Familie
de Gier
Welkom / This site is always under construction
Torah, Wet, Instructies, Geboden
Feesten van YHWH
Dagelijks Woord
Afgoden feesten
Mijn nieuws kanalen
Eindtijd 2

Jezus: Koning der Koningen.

Zijn titels zullen Zijn: <><
Wonderbare Raadgever, Machtige God, Vader der eeuwen, Vorst van Vrede.

Daniël 12: 11 is uitgekomen.



Walid Shoebat, endtimes
Walid shoebat 2012 Endtimes Prophecy
Something Strange Is Going On - Rapture Is Imminent!
Right Before The End
End times, chaos,last chance, terror, strange things in the sky.flv
Banned Episode: Conspiracy Theory with Jesse Ventura - Police State
We are Preparing for Massive Civil War, Says DHS Informant
Proof we are the Last Generation on Earth
Church of Holy Sepulchre

Vatican,Third Temple,United Nations, Mark of the Beast, Al-mahdi/Anti Christ
(Wordt wakker want Jezus komt eraan voor de eerste opstanding).
 
Bible Prophecy Moab and Ammon (Isaiah 15)
THE REAL MEANING OF BAPHOMET AND THE 5 POINT STAR
Project Blue Beam, what you need to know!!
Endtime News Updates 11-16-12
Dutch New World Order 'FEMA' camp torn down.
fema kampen
2012-2013 Prophecies fulfilled.. MUST SEE!!!
The Book of Revelation—Unlocked! (Part 1)




Op mijn site loopt niets in tijdlijn m.a.w. ik knip en plak continue ook van andere websites.

Openbaringen 2: 9
Ik weet uw werken, en
verdrukking, en armoede (doch gij zijt rijk), en de lastering dergenen, die zeggen, dat zij Joden zijn, en zijn het niet, maar zijn een synagoge des satans.

Openbaringen 2:10
Vrees geen der dingen, die gij lijden zult. Ziet, de duivel zal enigen van ulieden in de gevangenis werpen, opdat gij verzocht wordt; en gij zult een verdrukking hebben van tien dagen.
Zijt getrouw tot den dood, en Ik zal u geven de kroon des levens.


Eindtijd


The Book of Revelation—Unlocked! (Part 1)

 

Hosea 4

4
God bedreigt Israël ernstig. Juda wordt gewaarschuwd
Hoort des HEEREN woord, gij kinderen Israëls! want de HEERE heeft een twist met de inwoners des lands, omdat er geen trouw, en geen weldadigheid, en geen kennis van God in het land is;
4
Tegen ontrouwe priesters en een ontrouw volk
Hoort het woord des HEREN, gij Israëlieten, want de HERE heeft een rechtsgeding met de bewoners van het land, omdat er geen trouw, geen liefde en geen kennis Gods is in het land.
Maar vloeken en liegen, en doodslaan, en stelen, en overspel doen; zij breken door, en bloedschulden raken aan bloedschulden.
Vloeken, liegen, moorden, stelen en echtbreken! Men pleegt geweld, bloedbad volgt op bloedbad.
Daarom zal het land treuren, en een iegelijk, die daarin woont, kwelen, met het gedierte des velds, en met het gevogelte des hemels; ja, ook de vissen der zee zullen weggeraapt worden.
Daarom treurt het land, en al wat erin woont verkwijnt, zowel het gedierte des velds als het gevogelte des hemels; ja, zelfs de vissen der zee komen om.



One World Trade Centre in New York anno 2012.
Zie je het gebouw is in een 3 hoek vorm gebouwd.... The Idol of Terror "Daniël 12:11"
ALERT! PROOF The Biggest EVENT in History is About to Happen!!!

Signature beam placed atop One World Trade Center

 

Thu Aug 2, 2012 4:40pm EDT

Aug 2 (Reuters) - A horizontal steel beam signed by President Barack Obama -- and about 100 construction

workers --was hoisted from street level and installed on the 104th floor of New York City's One World Trade Center on Thursday.

Two workers, James Brady and Billy Geoghan, whose safety harnesses were attached first to two exterior columns and then to the white-painted beam itself, set the 35-foot long (10.7 meters), 11,000-pound (4,990 kilos) support beam in place, some 1,335 feet (407 meters) above ground level.

"You've just got to pay attention, look at your partner," said Geoghan, who plans to get married in two days. "You get used to it; you get to be very comfortable," he added.

The entire beam, including the signatures, will be covered with at least an inch of concrete that will be sprayed as fireproofing. Then the support will be hidden from view, like many of its peers, behind an interior wall for as long as One World Trade Center stands.

"It will be part of the fabric of the strongest building in the world," said Steven Plate, director of World Trade Center construction for the Port Authority of New York and New Jersey.

The Port Authority is rebuilding Ground Zero, where nearly 3,000 perished on Sept. 11, 2001, with a memorial, a transit hub, a performing arts center, and four office towers.

The president and first lady Michelle Obama in June toured One World Trade Center, which will be the tallest office building in the Western Hemisphere when it is finished in early 2014, and inscribed the steel beam.

Obama wrote: "We remember, we rebuild, we come back stronger!" followed by his signature.

The design of One World Trade Center was overhauled to satisfy security concerns raised by the New York City Police Department, and its builders say exceptional measures have been taken to ensure its safety, including building separate safety staircases for firefighters, if needed.

"It's almost near the end. I was here as a first responder -- that pretty much says it all," said Kevin Flynn, an ironworker who signed the beam along with a number of Port Authority police officers.

Deuteronomiun 4.
19 En als u omhoog kijkt en de zon, de maan en de sterren ziet, al die lichten aan de hemel, laat u er dan niet toe verleiden daarvoor neer te knielen en te vereren wat de HEER, uw God, voor de andere volken op aarde heeft bestemd.
19 Dat gij ook uw ogen niet opheft naar den hemel, en aanziet de zon, en de maan, en de sterren, des hemels ganse heir; en wordt aangedreven, dat gij u voor die buigt, en hen dient; dewelke de HEERE, uw God, aan alle volken onder den gansen hemel heeft uitgedeeld.
Dit gaat over de gevallen engelen (met aardse vrouwen) hun kinderen de Nephelims (Aliens) die zich voordoen als Goden.


 

