometerraai 209 en de Waal bij kilometerraai 926, tussen Sint Andries en Rossum. Vroeger stonden de rivieren hier met elkaar in open verbinding. De sluis is 110 meter lang, 14 meter breed. De hefdeuren kunnen tot +11,88 m NAP geheven worden. Over de sluis ligt een vaste brug van +13 m NAP. De sluis wordt op afstand bediend vanaf het sluizencomplex te Lith (Prinses Maxima Sluizen).
De Sint Andriessluis is niet ongevaarlijk. Opschutten is met name voor beginnelingen verraderlijk. Als na het invaren de deur achter het schip is gesloten, gaat kort een sirene en wordt de andere hefdeur iets getrokken, waardoor het water onder de deur door met enig geweld naar binnen kolkt. De sluis ligt naast het voormalig militair fort Nieuw Fort St. Andries uit 1812.

Het Kanaal van Sint Andries
Het kanaal van Sint Andries ligt tussen de Maas en de Waal in het Gelderse Rivierengebied bij Maasdriel. Zowel de beroepsvaart als de pleziervaart maakt gebruik van het kanaal. In het kanaal ligt de sluis van Sint Andries.

De sluis van Sint Andries
Kenmerken van de sluis van Sint Andries
Sluiskolk: 110 meter lang, 14 meter breed
Drempeldiepte aan de Maaszijde: 2 meter ten opzichte van NAP (nieuw Amsterdammer Peil)
Hoogte van de hefdeuren: 11,88 meter ten opzichte van NAP

Geschiedenis van het kanaal
Het kanaal van Sint Andries heeft niet altijd op deze plaats gelegen. Het eerste kanaal van Sint Andries (ook wel het ’Schanse Gat’) werd rond 1599 gegraven. Dit kanaal was eeuwenlang de belangrijkste verbinding tussen Waal en Maas. In 1856 werd het oude kanaal van Sint Andries afgesloten door de bouw van een schutsluis.
In de jaren 30 van de vorige eeuw werd de Maas gekanaliseerd. Hierdoor kwamen de drempels in de schutsluis van Sint Andries te hoog te liggen. Er kwam een nieuw kanaal met een dieper gelegen schutsluis. Dit is het huidige kanaal van Sint Andries.
Gegevens vaarweg Lengte: 2,13 kilometer Breedte vaargeul: Waalzijde circa 45 meter, aan de Maaszijde breder Diepte vaargeul: 3 meter ten opzichte van NAP Beroepsvaart-/CEMT-klasse: Va Groot Rijnschip, eenbaksduwstel; maximaal toegestane afmetingen: lengte 110 meter; breedte 13 meter; diepgang 3,5 meter
Aansluitende vaarwegen: Maas, Waal

Bronnen en extra informatie
Meer informatie over Fort Sint Andries wikipedia.nl
Rivierenland
Rijkswaterstaat

08a nieuw fort sint andries
De resten van Fort Sint Andries. Overgroeid maar goed te zien.
09 fort st andries
Een spannende locatie. De natuur kan zijn gang gaan.
10 nieuw fort st andries
Helaas is het fort in slechte staat en is het deels afgesloten. Je kunt er omheen lopen maar er ingaan is gevaarlijk en verboden.
11 fort nieuw st andries 12 fort nieuw sint adries
Duidelijk zichtbaar dat je hier een stuk steen op je hoofd kunt krijgen.
13 fort sint andries 1812 08 st andries fort
Toen ik er was werd een deel van het fort als geitenboerderij gebruikt.
07 st andries fort 06 fort sint andries
De prachtige omgeving wandelroute sint andries langs de Waal vanaf Rossum.

De sluis van Sint Andries. Leuk om even te stoppen en naar de bootjes te kijken.
   02 sluis st andries




Welkom / This site is always under construction
Torah, Wet, Instructies, Geboden
Feesten van YHWH
Dagelijks Woord
Afgoden feesten
Mijn nieuws kanalen