Matteüs 24

24
Verwoesting van Jeruzalem voorzegd; begin der smarten
En Jezus ging uit en vertrok van den tempel; en Zijn discipelen kwamen bij Hem, om Hem de gebouwen des tempels te tonen.
24
Rede over de laatste dingen
En Jezus ging de tempel uit en vertrok. En zijn discipelen kwamen tot Hem om Hem op de gebouwen van de tempel te wijzen.
En Jezus zeide tot hen: Ziet gij niet al deze dingen? Voorwaar zeg Ik: Hier zal niet een steen op den anderensteen gelaten worden, die niet afgebroken zal worden.
En Hij antwoordde en zeide tot hen: Ziet gij dit alles niet? Voorwaar, Ik zeg u, er zal hier geen steen op de andere gelaten worden, die niet zal worden weggebroken.
En als Hij op den Olijfberg gezeten was, gingen de discipelen tot Hem alleen, zeggende: Zeg ons, wanneer zullen deze dingen zijn, en welk zal het teken zijn van Uw toekomst, en van de voleinding der wereld?
Toen Hij op de Olijfberg gezeten was, kwamen zijn discipelen alleen tot Hem en zeiden: Zeg ons wanneer zal dat geschieden, en wat is het teken van uw komst en van de voleinding der wereld?
En Jezus, antwoordende, zeide tot hen: Ziet toe, dat u niemand verleide.
En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Ziet toe, dat niemand u verleide!
Want velen zullen komen onder Mijn Naam, zeggende: Ik ben de Christus; en zij zullen velen verleiden.
Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben de Christus, en zij zullen velen verleiden.
En gij zult horen van oorlogen, en geruchten van oorlogen; ziet toe, wordt niet verschrikt; want al die dingen moeten geschieden, maar nog is het einde niet.
Ook zult gij horen van oorlogen en van geruchten van oorlogen. Ziet toe, weest niet verontrust; want dat moet geschieden, maar het einde is het nog niet.
Want het ene volk zal tegen het andere volk opstaan, en het ene koninkrijk tegen het andere koninkrijk; en er zullen zijn hongersnoden, en pestilentiën, en aardbevingen in verscheidene plaatsen.
Want volk zal opstaan tegen volk, en koninkrijk tegen koninkrijk, en er zullen nu hier, dan daar, hongersnoden en aardbevingen zijn.
Doch al die dingen zijn maar een beginsel der smarten.
Doch dat alles is het begin der weeën.
Alsdan zullen zij u overleveren in verdrukking, en zullen u doden, en gij zult gehaat worden van alle volken, om Mijns Naams wil.
Dan zullen zij u overleveren aan verdrukking en zij zullen u doden, en gij zult door alle volken gehaat worden om mijns naams wil.
10 En dan zullen er velen geërgerd worden, en zullen elkander overleveren, en elkander haten.
10 En dan zullen velen ten val komen en zij zullen elkander overleveren en elkander haten.
11 En vele valse profeten zullen opstaan, en zullen er velen verleiden.
11 En vele valse profeten zullen opstaan en velen zullen zij verleiden.
12 En omdat de ongerechtigheid vermenigvuldigd zal worden, zo zal de liefde van velen verkouden.
12 En omdat de wetsverachting toeneemt, zal de liefde van de meesten verkillen.
13 Maar wie volharden zal tot het einde, die zal zalig worden.
13 Maar wie volhardt tot het einde, die zal behouden worden.
14 En dit Evangelie des Koninkrijks zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis allen volken; en dan zal het einde komen.
De grote verdrukking
14 En dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn.
15 Wanneer gij dan zult zien den gruwel der verwoesting, waarvan gesproken is door Daniël, den profeet, staande in de heilige plaats; (die het leest, die merke daarop!)
15 Wanneer gij dan de gruwel der verwoesting, waarvan door de profeet Daniël gesproken is, op de heilige plaats ziet staan – wie het leest, geve er acht op – laten dan wie in Judea zijn,
16 Dat alsdan, die in Judéa zijn, vlieden op de bergen;
16 vluchten naar de bergen.
17 Die op het dak is, kome niet af, om iets uit zijn huis weg te nemen;
17 Wie op het dak is, ga niet naar beneden om zijn huisraad mede te nemen, en wie in het veld is,
18 En die op den akker is, kere niet weder terug, om zijn klederen weg te nemen.
18 kere niet terug om zijn kleed mede te nemen.
19 Maar wee den bevruchten en den zogenden vrouwen in die dagen!
19 Wee de zwangeren en de zogenden in die dagen.
20 Doch bidt, dat uw vlucht niet geschiede des winters, noch op een sabbat.
20 Bidt, dat uw vlucht niet in de winter valle en niet op een sabbat.
21 Want alsdan zal grote verdrukking wezen, hoedanige niet is geweest van het begin der wereld tot nu toe, en ook niet zijn zal.
21 Want er zal dan een grote verdrukking zijn, zoals er niet geweest is van het begin der wereld tot nu toe en ook nooit meer wezen zal.
22 En zo die dagen niet verkort werden, geen vlees zou behouden worden; maar om der uitverkorenen wil zullen die dagen verkort worden.
22 En indien die dagen niet ingekort werden, zou geen vlees behouden worden; doch ter wille van de uitverkorenen zullen die dagen worden ingekort.
23 Alsdan, zo iemand tot ulieden zal zeggen: Ziet, hier is de Christus, of daar, gelooft het niet.
23 Indien dan iemand tot u zegt: Zie, hier is de Christus, of: Hier, gelooft het niet.
24 Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan, en zullen grote tekenen en wonderheden doen, alzo dat zij (indien het mogelijk ware) ook de uitverkorenen zouden verleiden.
24 Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan en zij zullen grote tekenen en wonderen doen, zodat zij, ware het mogelijk, ook de uitverkorenen zouden verleiden.
25 Ziet, Ik heb het u voorzegd!
25 Zie, Ik heb het u voorzegd.
26 Zo zij dan tot u zullen zeggen: Ziet, hij is in de woestijn; gaat niet uit; Ziet, hij is in de binnenkameren; gelooft het niet.
26 Indien men dan tot u zegt: Zie, Hij is in de woestijn, gaat er niet heen; zie, Hij is in de binnenkamer, gelooft het niet.
27 Want gelijk de bliksem uitgaat van het oosten, en schijnt tot het westen, alzo zal ook de toekomst van den Zoon des mensen wezen.
27 Want gelijk de bliksem komt van het oosten en licht tot het westen, zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn.
28 Want alwaar het dode lichaam zal zijn, daar zullen de arenden vergaderd worden.
De komst van Christus
28 Waar het aas is, daar zullen de gieren zich verzamelen.
29 En terstond na de verdrukking dier dagen, zal de zon verduisterd worden, en de maan zal haar schijnsel niet geven, en de sterren zullen van den hemel vallen, en de krachten der hemelen zullen bewogen worden.
29 Terstond na de verdrukking dier dagen zal de zon verduisterd worden en de maan zal haar glans niet geven en de sterren zullen van de hemel vallen en de machten der hemelen zullen wankelen.
30 En alsdan zal in den hemel verschijnen het teken van den Zoon des mensen; en dan zullen al de geslachten der aarde wenen, en zullen den Zoon des mensen zien, komende op de wolken des hemels, met grote kracht en heerlijkheid.
30 En dan zal het teken van de Zoon des mensen verschijnen aan de hemel en dan zullen alle stammen der aarde zich op de borst slaan en zij zullen de Zoon des mensen zien komen op de wolken des hemels, met grote macht en heerlijkheid.
31 En Hij zal Zijn engelen uitzenden met een bazuin van groot geluid, en zij zullen Zijn uitverkorenen bijeenvergaderen uit de vier winden, van het ene uiterste der hemelen tot hetandere uiterste derzelve.
31 En Hij zal zijn engelen uitzenden met luid bazuingeschal en zij zullen zijn uitverkorenen verzamelen uit de vier windstreken, van het ene uiterste der hemelen tot het andere.
32 En leert van den vijgeboom deze gelijkenis: wanneer zijn tak nu teder wordt, en de bladeren uitspruiten, zo weet gij, dat de zomer nabij is.
32 Leert dan van de vijgeboom deze les: Wanneer zijn hout reeds week wordt en de bladeren doet uitspruiten, weet gij daaraan, dat de zomer nabij is.
33 Alzo ook gijlieden, wanneer gij al deze dingen zult zien, zo weet, dat het nabij is, voor de deur.
33 Zo moet ook gij, wanneer gij dit alles ziet, weten, dat het nabij is, voor de deur.
34 Voorwaar, Ik zeg u: Dit geslacht zal geenszins voorbijgaan, totdat al deze dingen zullen geschied zijn.
34 Voorwaar, Ik zeg u, dit geslacht zal geenszins voorbijgaan, voordat dit alles geschiedt.
35 De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen geenszins voorbijgaan.
Vermaning tot waakzaamheid
35 De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar mijn woorden zullen geenszins voorbijgaan.
36 Doch van dien dag en die ure weet niemand, ook niet de engelen der hemelen, dan Mijn Vader alleen.
36 Doch van die dag en van die ure weet niemand, ook de engelen der hemelen niet, ook de Zoon niet, maar de Vader alleen.
37 En gelijk de dagen van Noach waren, alzo zal ook zijn de toekomst van den Zoon des mensen.
37 Want zoals het was in de dagen van Noach, zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn.
38 Want gelijk zij waren in de dagen voor den zondvloed, etende en drinkende, trouwende en ten huwelijk uitgevende, tot den dag toe, in welken Noach in de ark ging;
38 Want zoals zij in [die] dagen vóór de zondvloed waren, etende en drinkende, huwende en ten huwelijk gevende, tot op de dag, waarop Noach in de ark ging,
39 En bekenden het niet, totdat de zondvloed kwam, en hen allen wegnam; alzo zal ook zijn de toekomst van den Zoon des mensen.
39 en zij niets bemerkten, eer de zondvloed kwam en hen allen wegnam, zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn.
40 Alsdan, zullen er twee op den akker zijn, de een zal aangenomen, en de ander zal verlaten worden.
40 Dan zullen er twee in het veld zijn, één zal aangenomen worden en één achtergelaten worden;
41 Er zullen twee vrouwen malen in den molen, de ene zal aangenomen, en de andere zal verlaten worden.
41 twee vrouwen zullen aan het malen zijn met de molen, één zal aangenomen worden, en één achtergelaten worden.
42 Waakt dan; want gij weet niet, in welke ure uw Heere komen zal.
42 Waakt dan, want gij weet niet, op welke dag uw Here komt.
43 Maar weet dit, dat zo de heer des huizes geweten had, in welke nachtwake de dief komen zou, hij zou gewaakt hebben, en zou zijn huis niet hebben laten doorgraven.
43 Maar weet dit: Als de heer des huizes geweten had, in welke nachtwaak de dief zou komen, hij zou gewaakt hebben en in zijn huis niet hebben laten inbreken.
44 Daarom, zijt ook gij bereid; want in welke ure gij het niet meent, zal de Zoon des mensen komen.
Gelijkenis van de twee dienstknechten
44 Daarom, weest ook gij bereid, want op een uur, dat gij het niet verwacht, komt de Zoon des mensen.
45 Wie is dan de getrouwe en voorzichtige dienstknecht, denwelken zijn heer over zijn dienstboden gesteld heeft, om hunlieder hun voedsel te geven ter rechter tijd?
45 Wie is dan de trouwe en verstandige slaaf, die de heer over zijn dienstvolk gesteld heeft om hun op tijd hun voedsel te geven?
46 Zalig is die dienstknecht, welken zijn heer, komende, zal vinden alzo doende.
46 Zalig die slaaf, die zijn heer bij zijn komst zó bezig zal vinden.
47 Voorwaar, Ik zeg u, dat hij hem zal zetten over al zijn goederen.
47 Voorwaar, Ik zeg u, dat hij hem over al zijn bezit zal stellen.
48 Maar zo die kwade dienstknecht in zijn hart zou zeggen: Mijn heer vertoeft te komen;
48 Maar als die slaaf slecht was, en in zijn hart zou zeggen:
49 En zou beginnen zijn mededienstknechten te slaan, en te eten en te drinken met de dronkaards;
49 Mijn heer blijft uit, en hij zou beginnen zijn medeslaven te slaan en met de dronkaards zou eten en drinken,
50 Zo zal de heer van dezen dienstknecht komen ten dage, in welken hij hem niet verwacht, en ter ure, die hij niet weet;
50 dan zal de heer van die slaaf komen op een dag, dat hij het niet verwacht, en op een uur,
51 En zal hem afscheiden, en zijn deel zetten met de geveinsden; daar zal wening zijn en knersing der tanden.
51 dat hij het niet weet, en hij zal hem folteren en hem in het lot der huichelaars doen delen. Daar zal het geween zijn en het tandengeknars.


Daniël 12

12
In die tijd zal Michaël opstaan, de grote vorst, die de kinderen van je volk terzijde staat. Het zal een tijd van verdrukking zijn, zoals er niet geweest is sinds er volken bestaan. In die tijd zal je volk worden gered: allen die in het boek zijn opgetekend.
12
De verzegelde woorden
En te dier tijd zal Michaël opstaan, die grote vorst, die voor de kinderen uws volks staat, als het zulk een tijd der benauwdheid zijn zal, als er niet geweest is, sinds dat er een volk geweest is, tot op dienzelven tijd toe; en te dier tijd zal uw volk verlost worden, al wie gevonden wordt geschreven te zijn in het boek.
Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd.
En velen van die, die in het stof der aarde slapen, zullen ontwaken, dezen ten eeuwigen leven, en genen tot versmaadheden, en tot eeuwige afgrijzing.
3 De verlichten zullen stralen als het fonkelende hemelgewelf, en degenen die velen tot gerechtigheid hebben gebracht als de sterren, voor eeuwig en altijd.
De leraars nu zullen blinken, als de glans des uitspansels, en die er velen rechtvaardigen, gelijk de sterren, altoos en eeuwiglijk.
Maar houd deze woorden geheim, Daniël, en verzegel het boek tot de eindtijd. Velen zullen op zoek gaan en de kennis zal toenemen.’
En gij, Daniël! sluit deze woorden toe, en verzegel dit boek, tot den tijd van het einde; velen zullen het naspeuren, en de wetenschap zal vermenigvuldigd worden.
Toen zag ik, Daniël, twee anderen staan, de ene aan deze oever van de rivier, de andere aan de overkant.
En ik, Daniël, zag, en ziet, er stonden twee anderen, de een aan deze zijde van den oever der rivier, en de ander aan gene zijde van den oever der rivier.
Een van hen zei tegen de in linnen geklede man die zich boven het water van de rivier bevond: ‘Hoe lang duurt het tot het einde van deze wonderbaarlijke gebeurtenissen?’
En hij zeide tot den Man, bekleed met linnen, Die boven op het water der rivier was: Tot hoe lang zal het zijn, dat er een einde van deze wonderen zal wezen?
Daarop hoorde ik de in linnen geklede man die zich boven het water van de rivier bevond spreken. Hij hief beide handen op naar de hemel en zwoer bij de eeuwig Levende: ‘Eén tijd, een dubbele en een halve tijd:wanneer de macht van het heilige volk niet langer verbrijzeld zal worden, dan zullen al deze dingen zich hebben voltrokken.’
En ik hoorde dien Man, bekleed met linnen, Die boven op het water van de rivier was, en Hij hief Zijn rechter- en Zijn linkerhand op naar den hemel, en zwoer bij Dien, Die eeuwiglijk leeft, dat na een bestemden tijd, bestemde tijden, en een helft, en als Hij zal voleind hebben te verstrooien de hand des heiligen volks, al deze dingen voleind zullen worden.
Ik hoorde het, maar begreep het niet en zei: ‘Mijn heer, hoe zal dit alles aflopen?’
Dit hoorde ik, doch ik verstond het niet; en ik zeide: Mijn Heere! wat zal het einde zijn van deze dingen?
Maar hij zei: ‘Ga heen, Daniël, want deze dingen blijven verborgen en verzegeld tot de eindtijd.
En Hij zeide: Ga henen, Daniël! want deze woorden zijn toegesloten en verzegeld tot den tijd van het einde.
10 Velen zullen zich laten reinigen, zuiveren en louteren, maar de wettelozen zullen wetteloos handelen; en geen van de wettelozen zal het begrijpen, maar de verlichten zullen het wel begrijpen.
10 Velen zullen er gereinigd en wit gemaakt, en gelouterd worden; doch de goddelozen zullen goddelooslijk handelen, en geen van de goddelozen zullen het verstaan, maar de verstandigen zullen het verstaan.
11 En vanaf het moment dat het dagelijks offer wordt afgeschaft en een verwoesting brengend afgodsbeeld is opgericht, zullen er twaalfhonderdnegentig dagen verstrijken.
11 En van dien tijd af, dat het gedurig offer zal weggenomen, en de verwoestende gruwel zal gesteld zijn, zullen zijn duizend tweehonderd en negentig dagen.
12 Gelukkig is de mens die blijft wachten en dertienhonderdvijfendertig dagen bereikt.
12 Welgelukzalig is hij, die verwacht en raakt tot duizend driehonderd vijf en dertig dagen.
13 Maar jij, ga het einde tegemoet. Je zult te ruste gaan en aan het einde van de dagen opstaan om je bestemming te bereiken.’
13 Maar gij, ga henen tot het einde, want gij zult rusten, en zult opstaan in uw lot, in het einde der dagen.


Daniël 12
 En velen van die, die in het stof der aarde slapen, zullen ontwaken, dezen ten eeuwigen leven, en genen tot versmaadheden, en tot eeuwige afgrijzing. 

De eerste opstanding.


Daniël 9

9
Openbaring aan Daniël over de zeventig weken
In het eerste jaar nadat Darius, zoon van Xerxes en Mediër van geboorte, tot koning was gekroond over het rijk van de Chaldeeën,
9
Gebed van Daniël
In het eerste jaar van Daríus, den zoon van Ahasvéros, uit het zaad der Meden, die koning gemaakt was over het koninkrijk der Chaldeeën;
in het eerste jaar van zijn koningschap, leidde ik, Daniël, uit de boeken af hoeveel jaren het zou duren voordat de puinhopen van Jeruzalem verdwenen zouden zijn. Zoals deHEER aan de profeet Jeremia had gezegd, waren dat er zeventig.
In het eerste jaar zijner regering, merkte ik, Daniël, in de boeken, dat het getal der jaren, van dewelke het woord des HEEREN tot den profeet Jeremía geschied was, in het vervullen der verwoestingen van Jeruzalem, zeventig jaren was.
Ik wendde mij tot God, de Heer, en gaf me over aan gebed en smeekbeden, al vastend en rouwend.
En ik stelde mijn aangezicht tot God, den Heere, om Hemte zoeken met het gebed, en smekingen, met vasten, en zak, en as.
Ik bad tot de HEER, mijn God, en beleed schuld: ‘Heer, grote en geduchte God, die zijn beloften nakomt en trouw is aan wie hem liefhebben en doen wat hij gebiedt;
4 Ik bad dan tot den HEERE, mijn God, en deed belijdenis, en zeide: Och Heere! Gij grote en verschrikkelijke God, Die het verbond en de weldadigheid houdt dien, die Hem liefhebben en Zijn geboden houden.
wij hebben gezondigd en ons misdragen. Wij zijn slecht en opstandig geweest, wij zijn van uw geboden en regels afgeweken
Wij hebben gezondigd, en hebben onrecht gedaan, en goddelooslijk gehandeld, en gerebelleerd, met af te wijken van Uw geboden, en van Uw rechten.
en wij hebben niet geluisterd naar uw dienaren, de profeten, die in uw naam tot onze koningen, onze vorsten, onze oudsten en tot het hele volk gesproken hebben.
En wij hebben niet gehoord naar Uw dienstknechten, de profeten, die in Uw Naam spraken tot onze koningen, onze vorsten en onze vaders, en tot al het volk des lands.
U, Heer, staat in uw recht, maar tot op deze dag staat de schaamte ons op het gezicht, ons, de mannen van Juda, de inwoners van Jeruzalem, alle Israëlieten, of ze nu dichtbij zijn of ver weg, in alle landen waarheen u hen hebt verdreven vanwege hun ontrouw jegens u.
Bij U, o Heere! is de gerechtigheid, maar bij ons de beschaamdheid der aangezichten, gelijk het is te dezen dage; bij de mannen van Juda, en de inwoners van Jeruzalem, en geheel Israël, die nabij en die verre zijn, in al de landen, waar Gij ze henengedreven hebt, om hun overtreding, waarmede zij tegen U overtreden hebben.
HEER, ons en onze koningen, onze vorsten en onze oudsten staat de schaamte op het gezicht, omdat wij tegen u gezondigd hebben.
O Heere! bij ons is de beschaamdheid der aangezichten, bij onze koningen, bij onze vorsten, en bij onze vaders, omdat wij tegen U gezondigd hebben.
De Heer, onze God, is vol erbarmen en vergeving, hoewel wij tegen hem in opstand zijn gekomen
Bij den Heere, onzen God, zijn de barmhartigheden en vergevingen, alhoewel wij tegen Hem gerebelleerd hebben.
10 en niet hebben geluisterd naar de HEER, onze God. We hebben de lessen die hij ons door zijn dienaren, de profeten, heeft laten leren in de wind geslagen.
10 En wij hebben der stem des HEEREN, onzes Gods, niet gehoorzaamd, dat wij in Zijn wetten wandelen zouden, die Hij gegeven heeft voor onze aangezichten, door de hand van Zijn knechten, de profeten.
11 Alle Israëlieten hebben uw wet overtreden, zijn daarvan afgeweken en hebben niet naar u geluisterd. De met een eed bekrachtigde vervloekingen die opgetekend staan in de wet van Mozes, de dienaar van God, zijn over ons uitgestort, want wij hebben tegen u gezondigd.
11 Maar geheel Israël heeft Uw wet overtreden, met af te wijken, dat zij Uwer stem niet gehoorzaamden; daarom is over ons uitgestort die vloek, en die eed, die geschreven is in de wet van Mozes, den knecht Gods, dewijl wij tegen Hem gezondigd hebben.
12 God heeft groot onheil over ons gebracht en het dreigement uitgevoerd dat hij tegen ons en onze leiders had geuit; in de hele wereld is nog niet gebeurd wat Jeruzalem is overkomen.
12 En Hij heeft Zijn woorden bevestigd, die Hij gesproken heeft tegen ons, en tegen onze richters, die ons richtten, brengende over ons een groot kwaad, hetwelk niet geschied is onder den gansen hemel, gelijk aan Jeruzalem geschied is.
13 Het kwaad dat over ons gekomen is, staat al beschreven in de wet van Mozes, en toch hebben wij de HEER, onze God, niet gunstig gestemd door afstand te nemen van onze overtredingen en uw waarheid in acht te nemen.
13 Gelijk als in de wet van Mozes geschreven is, alzo is al dat kwaad over ons gekomen; en wij smeekten het aangezicht des HEEREN, onzes Gods, niet, afkerende van onze ongerechtigheden, en verstandelijk acht gevende op Uw waarheid.
14 Welbewust bracht de HEER onheil over ons, want de HEER, onze God, is rechtvaardig in alles wat hij doet, maar wij hebben niet naar hem geluisterd.
14 Daarom heeft de HEERE over het kwade gewaakt, en Hij heeft het over ons gebracht; want de HEERE, onze God, is rechtvaardig in al Zijn werken, die Hij gedaan heeft, dewijl wij Zijner stem niet gehoorzaamden.
15 Nu dan, Heer, onze God, die uw volk met krachtige hand uit Egypte hebt weggeleid en daarmee uw naam hebt gevestigd tot op deze dag – wij hebben gezondigd, wij hebben ons misdragen.
15 En nu, o Heere, onze God! Die Uw volk uit Egypteland gevoerd hebt, met een sterke hand, en hebt U een Naam gemaakt, gelijk hij is te dezen dage; wij hebben gezondigd, wij zijn goddeloos geweest.
16 Heer, u bent rechtvaardig, bevrijd toch uw stad Jeruzalem, uw heilige berg, van uw hevige toorn; want om onze zonden en om de overtredingen van onze voorouders worden Jeruzalem en uw volk te schande gemaakt bij alle volken om ons heen.
16 O Heere! naar al Uw gerechtigheden, laat toch Uw toorn en Uw grimmigheid afgekeerd worden van Uw stad Jeruzalem, Uw heiligen berg; want om onzer zonden wil en om onzer vaderen ongerechtigheden, zijn Jeruzalem en Uw volk tot versmaadheid bij allen, die rondom ons zijn.
17 Luister daarom, onze God, naar het gebed en de smeekbeden van uw dienaar en zie uw verwoeste heiligdom met mededogen aan, ook omwille van uzelf.
17 En nu, o onze God! hoor naar het gebed Uws knechts, en naar zijn smekingen; en doe Uw aangezicht lichten over Uw heiligdom, dat verwoest is; om des Heeren wil.
18 Geef, mijn God, gehoor aan ons en luister naar ons; open uw ogen en zie de verwoesting van de stad waaraan uw naam verbonden is. Niet omdat wij rechtvaardig zouden hebben gehandeld leggen wij onze smeekbeden aan u voor, maar omdat uw barmhartigheid groot is.
18 Neig Uw oor, mijn God! en hoor, doe Uw ogen op, en zie onze verwoestingen, en de stad, die naar Uw Naam genoemd is; want wij werpen onze smekingen voor Uw aangezicht niet neder op onze gerechtigheden, maar op Uw barmhartigheden, die groot zijn.
19 Heer, luister naar ons! Heer, vergeef ons! Heer, verhoor ons gebed! Wacht niet langer en grijp in, mijn God, ook omwille van uzelf, want uw naam is verbonden aan uw stad en aan uw volk.’
19 O Heere, hoor! o Heere, vergeef! o Heere, merk op en doe het, vertraag het niet! Om Uws Zelfs wil, o mijn God! Want Uw stad, en Uw volk is naar Uw Naam genoemd.
20 Terwijl ik nog sprak en bad, mijn zonde en de zonde van mijn volk Israël beleed, en mijn smeekbede omwille van de heilige berg van mijn God richtte tot de HEER, mijn God,
20 Als ik nog sprak, en bad, en beleed mijn zonde, en de zonde mijns volks van Israël, en mijn smeking nederwierp voor het aangezicht des HEEREN, mijns Gods, om des heiligen bergs wil mijns Gods;
21 terwijl ik mijn gebed nog uitsprak, vloog de man Gabriël, die ik eerder in het visioen had gezien, snel naar mij toe. Het was de tijd van het avondoffer.
21 Als ik nog sprak in het gebed, zo kwam de man Gabriël, dien ik in het begin in een gezicht gezien had, snellijk gevlogen, mij aanrakende, omtrent den tijd des avondoffers.
22 Hij begon mij uitleg te geven. Hij zei: ‘Daniël, ik ben nu gekomen om je een helder inzicht te geven.
22 En hij onderrichtte mij en sprak met mij, en zeide: Daniël! nu ben ik uitgegaan, om u den zin te doen verstaan.
23 Er is een woord uitgegaan toen je je smeekbede begon en ik ben gekomen om het over te brengen, want je bent zeer geliefd. Luister naar het woord en sla acht op het visioen.
23 In het begin uwer smekingen is het woord uitgegaan, en ik ben gekomen, om u dat te kennen te geven; want gij zijt een zeer gewenst man; versta dan dit woord, en merk op dit gezicht.
De zeventig weken
24 Zeventig weken zijn vastgesteld voor je volk en je heilige stad, voordat aan de overtredingen een einde komt en de zonden zijn afgesloten, voordat het wangedrag is vergolden en eeuwige gerechtigheid is gebracht, voordat het profetisch visioen bezegeld is en het allerheiligste gewijd.
24 Zeventig weken zijn bestemd over uw volk, en over uw heilige stad, om de overtreding te sluiten, en om de zonden te verzegelen, en om de ongerechtigheid te verzoenen, en om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen, en om het gezicht, en den profeet te verzegelen, en om de heiligheid der heiligheden te zalven.
25 Je moet weten en begrijpen: Vanaf het ogenblik waarop het woord is uitgegaan dat Jeruzalem hersteld en weer opgebouwd zal worden tot het tijdstip waarop een gezalfde vorst verschijnt, zullen zeven weken verstrijken; en het herstel en de wederopbouw van de stad, met pleinen en wallen en al, zal tweeënzestig weken duren, en het zal een tijd van verdrukking zijn.
25 Weet dan, en versta: van den uitgang des woords, om te doen wederkeren, en om Jeruzalem te bouwen, tot op Messias, den Vorst, zijn zeven weken, en twee en zestig weken; de straten, en de grachten zullen wederom gebouwd worden, doch in benauwdheid der tijden.
26 Na de tweeënzestig weken zal een gezalfde worden vermoord, zonder dat iemand het voor hem opneemt. Het volk van een toekomstige vorst zal verderf brengen over de stad en het heiligdom. Hij zal zijn einde vinden in een overstroming. Tot aan het einde van de strijd zullen er verwoestingen zijn, zoals is vastgesteld.
26 En na die twee en zestig weken zal de Messias uitgeroeid worden, maar het zal niet voor Hem zelven zijn; en een volk des vorsten, hetwelk komen zal, zal de stad en het heiligdom verderven, en zijn einde zal zijn met een overstromenden vloed, en tot het einde toe zal er krijg zijn, en vastelijk besloten verwoestingen.
27 Hij zal een sterk bondgenootschap sluiten met velen, één week lang. De helft van de week zal hij offers noch gaven laten brengen, en boven op het altaar zal een verwoesting brengende gruwel te zien zijn, totdat het aangekondigde einde van die verwoestende kracht komt.’
27 En Hij zal velen het verbond versterken één week; en inde helft der week zal Hij het slachtoffer en het spijsoffer doen ophouden, en over den gruwelijken vleugel zal een verwoester zijn, ook tot de voleinding toe, die vastelijk besloten zijnde, zal uitgestort worden over den verwoeste.


Jeremía 25

De zeventigjarige ballingschap der Joden
Het woord, dat tot Jeremía geschied is over het ganse volk van Juda, in het vierde jaar van Jójakim, zoon van Josía, koning van Juda (dat was het eerste jaar van Nebukadrézar, koning van Babel);
Hetwelk de profeet Jeremía gesproken heeft tot het ganse volk van Juda, en tot al de inwoners van Jeruzalem, zeggende:
Van het dertiende jaar van Josía, de zoon van Amon, de koning van Juda, tot op deze dag toe (dit is het drie en twintigste jaar) is het woord des HEEREN tot mij geschied; en ik heb tot u gesproken, vroeg op zijnde en sprekende, maar gij hebt niet gehoord.
Ook heeft de HEERE tot u gezonden al Zijn knechten, de profeten, vroeg op zijnde en zendende (maar gij hebt niet gehoord, noch uw oor geneigd om te horen);
Zeggende: Bekeert u toch, een ieder van zijn boze weg, en van de boosheid uwer handelingen, en woont in het land, dat de HEERE u en uw vaderen gegeven heeft, van eeuw tot eeuw;
En wandelt andere goden niet na, om die te dienen, en u voor die neer te buigen; en vertoornt Mij niet door het werk uwer handen, opdat Ik u geen kwaad doe.
Maar gij hebt naar Mij niet gehoord, spreekt de HEERE; opdat gij Mij vertoornde door het werk uwer handen, uzelf ten kwade.
Daarom, zo zegt de HEERE der heerscharen: Omdat gij Mijn woorden niet hebt gehoord;
Ziet, Ik zal zenden, en nemen alle geslachten van het noorden, spreekt de HEERE; en tot Nebukadrézar, de koning van Babel, Mijn knecht; en zal ze brengen over dit land, en over de inwoners daarvan, en over al deze volken rondom; en Ik zal ze verbannen, en zal ze stellen tot een ontzetting, en tot een aanfluiting, en tot eeuwige woestheden.
10 En Ik zal van hen doen vergaan de stem der vrolijkheid en de stem der vreugde, de stem van de bruidegom en de stem van de bruid, het geluid der molens en het licht der lamp.
11 En dit ganse land zal worden tot een woestheid, tot een ontzetting; en deze volken zullen de koning van Babel dienen zeventig jaren.
12 Maar het zal geschieden, als de zeventig jaren vervuld zijndan zal Ik over de koning van Babel, en over dat volk, spreekt de HEERE, hun ongerechtigheid bezoeken, alsook over het land der Chaldeeën, en zal dat stellen tot eeuwige verwoestingen.
13 En Ik zal over dat land brengen al Mijn woorden, die Ik daarover gesproken heb; al wat in dit boek geschreven is, wat Jeremía geprofeteerd heeft over al deze volken.
14 Want van hen zullen zich doen dienen, die ook machtige volken en grote koningen zijn; alzo zal Ik hun vergelden naar hun doen, en naar het werk hunner handen.
De beker van de toorn des Heeren aan alle volken toegediend
15 Want alzo heeft de HEERE, de God Israëls, tot mij gezegd: Neem deze beker van de wijn der grimmigheid van Mijn hand, en geef die te drinken aan al de volken, tot welke Ik u zend;
16 Dat zij drinken, en beven, en dol worden, vanwege het zwaard, dat Ik onder hen zal zenden.
17 En ik nam de beker van de hand des HEEREN, en ik gaf te drinken al de volken, tot welke de HEERE mij gezonden had;
18 Namelijk Jeruzalem en de steden van Juda, en hun koningen, en hun vorsten; om die te stellen tot een woestheid, tot een ontzetting, tot een aanfluiting en tot een vloek, gelijk het is te dezen dage;
19 Faraö, de koning van Egypte, en zijn knechten, en zijn vorsten, en al zijn volk;
20 En de ganse gemengde menigte, en alle koningen van het land van Uz; en alle koningen van het land der Filistijnen; en Askelon, en Gaza, en Ekron, en het overblijfsel van Asdod;
21 Edom, en Moab, en de kinderen Ammons;
22 En alle koningen van Tyrus, en alle koningen van Sidon; en de koningen der eilanden, die aan gene zijde der zee zijn.
23 Dedan, en Thema, en Buz, en allen, die aan de hoeken afgekort zijn;
24 En alle koningen van Arabië; en alle koningen van de gemengde menigte, die in de woestijn wonen;
25 En alle koningen van Zimri, en alle koningen van Elam, en alle koningen van Medië;
26 En alle koningen van het noorden, die nabij en die ver zijn, de een met de ander; ja, alle koninkrijken der aarde, die op de aardbodem zijn. En de koning van Sesach zal na hen drinken.
27 Gij zult dan tot hen zeggen: Zo zegt de HEERE der heerscharen, de God Israëls: Drinkt, en wordt dronken, en spuwt, en valt neer, dat gij niet weer opstaat, vanwege het zwaard, dat Ik onder u zal zenden.
28 En het zal geschieden, wanneer zij weigeren zullen de beker van uw hand te nemen om te drinken, dat gij tot hen zeggen zult: Zo zegt de HEERE der heerscharen: Gij zult voorzeker drinken!
29 Want ziet, in de stad, die naar Mijn Naam genoemd is, begin Ik te plagen, en zoudt gij enigszins onschuldig gehouden worden? Gij zult niet onschuldig worden gehouden; want Ik roep het zwaard over alle inwoners der aarde, spreekt de HEEREder heerscharen.
30 Gij zult dan al deze woorden tot hen profeteren, en gij zult tot hen zeggen: De HEERE zal brullen uit de hoogte, en Zijn stem verheffen uit de woning Zijner heiligheid; Hij zal schrikkelijk brullen over Zijn woonstede; Hij zal een vreugdegeschrei, als de druiventreders, uitroepen tegen alle inwoners der aarde.
31 Het geschal zal komen tot aan het einde der aarde; want de HEERE heeft een twist met de volken, Hij zal gericht houden met alle vlees; de goddelozen heeft Hij aan het zwaard overgegeven, spreekt de HEERE
32 Zo zegt de HEERE der heerscharen: Ziet, een kwaad gaat er uit van volk tot volk en een groot onweder zal er verwekt worden van de zijden der aarde.
33 En de verslagenen des HEEREN zullen te dien dage liggen van het ene einde der aarde tot aan het andere einde der aarde; zij zullen niet beklaagd, noch opgenomen, noch begraven worden; tot mest op de aardbodem zullen zij zijn.
34 Huilt, gij herders! en schreeuwt, en wentelt u in de as, gij heerlijken van de kudde! want uw dagen zijn vervuld, dat men slachten zal, en van uw verstrooiingen, dan zult gij vervallen als een kostbaar vat.
35 En de vlucht zal vergaan van de herders, en de ontkoming van de heerlijken der kudde.
36 Er zal zijn een stem van het geroep der herders, en een gehuil der heerlijken van de kudde, omdat de HEERE hun weide verstoort.
37 Want de landouwen des vredes zullen uitgeroeid worden, vanwege de hittigheid van de toorn des HEEREN.
38 Hij heeft, als een jonge leeuw, Zijn hut verlaten; want hun land is geworden tot een verwoesting, vanwege de hittigheid van de verdrukker, ja, vanwege de hittigheid van Zijn toorn.

Chaldeeën

Semitisch volk uit de Bijbel in het oude Mesopotamië. 


Bron: Landkaart

Woonachtig in de provincie Chaldea, op de kusten van de Perzische Golf. Aartsvader Abraham wordt geboren in de stad Ur der Chaldeeën. Naam wordt ook gebruikt voor Babylonische astrologen en astronomen.



Daniël 8

8
Gezicht van den ram en den bok
In het derde jaar des koninkrijks van den koning Bélsazar, verscheen mij een gezicht, mij Daniël, na hetgeen mij in het eerste verschenen was.
8
Het gezicht van de ram en de bok
In het derde jaar van de regering van koning Belsassar verscheen mij, Daniël, een gezicht, na het gezicht, dat mij eerder verschenen was.
En ik zag een gezicht, (het geschiedde nu, toen ik het zag, dat ik in den burg Susan was, welke in het landschap Elam is) ik zag dan in een gezicht, dat ik aan den vloed Ulai was.
Ik zag in het gezicht – ik bevond mij, toen ik dat zag, in de burcht Susan, die in het gewest Elam ligt – ik zag in het gezicht, dat ik mij bevond bij de stroom de Ulai.
En ik hief mijn ogen op, en ik zag, en ziet, een ram stond voor dien vloed, die had twee hoornen, en die twee hoornen waren hoog, en de een was hoger dan de andere, en de hoogste kwam in het laatste op.
Toen ik mijn ogen opsloeg, zag ik, en zie, een ram stond voor de stroom; hij had twee horens, en die horens waren hoog, de ene echter was hoger dan de andere, en de hoogste rees het laatst op.
Ik zag, dat de ram met de hoornen tegen het westen stiet, en tegen het noorden, en tegen het zuiden, en geen dieren konden voor zijn aangezicht bestaan, en er was niemand, die uit zijn hand verloste; maar hij deed naar zijn welgevallen, en hij maakte zich groot.
Ik zag de ram stoten naar het westen, naar het noorden en naar het zuiden, en geen enkel dier kon tegen hem standhouden; er was niemand die redden kon uit zijn macht, en hij deed naar zijn welgevallen en maakte zich groot.
Toen ik dit overlegde, ziet, er kwam een geitenbok van het westen over den gansen aardbodem, en roerde de aarde niet aan; en die bok had een aanzienlijken hoorn tussen zijn ogen.
Maar terwijl ik nauwkeurig acht gaf, zie, daar kwam een geitebok van uit het westen over de gehele aarde zonder de aarde aan te raken; en de bok had een opvallende horen tussen zijn ogen.
En hij kwam tot den ram, die de twee hoornen had, dien ik had zien staan voor den vloed; en hij liep op hem aan in de grimmigheid zijner kracht.
En hij kwam tot de ram met de twee horens, die ik voor de stroom had zien staan, en rende op hem toe in zijn grimmige kracht;
En ik zag hem, nakende aan den ram, en hij verbitterde zich tegen hem, en hij stiet den ram, en hij brak zijn beide hoornen; en in den ram was geen kracht, om voor zijn aangezicht te bestaan; en hij wierp hem ter aarde, en hij vertrad hem, en er was niemand, die den ram uit zijn hand verloste.
ik zag, dat hij tot vlak bij de ram kwam; verbitterd stiet hij de ram, brak zijn beide horens, en er was geen kracht in de ram om tegen hem stand te houden; hij wierp hem ter aarde en vertrad hem, en er was niemand die de ram uit zijn macht redde.
En de geitenbok maakte zich uitermate groot; maar toen hij sterk geworden was, brak die grote hoorn, en er kwamen op aan deszelfs plaats vier aanzienlijke, naar de vier winden des hemels.
De geitebok nu maakte zich bovenmate groot, maar toen hij machtig werd, brak de grote horen af, en vier opvallende horens rezen in diens plaats op, naar de vier windstreken des hemels.
En uit een van die kwam voort een kleine hoorn, welke uitnemend groot werd, tegen het zuiden, en tegen het oosten, en tegen het sierlijke land.
En uit één daarvan kwam weer een horen voort, die klein begon, maar die zeer groot werd tegen het zuiden, tegen het oosten en tegen het Sieraad,
10 En hij werd groot tot aan het heir des hemels; en hij wierp er sommigen van dat heir, namelijk van de sterren, ter aarde neder, en hij vertrad ze.
10 ja, zijn grootheid reikte tot aan het heer des hemels, en hij deed er van het heer, namelijk van de sterren, ter aarde vallen, en vertrapte ze.
11 Ja, hij maakte zich groot tot aan den Vorst diens heirs, en van denzelven werd weggenomen het gedurig offer, en de woning Zijns heiligdoms werd nedergeworpen.
11 Zelfs tegen de vorst van het heer maakte hij zich groot, en Hem werd het dagelijks offer ontnomen en zijn heilige woning werd neergeworpen.
12 En het heir werd in den afval overgegeven tegen het gedurig offer; en hij wierp de waarheid ter aarde; en deed het, en het gelukte wel.
12 En een eredienst werd in overtreding ingesteld tegenover het dagelijks offer; en hij wierp de waarheid ter aarde, en wat hij ook deed, gelukte hem.
13 Daarna hoorde ik een heilige spreken; en de heilige zeide tot den Onbenoemde, Die daar sprak: Tot hoelang zal dat gezicht van het gedurig offer en van den verwoestenden afval zijn, dat zo het heiligdom als het heir ter vertreding zal overgegeven worden?
13 Toen hoorde ik een heilige spreken, en een andere heilige zeide tot degene die gesproken had: Hoelang zal dit gezicht gelden – het dagelijks offer en de ontzettende overtreding, het prijsgeven van het heiligdom en het vertrappen van het heer?
14 En Hij zeide tot mij: Tot twee duizend en driehonderd avonden en morgens; dan zal het heiligdom gerechtvaardigd worden.
14 En hij zeide tot mij: Tweeduizend driehonderd avonden en morgens; dan zal het heiligdom in rechten hersteld worden.
15 En het geschiedde, toen ik dat gezicht zag, ik Daniël, zo zocht ik het verstand deszelven, en ziet, er stond voor mij als de gedaante eens mans.
15 Toen ik, Daniël, het gezicht zag en het trachtte te verstaan, zie, daar stond iemand voor mij, die er uitzag als een man,
16 En ik hoorde tussen Ulai eens mensen stem, die riep en zeide: Gabriël! geef dezen het gezicht te verstaan.
16 en ik hoorde een menselijke stem over de Ulai, welke zeide: Gabriël, doe deze het gezicht verstaan.
17 En hij kwam nevens waar ik stond; en als hij kwam, verschrikte ik, en viel op mijn aangezicht. Toen zeide hij tot mij: Versta, gij mensenkind! want dit gezicht zal zijn tot den tijd van het einde.
17 En hij kwam tot waar ik stond, en toen hij kwam, schrikte ik en wierp mij op mijn aangezicht, maar hij zeide tot mij: Versta, mensenkind, dat het gezicht doelt op de tijd van het einde.
18 Als hij nu met mij sprak, viel ik in een diepen slaap op mijn aangezicht ter aarde; toen roerde hij mij aan, en hij stelde mij op mijn standplaats.
18 Toen hij nu met mij sprak, viel ik bezwijmd op mijn aangezicht ter aarde; hij echter raakte mij aan en deed mij overeind staan,
19 En hij zeide: Zie, ik zal u te kennen geven, wat er geschieden zal ten einde dezer gramschap; want ter bestemder tijd zal het einde zijn.
19 en zeide: Zie, ik maak u bekend wat geschieden zal in het laatst van de gramschap; want het doelt op het tijdstip van het einde.
20 De ram met de twee hoornen, dien gij gezien hebt, zijn de koningen der Meden en der Perzen.
20 De ram die gij gezien hebt, met de twee horens, doelt op de koningen der Meden en Perzen,
21 Die harige bok nu, is de koning van Griekenland; en de grote hoorn, welke tussen zijn ogen is, is de eerste koning.
21 en de harige geitebok op de koning van Griekenland, en de grote horen die tussen zijn ogen stond, dat is de eerste koning.
22 Dat er nu vier aan zijn plaats stonden, toen hij verbroken was; vier koninkrijken zullen uit dat volk ontstaan, doch niet met zijn kracht.
22 En dat die afbrak en er vier in zijn plaats kwamen te staan: vier koninkrijken zullen uit het volk ontstaan, doch zonder zijn kracht.
23 Doch op het laatste huns koninkrijks, als het de afvalligen op het hoogste gebracht zullen hebben, zo zal er een koning staan, stijf van aangezicht, en raadselen verstaande;
23 En in het laatst van hun koningschap, als de boosdoeners de maat hebben volgemaakt, zal er een koning opstaan, hard van aangezicht en bedreven in listen.
24 En zijn kracht zal sterk worden, doch niet door zijn kracht; en hij zal het wonderlijk verderven, en zal geluk hebben, en zal het doen; en hij zal de sterken, mitsgaders het heilige volk verderven;
24 En zijn kracht zal sterk zijn – maar niet door eigen kracht – en op ontstellende wijze zal hij verderf brengen, en wat hij onderneemt zal hem gelukken; machtigen zal hij verderven, ook het volk der heiligen.
25 En door zijn kloekheid zo zal hij de bedriegerij doen gedijen in zijn hand; en hij zal zich in zijn hart verheffen; en in stille rust zal hij er velen verderven, en zal staan tegen den Vorst der vorsten, doch hij zal zonder hand verbroken worden.
25 En door zijn sluwheid zal hij het bedrog dat hij aanwendt, doen gelukken; hij zal zich in zijn hart verheffen, en onverhoeds velen verderven. Ook tegen de Vorst der vorsten zal hij optreden, doch zonder mensenhanden zal hij vernietigd worden.
26 Het gezicht nu van avond en morgen, dat er gezegd is, is de waarheid; en gij, sluit dit gezicht toe, want er zijn nog vele dagen toe.
26 En het gezicht van de avonden en de morgens, waarvan gesproken werd, dat is waarheid. Gij nu, houd het gezicht verborgen, want het ziet op een verre toekomst.
27 Toen werd ik, Daniël, zwak, en was enige dagen krank; daarna stond ik op, en deed des konings werk; en ik was ontzet over dit gezicht; maar niemand merkte het.
27 En ik, Daniël, was uitgeput en was enige dagen ziek; daarna stond ik op en verrichtte de dienst bij de koning. En ik was verbijsterd over het gezicht, maar niemand merkte het.


2 Timótheüs 4
.

Ik betuig dan voor God en den Heere Jezus Christus, Die de levenden en doden oordelen zal in Zijn verschijning en in Zijn Koninkrijk:
Predik het Woord; houd aan tijdelijk, ontijdelijk; wederleg, bestraf, vermaan in alle lankmoedigheid en leer.
Want er zal een tijd zijn, wanneer zij de gezonde leer niet zullen verdragen; maar kittelachtig zijnde van gehoor, zullen zij zichzelven leraars opgaderen, naar hun eigen begeerlijkheden;
En zullen hun gehoor van de waarheid afwenden, en zullen zich keren tot fabelen.
Maar gij, wees wakker in alles, lijd verdrukkingen; doe het werk van een evangelist, maak, dat men van uw dienst ten volle verzekerd zij.

De Wet van Meden en Perzen is een uitdrukking, en duidt op een vaststaande afspraak of regel waaraan niet te tornen valt. De uitdrukking is ontleend aan twee Bijbelverzen:

  "Als het de koning goeddunkt, laat hij dan een koninklijk besluit uitvaardigen dat schriftelijk in de wetten van Perzië en Medië wordt vastgelegd, zodat het niet kan worden herroepen. Hierin moet bepaald worden dat Wasti koning Ahasveros niet meer onder ogen mag komen en dat de koning haar koninklijke waardigheid aan een ander zal geven, die beter is dan zij."
Ester I:19
 
  "Welnu, majesteit, vaardig dat verbod uit en stel het op schrift, zodat het niet veranderd kan worden, zoals geen enkele wet van de Meden en de Perzen kan worden herroepen."
Daniël 6:9


 

  
North American Union, Europian Union, African Union, Aziën Union (Daniël 8:22)                     United States of Islam 2012                            Muslim Brotherhood symbol 2012

 

Daniël 9

9
Gebed van Daniël
In het eerste jaar van Daríus, den zoon van Ahasvéros, uit het zaad der Meden, die koning gemaakt was over het koninkrijk der Chaldeeën;
9
De openbaring aangaande de zeventig weken
In het eerste jaar van Darius, de zoon van Ahasveros, uit het geslacht der Meden, die koning geworden was over het koninkrijk der Chaldeeën –
In het eerste jaar zijner regering, merkte ik, Daniël, in de boeken, dat het getal der jaren, van dewelke het woord des HEEREN tot den profeet Jeremía geschied was, in het vervullen der verwoestingen van Jeruzalem, zeventig jaren was.
in het eerste jaar van zijn koningschap lette ik, Daniël, in de boeken op het getal van de jaren, waarover het woord des HEREN tot de profeet Jeremia gekomen was, dat Hij over de puinhopen van Jeruzalem zeventig jaar zou doen verlopen.
En ik stelde mijn aangezicht tot God, den Heere, om Hem te zoeken met het gebed, en smekingen, met vasten, en zak, en as.
En ik richtte mijn aangezicht tot de Here God om te bidden en te smeken, in vasten en in zak en as.
Ik bad dan tot den HEERE, mijn God, en deed belijdenis, en zeide: Och Heere! Gij grote en verschrikkelijke God, Die het verbond en de weldadigheid houdt dien, die Hem liefhebben en Zijn geboden houden.
En ik bad tot de HERE, mijn God, en deed schuldbelijdenis en zeide: Ach Here, Gij grote en geduchte God, die vasthoudt aan het verbond en de goedertierenheid jegens hen die U liefhebben en uw geboden bewaren;
Wij hebben gezondigd, en hebben onrecht gedaan, en goddelooslijk gehandeld, en gerebelleerd, met af te wijken van Uw geboden, en van Uw rechten.
wij hebben gezondigd en misdreven, wij hebben goddeloos gehandeld en zijn wederspannig geweest; wij zijn afgeweken van uw geboden en van uw verordeningen,
En wij hebben niet gehoord naar Uw dienstknechten, de profeten, die in Uw Naam spraken tot onze koningen, onze vorsten en onze vaders, en tot al het volk des lands.
en wij hebben niet geluisterd naar uw knechten, de profeten, die in uw naam gesproken hebben tot onze koningen, onze vorsten en onze vaderen, en tot het ganse volk des lands.
Bij U, o Heere! is de gerechtigheid, maar bij ons de beschaamdheid der aangezichten, gelijk het is te dezen dage; bij de mannen van Juda, en de inwoners van Jeruzalem, en geheel Israël, die nabij en die verre zijn, in al de landen, waar Gij ze henengedreven hebt, om hun overtreding, waarmede zij tegen U overtreden hebben.
Bij U, Here, is de gerechtigheid, maar bij ons een beschaamd gelaat, gelijk heden ten dage, bij de mannen van Juda, de inwoners van Jeruzalem en bij geheel Israël, bij hen die dichtbij en die veraf wonen in al de landen waarheen Gij hen hebt verstoten om de ontrouw die zij jegens U hebben gepleegd.
O Heere! bij ons is de beschaamdheid der aangezichten, bij onze koningen, bij onze vorsten, en bij onze vaders, omdat wij tegen U gezondigd hebben.
HERE, bij ons is een beschaamd gelaat, bij onze koningen, onze vorsten en onze vaderen, want wij hebben tegen U gezondigd.
Bij den Heere, onzen God, zijn de barmhartigheden en vergevingen, alhoewel wij tegen Hem gerebelleerd hebben.
Bij de Here, onze God, is barmhartigheid en vergeving, hoewel wij tegen Hem wederspannig zijn geweest,
10 En wij hebben der stem des HEEREN, onzes Gods, niet gehoorzaamd, dat wij in Zijn wetten wandelen zouden, die Hij gegeven heeft voor onze aangezichten, door de hand van Zijn knechten, de profeten.
10 niet geluisterd hebben naar de stem van de HERE, onze God, en niet gewandeld hebben naar de wetten die Hij ons gegeven heeft door de dienst van zijn knechten, de profeten.
11 Maar geheel Israël heeft Uw wet overtreden, met af te wijken, dat zij Uwer stem niet gehoorzaamden; daarom is over ons uitgestort die vloek, en die eed, die geschreven is in de wet van Mozes, den knecht Gods, dewijl wij tegen Hem gezondigd hebben.
11 Ja, geheel Israël heeft uw wet overtreden en is afgeweken door niet te luisteren naar uw stem. Daarom is over ons uitgestort de met een eed bekrachtigde vloek, welke geschreven staat in de wet van Mozes, de knecht Gods, want wij hebben tegen Hem gezondigd.
12 En Hij heeft Zijn woorden bevestigd, die Hij gesproken heeft tegen ons, en tegen onze richters, die ons richtten, brengende over ons een groot kwaad, hetwelk niet geschied is onder den gansen hemel, gelijk aan Jeruzalem geschied is.
12 En Hij heeft de woorden bevestigd, die Hij gesproken had over ons en over onze regeerders, die ons bestuurden, door zulk een groot onheil over ons te brengen, als er nergens geweest is onder de ganse hemel, behalve in Jeruzalem.
13 Gelijk als in de wet van Mozes geschreven is, alzo is al dat kwaad over ons gekomen; en wij smeekten het aangezicht des HEEREN, onzes Gods, niet, afkerende van onze ongerechtigheden, en verstandelijk acht gevende op Uw waarheid.
13 Zoals geschreven staat in de wet van Mozes, is al dit onheil over ons gekomen, en wij hebben de HERE, onze God, niet vermurwd door ons te bekeren van onze ongerechtigheden en acht te slaan op uw waarheid.
14 Daarom heeft de HEERE over het kwade gewaakt, en Hij heeft het over ons gebracht; want de HEERE, onze God, is rechtvaardig in al Zijn werken, die Hij gedaan heeft, dewijl wij Zijner stem niet gehoorzaamden.
14 Daarom was de HERE wakker om het onheil over ons te brengen; want de HERE, onze God, is rechtvaardig in al de werken die Hij doet, maar wij hebben niet geluisterd naar zijn stem.
15 En nu, o Heere, onze God! Die Uw volk uit Egypteland gevoerd hebt, met een sterke hand, en hebt U een Naam gemaakt, gelijk hij is te dezen dage; wij hebben gezondigd, wij zijn goddeloos geweest.
15 Nu dan, Here, onze God, die uw volk uit het land Egypte hebt geleid met een sterke hand en U een naam hebt gemaakt, gelijk heden ten dage, – wij hebben gezondigd, wij hebben goddeloos gehandeld.
16 O Heere! naar al Uw gerechtigheden, laat toch Uw toorn en Uw grimmigheid afgekeerd worden van Uw stad Jeruzalem, Uw heiligen berg; want om onzer zonden wil en om onzer vaderen ongerechtigheden, zijn Jeruzalem en Uw volk tot versmaadheid bij allen, die rondom ons zijn.
16 Here, mogen naar al uw gerechtigheid uw toorn en uw grimmigheid zich toch afwenden van uw stad Jeruzalem, uw heilige berg; want om onze zonden en om de ongerechtigheden onzer vaderen zijn Jeruzalem en uw volk tot een smaad geworden voor allen om ons heen.
17 En nu, o onze God! hoor naar het gebed Uws knechts, en naar zijn smekingen; en doe Uw aangezicht lichten over Uw heiligdom, dat verwoest is; om des Heeren wil.
17 Nu dan, hoor, o onze God, naar het gebed van uw knecht en naar zijn smeking en doe uw aangezicht lichten over uw verwoest heiligdom, – om des Heren wil.
18 Neig Uw oor, mijn God! en hoor, doe Uw ogen op, en zie onze verwoestingen, en de stad, die naar Uw Naam genoemd is; want wij werpen onze smekingen voor Uw aangezicht niet neder op onze gerechtigheden, maar op Uw barmhartigheden, die groot zijn.
18 Neig, mijn God, uw oor en hoor; open uw ogen en zie onze verwoestingen en de stad waarover uw naam is uitgeroepen; want niet op grond van onze gerechtigheden storten wij onze smeekbeden voor U uit, maar op grond van uw grote barmhartigheden.
19 O Heere, hoor! o Heere, vergeef! o Heere, merk op en doe het, vertraag het niet! Om Uws Zelfs wil, o mijn God! Want Uw stad, en Uw volk is naar Uw Naam genoemd.
19 O Here, hoor! o Here, vergeef! O Here, merk op! Treed handelend op; toef niet om uwszelfswil, mijn God, want uw naam is uitgeroepen over uw stad en over uw volk.
20 Als ik nog sprak, en bad, en beleed mijn zonde, en de zonde mijns volks van Israël, en mijn smeking nederwierp voor het aangezicht des HEEREN, mijns Gods, om des heiligen bergs wil mijns Gods;
20 Terwijl ik nog sprak en bad en mijn zonde en de zonde van mijn volk Israël beleed, en mijn smeking over de heilige berg mijns Gods uitstortte voor de HERE, mijn God, –
21 Als ik nog sprak in het gebed, zo kwam de man Gabriël, dien ik in het begin in een gezicht gezien had, snellijk gevlogen, mij aanrakende, omtrent den tijd des avondoffers.
21 terwijl ik nog sprak in het gebed, kwam de man Gabriël, die ik tevoren gezien had in het gezicht, in ijlende vlucht tot vlak bij mij op de tijd van het avondoffer.
22 En hij onderrichtte mij en sprak met mij, en zeide: Daniël! nu ben ik uitgegaan, om u den zin te doen verstaan.
22 En hij begon mij te onderrichten en sprak met mij en zeide: Daniël, nu ben ik uitgegaan om u een klaar inzicht te geven.
23 In het begin uwer smekingen is het woord uitgegaan, en ik ben gekomen, om u dat te kennen te geven; want gij zijt een zeer gewenst man; versta dan dit woord, en merk op dit gezicht.
De zeventig weken
23 Bij het begin van uw smeekbede is er een woord uitgegaan, en ik ben gekomen om het u mede te delen, want gij zijt zeer bemind. Let dus op het woord en sla acht op het gezicht.
24 Zeventig weken zijn bestemd over uw volk, en over uw heilige stad, om de overtreding te sluiten, en om de zonden te verzegelen, en om de ongerechtigheid te verzoenen, en om een eeuwige gerechtigheid aan te brengen, en om het gezicht, en den profeet te verzegelen, en om de heiligheid der heiligheden te zalven.
24 Zeventig weken zijn bepaald over uw volk en uw heilige stad, om de overtreding te voleindigen, de zonde af te sluiten, de ongerechtigheid te verzoenen, en om eeuwige gerechtigheid te brengen, gezicht en profeet te bezegelen en iets allerheiligst te zalven.
25 Weet dan, en versta: van den uitgang des woords, om te doen wederkeren, en om Jeruzalem te bouwen, tot op Messias, den Vorst, zijn zeven weken, en twee en zestig weken; de straten, en de grachten zullen wederom gebouwd worden, doch in benauwdheid der tijden.
25 Weet dan en versta: vanaf het ogenblik, dat het woord uitging om Jeruzalem te herstellen en te herbouwen tot op een gezalfde, een vorst, zijn zeven weken; en tweeënzestig weken lang zal het hersteld en herbouwd blijven, met plein en gracht, maar in de druk der tijden.
26 En na die twee en zestig weken zal de Messias uitgeroeid worden, maar het zal niet voor Hem zelven zijn; en een volk des vorsten, hetwelk komen zal, zal de stad en het heiligdom verderven, en zijn einde zal zijn met een overstromenden vloed, en tot het einde toe zal er krijg zijn, en vastelijk besloten verwoestingen.
26 En na de tweeënzestig weken zal een gezalfde worden uitgeroeid, terwijl er niets tegen hem is; en het volk van een vorst die komen zal, zal de stad en het heiligdom te gronde richten, maar zijn einde zal zijn in de overstroming; en tot het einde toe zal er strijd zijn: verwoestingen, waartoe vast besloten is.
27 En Hij zal velen het verbond versterken één week; en inde helft der week zal Hij het slachtoffer en het spijsoffer doen ophouden, en over den gruwelijken vleugel zal een verwoester zijn, ook tot de voleinding toe, die vastelijk besloten zijnde, zal uitgestort worden over den verwoeste.
27 En hij zal het verbond voor velen zwaar maken, een week lang; in de helft van de week zal hij slachtoffer en spijsoffer doen ophouden; en op een vleugel van gruwelen zal een verwoester komen, en wel tot aan de voleinding toe, en waartoe vast besloten is, dat zal zich uitstorten over wat woest is.

“And political and military forces shall stand on his part, and they shall pollute the highly venerated, hallowed fortress, and shall put aside the position of employment and they shall place the IDOL that maketh TERROR.”

The “IDOL that maketh TERROR” is the “Abomination of DESOLATION”
Daniel 8: 9-14
9 And out of one them came forth a little horn,
Which grew exceedingly powerful, toward the south, toward the
South, and toward the east, and toward the prominent, honorable & pleasant land.
And it grew powerful, even to the army of heaven; and it cast down some of the army and of the stars to the ground, and stamped upon them.
11. Yea, he magnified himself even to the prince of the army, and by him the position of employment was made rotten, and the highly venerated, hallowed place was cast down.
12. And an army was given him against the position of employment by reason of transgression, and it cast down the truth to the ground; and it prepared, accomplished, performed, and prospered.
13. Then I heard one saint speaking, and another saint said unto that certain saint which spake, How long shall be the vision concerning the position of employment, and the t4ransgression of terror, to give both the highly venerated, hallowed place and the army to be trodden under foot?
14. And he said unto me, Unto 2300 days; then shall the hallowed place be cleansed.

Daniel 9:24-27
24 Seventy years are determined upon thy people and upon thy holy city, to finish the transgression, and to make an end of sins, and to make reconciliation for iniquity, and to bring in everlasting righteousness, and to seal up the vision and prophecy, and to anoint the most Holy.
25 Know therefore and understand, that from the going forth of the commandment to restore and to build Jerusalem unto the Messiah the Prince shall be built again, and the wall, even in troublous times.
26 and after 62 years shall Messiah make a covenant, but not for himself: and the people of the prince that shall come shall destroy the city and the highly venerated, hallowed place; and the end thereof shall be with a flood, and unto the end of the war desolations are determined.
27 And he shall confirm the covenant with many for one period of 7 years: and in the midst of the 7 year period he shall cause the THANK OFFERING and the GIFT to cease, and for the overspreading of abominations he shall make it desolate, even until the complete destruction, and that determined shall be poured upon the desolate.

In summary, the “going forth of the decree”happened in 1947, when the UN declared Israel a nation.
7+7 years after 1947, Obama was born, and 62 years after 1947, he became president.

That makes 2009-2016 the final 7 year period, and 2009-2015 the timeframe in which he makes a covenant, transgresses the laws, and the IDOL of TERROR is placed in the HIGHLY VENERATED FORTRESS.

Daniel 12:11
11 And from the time that the position of employment shall be GIVEN OATH, and the idol that maketh terror set up, there shall be 1290 days.
12 Blessed is he that waiteth, and cometh to the 1335 days.


Obama officially took the OATH of OFFICE on January 20, 2009
January 20, 2009 + 1290 days = August 2, 2012

On August 2, 2012, a very special steel beam was lifted into place on the One World Trade Center in NYC.
The steel beam put into place August 2, 2012 is signed by Obama: “We remember, we rebuild, we come back stronger!Jesaja 9:8.
The Signed Steel Beam is the IDOL of TERROR put into place EXACLY 1290 days after Obama gave the OATH of the POSITION of President.
And 2009-2015 the timeframe in which he makes a covenant, transgresses the laws. 

(consider this if this is a true story or not?)
On Sunday March 21, 2010 the Senate Healthcare bill HR3200 was passed and signed into law the following Tuesday. T
his is the New Health Care (Obamacare) law H.R. 3200 section 2521 pg. 1001 paragraphed 1 requires all US citizens to have the RIFD implanted ObamaCare makes RFID chips mandatory March 23, 2013.
Page 1004 of the new law (dictating the timing of this chip), reads, and I quote: "Not later than 36 months after the date of the enactment"


But there’s more…
Daniel’s angel said BLESSED are those who wait until 1335 days….
January 20, 2009 + 1335 days= September 16, 2012
THE FEAST OF TRUMPETS!!!

The Rapture is SOON!!!

Periode duurt 1.260 dagen
ofwel 180 weken
ofwel 41 maanden
ofwel 3 jaren
2 augustus 2012 tot 14-01-2016


Rosh Hasjana, Dag van de Bazuinen
dinsdag, 31 augustus 2010 00:00
Rosh Hasjana, de dag van de Bazuinen
bazuinen
De Joden kijken uit naar Rosh Hasjana. Maar ook veel gelovigen kijken in deze tijd uit naar Rosh Hasjana. Waarom is dat? Het is de dag van het blazen van de bazuinen. Het is door God ingesteld lezen we in Leviticus 23:24 en Numeri 29:1.

Lev 23 24 Spreek tot de kinderen Israëls, zeggende: In de zevende maand, op de eerste van de maand, zult gij een rust hebben, een gedenkdag des geklanks, een heilige samenroeping.

Numeri 29:1 1 Evenzo in de zevende maand, op de eerste van de maand, zult gij een heilige samenroeping hebben; geen dienstwerk zult gij doen; het zal u een dag des geklanks zijn.

Vier feestdagen zijn reeds vervuld, zie het artikel Feestdagen van de Heer. De feestdagen van de Heer, die Hij aan het volk Israel heeft gegeven zijn een blauwdruk van wat komen gaat. De eerste Feestdag van de Heer die nog komt en een belangrijke betekenis zal hebben in relatie tot de tweede komst van de Here Jezus is Rosh Hasjana, oftewel Jubeldag of bazuinendag. De Jubeldag begint op de eerste van Tishri.
feesten
De bazuin die gebruikt wordt op deze dag is de sjofar of ramshoorn. De sjofar werd gebruikt om een feest in te luiden, om het leger te inspecteren, om te waarschuwen voor gevaar, om het volk te verzamelen in het midden van de strijd en voor kroningen (1 Kon. 1:34-39). De Joden vieren deze dag ook als het Joodse nieuwjaar van de burgelijke kalender. Het herinnert hen aan de dag van de Schepping. Daarnaast heeft deze dag vele betekenissen waar we bij stil zullen staan.

De bazuin in de bijbel
In de Bijbel gaat het over de bazuin o.a. in:
Ex. 19:16.19, 20:18 (toen de Here zich openbaarde en zijn wet gaf op de Sinaï; het volk beefde bij het horen van het sterke bazuingeschal, De Grote Sjofar van God),
Lev. 25:9v (bazuingeschal - Sjofar - kondigt het jubeljaar aan),
Num. 29:1 (nieuwjaar, rosj hasjana, heet hier jom teróea, 'dag des geklanks'), terû‛âh
Joz. 6 (het bazuingeschal rond Jericho met de Sjofar),
Hosea 5:8, Joël 2:1, Amos 3:6 (Sjofar als een alarm-roep),
Zef. 1:16, 1 Kor. 14:8 (Sjofar als oorlogsgeluid en oproep tot strijd),
Ps. 47:6, 98:6, 150:3, 1 Kron. 15:28 (Sjofar naast andere muziekinstrumenten),
1 Kor. 15:52, 1 Tess. 4:16 (grieks: salpigx, laatste bazuin, bazuin van God, aankondiging van de Dag des Heren),
Opb. 8, 9, 11:15 (grieks: salpigx, zeven engelen blazen op de bazuin).

De bazuin van God.
Toen God zich openbaarde aan het Joodse volk, klonk de bazuin. Exodus 19:16
16 En het geschiedde op de derde dag, toen het morgen was, dat er op de berg donderen en bliksemen waren, en een zware wolk, en het geluid van een zeer sterke bazuin, zodat al het volk verschrok, dat in het leger was.

Toen Abraham zijn zoon Isaak zou gaan offeren, hield God dit op het laatste moment tegen en gaf Abraham een ram die met zijn twee hoorns verstrikt zat in het struikgewas.
Gen. 22:13 Toen hief Abraham zijn ogen op, en zag om, en ziet, achter was een ram in de verwarde struiken vast met zijn hoornen; en Abraham ging, en nam die ram, en offerde hem tot een brandoffer in de plaats van zijn zoon.
Voor de Joden is de ramshoorn ook een teken van het verbond met Zijn volk. Voor Christenen heeft de laatste bazuin die straks gaat klinken een geweldige betekenis.

Rosh Hasjana als betekenis voor de wereld of de gemeente
Dat de dag Rosh Hasjana eens een vervulling gaat krijgen staat vast. Welke betekenis heeft het voor ons? We kijken naar de diverse betekenissen.

Yom Teruah, De Dag van de Bazuinen
Rosh Hasjana is ook de eerste van de Tien Ontzagwekkende Dagen waarop de sjofar wordt geblazen om te verkondigen en te waarschuwen dat voor degene die zich wil bekeren het nu de tijd is en dat degene die zich niet wil bekeren er later berouw over zal hebben. Deze dag wordt ook wel Yom Teruah genoemd. In feite is de periode van inkeer 30 dagen eerder ingegaan. 'Teshuvah', wat in het Hebreeuws 'omkeer, bekering' betekent, begint namelijk al op de eerste dag van de maand Elul en duurt 40 dagen, eindigend met Yom Kippoer, de Grote Verzoendag. Vijf dagen na Yom Kippoer is dan 'Sukkot', het Loofhuttenfeest. Elke ochtend gedurende de maand Elul wordt de Shofar geblazen om de mensen te waarschuwen om de zonden te overdenken en zich om te keren naar God.

rosh hasjana overzicht 1


==> Kortom, Yom Teruah, een dag met alarm. De sjofar werd gebruikt om te waarschuwen voor gevaar. Het verwijst ook naar de mens die zodra hij de sjofar hoort, zich nog moet bekeren van de zonden voordat de dag des oordeels komt<==


sjofar2
Yom Hadin, een dag van Oordeel. Iedere inwoner van de wereld staat voor de Schepper als schapen voor de herder op deze dag. In het Hebreeuwse denken, staan de deuren open voor de rechtvaardigen om op Yom Hadin binnen te gaan. Ze blijven open voor de 10 dagen van ontzag, die leiden tot Yom Kippoer als de poort definitief worden gesloten.

Yom HaZikkaron, Dag van Herinnering. Maar ook dat er op deze dag verschillende gedenkboeken van God opengaan, het Boek des Levens. Het is een dag waarop Israel haar God gedenkt en alles wat Hij doet en is. Het is de dag waarop God Zijn volk gedenkt.

Andere betekenissen
Binnen de joodse liturgie heeft Rosh Hasjana ook de betekenis van het vestigen van het Koninkrijk van God. Het volk is in de woestijn op weg om een koninkrijk van priesters, een heilig volk te worden. Rosh Hasjana, of Yom Hazikkaron herinnert ook aan deze opdracht.

Met de ontwikkelingen van vandaag, komt de eindtijd dichterbij. Zoals al in het Oude Testament geprofeteerd is, komt er een Dag des Heren. Een dag dat God ingrijpt, dat het Koninkrijk van God gaat aanvangen.

Sefanja 1:
14 De grote dag des HEEREN is nabij; hij is nabij, en zeer haastende; de stem van de dag des HEEREN; de held zal aldaar bitter schreeuwen.
15 Die dag zal een dag der verbolgenheid zijn; een dag der benauwdheid en van angst, een dag der woestheid en verwoesting, een dag der duisternis en der donkerheid, een dag der wolk en der dikke donkerheid;
16 Een dag der bazuin en des geklanks tegen de vaste steden en tegen de hoge hoeken.
Joël 2:1,2
1 Blaast de bazuin te Sion, en roept luide op de berg Mijner heiligheid; laat alle inwoners des lands beroerd zijn, want de dag des HEEREN komt, want hij is nabij.
2 Een dag van duisternis en donkerheid, een dag van wolken en dikke duisterheid, als de dageraad uitgespreid over de bergen; een groot en machtig volk, zoals van ouds niet geweest is, en na hem niet meer zal zijn tot in jaren van vele geslachten.

In het Hebreeuws is de bazuin de Sjofar die hier wordt genoemd. Volgens velen wijst dit ook op Rosh Hasjana, de Dag des Heren vangt dan aan.


Met de aanvang van de dag des Heren, begint dan ook de verdrukking van Israel ofwel Jakob's benauwdheid, een periode van 7 jaar. De opstanding der doden, de opname van de gemeente, de kroning van de Messias, het begin van het Messiaanse Vrederijk, het
oordeel en de bruiloft van de Messias.
rosh hasjana overzicht 2

Yom Hakeseh, de verborgen dag.
Deze dag is ontleend van Psalm 81:4-5:
4 Blaast de bazuin in de nieuwe maan, ter bestemder tijd (keseh), op onze feestdag.
5 Want dit is een inzetting in Israël, een recht van de God Jakobs.
Het Hebreeuwse woord keseh staat voor verborgen. De dag dat de nieuwe maan te zien is nog verborgen. Er waren twee getuigen nodig die moesten zien of de rand van de maan al zichtbaar was. Op de 30ste van elke maand, kwamen de leden van het Sanhedrin bijeen. Hier wachtten ze op de getuigenis van deze twee betrouwbare getuigen.
sanhedrin en nieuwe maan
Middels platen konden de getuigen aanwijzen wat ze exact zagen.

Wanneer deze overeenkwamen met hetgeen zij zagen, werd door het hele land door middel van het aansteken van fakkels bekend gemaakt dat de 1e van de nieuwe maand had aangevangen.
new-moon_torch_map

Het aansteken van fakkels, van berg tot berg, dat het de eerste van de maand was

Dit jaar in 2010 is Rosh Hasjana, het feest voor het Joodse nieuwjaar 5771 van woensdag 8 September, zonsondergang tot en met vrijdag 10 September zonsondergang.
maan kalender
Het was dus nooit te zeggen wanneer Yom Teruah (Rosh Hasjana) exact begint. Anders gezegd, niemand kent de dag of het uur dat Yom Teruah begint.

Dit doet ons sterk denken aan de tekst die Jezus zei tegen zijn discipelen aangaande de wederkomst:

Mat. 25:13 Zo waakt dan; want gij weet de dag niet, noch de ure, waarin de Zoon des mensen komen zal.

Sommigen zien hier een verwijzing in naar Rosh Hasjana. Wie zal het zeggen, het is inderdaad zo dat de Feesten van de Heer die God aan zijn volk Israel gaf in volgorde in vervulling zijn gegaan met de eerste komst van onze Here Jezus. De drie feesten van de Heer die nog komen zullen hoogstwaarschijnlijk ook met de 2e komst van de Here Jezus een profetische betekenis hebben. En het eerst volgende feest is inderdaad Rosh Hasjana, de dag van de bazuinen. Gaat op deze dag de laatste bazuin klinken, dat wij de Here in de lucht tegemoet zullen gaan?

1 Cor 15:51 Ziet, ik zeg u een verborgenheid: wij zullen wel niet allen ontslapen, maar wij zullen allen veranderd worden;
52 In een punt des tijds, in een ogenblik, met de laatste bazuin; want de bazuin zal slaan, en de doden zullen onverderfelijk opgewekt worden, en wij zullen veranderd worden.

En ook in 1 Tes. 4:16 lezen we over dezelfde bazuin van God: Tes. 4:16 Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem des archangels, en met de bazuin Gods neerdalen van de hemel; en die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan;

Omdat er hier over de opstanding wordt gesproken, verbinden sommigen dit aan Rosh Hasjana. We worden dan bewaard voor de toorn, we zijn dan in de hemel ten tijde van de verdrukking. De poorten zijn dan geopend zodat de rechtvaardigen bewaard worden. Het samen zijn met Christus is de hoop die we mogen hebben. Misschien valt het inderdaad allemaal samen, maar:

==>De bazuin van God, is de bazuin van God en niet die van de mens<==

Het is God alleen, onze Vader, die enkel de tijden en gelegenheden bepaalt. Natuurlijk, deze kan ook op Rosh Hasjana klinken. Deze Rosh Hasjana 2010 of volgend jaar of.... We zien de start van de vredesbesprekingen van Israel. De ontwikkelingen van de wereldmunt, wereldreligie, oorlogsdreiging, natuurrampen, het klopt allemaal. Maar niemand weet het, dan de Vader alleen. En het houdt velen bezig, dat is een teken van verwachting! Belangrijk is dat God de Feestdagen heeft gegeven. Dat we de sjofar moeten blazen, als een alarm, dat we wakker worden, dat we ons bekeren en de poort kunnen binnengaan. Wie hoort de sjofar en bereidt zich voor?
bazuinen

"Wordt wakker, Uw Messias komt!

"Amen, kom, Here Jezus!"



1 Korintiërs 15

15
De opstanding van de doden
Broeders en zusters, ik herinner u aan het evangelie dat ik u verkondigd heb, dat u ook hebt aangenomen, dat uw fundament is
15
De opstanding der doden
Voorts, broeders, ik maak u bekend het Evangelie, dat ik u verkondigd heb, hetwelk gij ook aangenomen hebt, in hetwelk gij ook staat;
en uw redding, als u tenminste vasthoudt aan de boodschap die ik u verkondigd heb. Anders bent u tevergeefs tot geloof gekomen.
Door hetwelk gij ook zalig wordt, indien gij het behoudt op zodanige wijze, als ik het u verkondigd heb; tenzij dan dat gij tevergeefs geloofd hebt.
Het belangrijkste dat ik u heb doorgegeven, heb ik op mijn beurt ook weer ontvangen: dat Christus voor onze zonden is gestorven, zoals in de Schriften staat,
Want ik heb ulieden ten eerste overgegeven, hetgeen ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften;
dat hij is begraven en op de derde dag is opgewekt, zoals in de Schriften staat,
En dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de Schriften;
en dat hij is verschenen aan Kefas en vervolgens aan de twaalf leerlingen.
En dat Hij is van Céfas gezien, daarna van de twaalven.
Daarna is hij verschenen aan meer dan vijfhonderd broeders en zusters tegelijk, van wie er enkelen gestorven zijn, maar de meesten nu nog leven.
Daarna is Hij gezien van meer dan vijfhonderd broeders op eenmaal, van welken het merendeel nog over is, en sommigen ook zijn ontslapen.
Vervolgens is hij aan Jakobus verschenen en daarna aan alle apostelen.
Daarna is Hij gezien van Jakobus, daarna van al de apostelen.
Pas op het laatst is hij ook aan mij verschenen, aan het misbaksel dat ik was.
En ten laatste van allen is Hij ook van mij, als van een ontijdig geborene, gezien.
Want ik ben de minste van de apostelen, ik ben de naam apostel niet waard omdat ik Gods gemeente heb vervolgd.
Want ik ben de minste van de apostelen, die niet waardig ben een apostel genaamd te worden, daarom dat ik de Gemeente Gods vervolgd heb.
10 Alleen dankzij zijn genade ben ik wat ik ben. En zijn genade is bij mij niet zonder uitwerking gebleven. Integendeel, ik heb harder gezwoegd dan alle andere apostelen, niet op eigen kracht maar dankzij Gods genade.
10 Doch door de genade Gods ben ik, dat ik ben; en Zijn genade, die aan mij bewezen is, is niet ijdel geweest, maar ik heb overvloediger gearbeid dan zij allen; doch niet ik, maar de genade Gods, Die met mij is.
11 Hoe dan ook, of zij het nu zijn of ik, wij verkondigen allemaal dezelfde boodschap, en door die boodschap bent u tot geloof gekomen.
11 Hetzij dan ik, hetzij zijlieden, alzo prediken wij, en alzo hebt gij geloofd.
12 Maar wanneer nu over Christus wordt verkondigd dat hij uit de dood is opgewekt, hoe kunnen sommigen van u dan zeggen dat de doden niet zullen opstaan?
12 Indien nu Christus gepredikt wordt, dat Hij uit de doden opgewekt is, hoe zeggen sommigen onder u, dat er geen opstanding der doden is?
13 Als de doden niet opstaan, is ook Christus niet opgewekt;
13 En indien er geen opstanding der doden is, zo is Christus ook niet opgewekt.
14 en als Christus niet is opgewekt, is onze verkondiging zonder inhoud en uw geloof zinloos.
14 En indien Christus niet opgewekt is, zo is dan onze prediking ijdel, en ijdel is ook uw geloof.
15 Dan blijkt dat wij als getuigen van God over hem hebben gelogen, omdat we verklaard hebben dat hij Christus heeft opgewekt – want als er geen doden worden opgewekt, dan kan hij dat niet hebben gedaan.
15 En zo worden wij ook bevonden valse getuigen Gods; want wij hebben van God getuigd, dat Hij Christus opgewekt heeft, Dien Hij niet heeft opgewekt, zo namelijk de doden niet opgewekt worden.
16 Wanneer de doden niet worden opgewekt, is ook Christus niet opgewekt.
16 Want indien de doden niet opgewekt worden, zo is ook Christus niet opgewekt.
17 Maar als Christus niet is opgewekt, is uw geloof nutteloos, bent u nog een gevangene van uw zonden
17 En indien Christus niet opgewekt is, zo is uw geloof tevergeefs, zo zijt gij nog in uw zonden.
18 en worden de doden die Christus toebehoren niet gered.
18 Zo zijn dan ook verloren, die in Christus ontslapen zijn.
19 Als wij alleen voor dit leven op Christus hopen, zijn wij de beklagenswaardigste mensen die er zijn.
19 Indien wij alleenlijk in dit leven op Christus zijn hopende, zo zijn wij de ellendigste van alle mensen.
20 Maar Christus is werkelijk uit de dood opgewekt, als de eerste van de gestorvenen.
20 Maar nu, Christus is opgewekt uit de doden, en is de Eersteling geworden dergenen, die ontslapen zijn.
21 Zoals de dood er is gekomen door een mens, zo is ook de opstanding uit de dood er gekomen door een mens.
21 Want dewijl de dood door een mens is, zo is ook de opstanding der doden door een Mens.
22 Zoals wij door Adam allen sterven, zo zullen wij door Christus allen levend worden gemaakt.
22 Want gelijk zij allen in Adam sterven, alzo zullen zij ook in Christus allen levend gemaakt worden.
23 Maar ieder op de voor hem bepaalde tijd: Christus als eerste en daarna, wanneer hij komt, zij die hem toebehoren.
23 Maar een iegelijk in zijn orde: de eersteling Christus, daarna die van Christus zijn, in Zijn toekomst.
24 En dan komt het einde en draagt hij het koningschap over aan God, de Vader, nadat hij alle heerschappij en elke macht en kracht vernietigd heeft.
24 Daarna zal het einde zijn, wanneer Hij het Koninkrijk aan God en den Vader zal overgegeven hebben; wanneer Hij zal te niet gedaan hebben alle heerschappij, en alle macht en kracht.
25 Want hij moet koning zijn totdat ‘God alle vijanden aan zijn voeten heeft gelegd’.
25 Want Hij moet als Koning heersen, totdat Hij al de vijanden onder Zijn voeten zal gelegd hebben.
26 De laatste vijand die vernietigd wordt is de dood,
26 De laatste vijand, die te niet gedaan wordt, is de dood.
27 want er staat: ‘Hij heeft alles aan zijn voeten gelegd.’ Wanneer er ‘alles’ staat, is dat natuurlijk uitgezonderd degene die alles aan hem onderwerpt.
27 Want Hij heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen. Doch wanneer Hij zegt, dat Hem alle dingen onderworpen zijn, zo is het openbaar, dat Hij uitgenomen wordt, Die Hem alle dingen onderworpen heeft.
28 En op het moment dat alles aan hem onderworpen is, zal de Zoon zichzelf onderwerpen aan hem die alles aan hem onderworpen heeft, opdat God over alles en allen zal regeren.
28 En wanneer Hem alle dingen zullen onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon Zelf onderworpen worden Dien, Die Hem alle dingen onderworpen heeft, opdat God zij alles in allen.
29 Wat denken zij die zich voor de doden laten dopen te bereiken? Als de doden toch niet worden opgewekt, waarom zouden zij zich dan voor hen laten dopen?
29 Anders, wat zullen zij doen, die voor de doden gedoopt worden, indien de doden ganselijk niet opgewekt worden? Waarom worden zij voor de doden ook gedoopt?
30 En waarom zouden wij ons voortdurend aan gevaren blootstellen?
30 Waarom zijn ook wij alle ure in gevaar?
31 Elke dag sterf ik opnieuw, broeders en zusters, zo waar als ik dankzij Christus Jezus, onze Heer, trots op u kan zijn.
31 Ik sterf alle dagen, hetwelk ik betuig bij onzen roem, dien ik heb in Christus Jezus, onzen Heere.
32 In Efeze heb ik op leven en dood gevochten; wat zou ik daarmee hebben bereikt als ik geen hoop had? Wanneer de doden toch niet worden opgewekt, kunnen we maar beter zeggen: ‘Laten we eten en drinken, want morgen sterven we.’
32 Zo ik, naar den mens, tegen de beesten gevochten heb te Éfeze, wat nuttigheid is het mij, indien de doden niet opgewekt worden? Laat ons eten en drinken, want morgen sterven wij.
33 Maar vergis u niet: slecht gezelschap bederft goede zeden.
33 Dwaalt niet. Kwade samensprekingen verderven goede zeden.
34 Kom tot bezinning, zoals het u betaamt, en zondig niet langer. Sommigen van u hebben geen enkele kennis van God. U moest u schamen.
34 Waakt op rechtvaardiglijk, en zondigt niet. Want sommigen hebben de kennis van God niet. Ik zeg het u tot schaamte.
 

35 Nu zou iemand kunnen vragen: ‘Maar hoe worden de doden opgewekt? Hoe zou hun lichaam eruit moeten zien?’
35 Maar, zal iemand zeggen: Hoe zullen de doden opgewekt worden, en met hoedanig een lichaam zullen zij komen?
36 Dwaas die u bent! Als u iets zaait, moet dat eerst sterven voordat het tot leven kan komen.
36 Gij dwaas, hetgeen gij zaait, wordt niet levend, tenzij dat het gestorven is;
37 En wat u zaait heeft nog niet de vorm die het later krijgt; het is nog maar een naakte korrel, een graankorrel misschien of iets anders.
37 En hetgeen gij zaait, daarvan zaait gij het lichaam niet, dat worden zal, maar een bloot graan, naar het voorvalt, van tarwe, of van enig der andere granen.
38 God geeft daaraan de vorm die hij heeft vastgesteld, en hij geeft elke zaadkorrel zijn eigen vorm.
38 Maar God geeft hetzelve een lichaam, gelijk Hij wil, en aan een iegelijk zaad zijn eigen lichaam.
39 Elk aards lichaam is anders; het lichaam van een mens is enig in zijn soort, dat van een dier eveneens, dat van een vogel ook, en ook dat van een vis.
39 Alle vlees is niet hetzelfde vlees; maar een ander is het vlees der mensen, en een ander is het vlees der beesten, en een ander der vissen, en een ander der vogelen.
40 Er zijn lichamen aan de hemel en lichamen op aarde, maar de schittering van een hemellichaam is anders dan die van een aards lichaam.
40 En er zijn hemelse lichamen, en er zijn aardse lichamen; maar een andere is de heerlijkheid der hemelse, en een andere der aardse.
41 De zon heeft een andere schittering dan de maan, de maan weer een andere dan de sterren, en de sterren onderling verschillen ook in schittering.
41 Een andere is de heerlijkheid der zon, en een andere is de heerlijkheid der maan, en een andere is de heerlijkheid der sterren; want de ene ster verschilt in heerlijkheid van deandere ster.
42 Zo zal het ook zijn wanneer de doden opstaan. Wat in vergankelijke vorm wordt gezaaid, wordt in onvergankelijke vorm opgewekt,
42 Alzo zal ook de opstanding der doden zijn. Het lichaamwordt gezaaid in verderfelijkheid, het wordt opgewekt in onverderfelijkheid;
43 wat onaanzienlijk en zwak is wanneer het wordt gezaaid, wordt met schittering en kracht opgewekt.
43 Het wordt gezaaid in oneer, het wordt opgewekt in heerlijkheid; het wordt gezaaid in zwakheid, het wordt opgewekt in kracht.
44 Er wordt een aards lichaam gezaaid, maar een geestelijk lichaam opgewekt. Wanneer er een aards lichaam is, is er ook een geestelijk lichaam.
44 Een natuurlijk lichaam wordt er gezaaid, een geestelijk lichaam wordt er opgewekt. Er is een natuurlijk lichaam, en er is een geestelijk lichaam.
45 Zo staat er ook geschreven: ‘De eerste mens, Adam, werd een levend, aards wezen.’ Maar de laatste Adam werd een levendmakende geest.
45 Alzo is er ook geschreven: De eerste mens Adam is geworden tot een levende ziel; de laatste Adam tot een levendmakenden Geest.
46 Niet het geestelijke is er als eerste, maar het aardse; pas daarna komt het geestelijke.
46 Doch het geestelijke is niet eerst, maar het natuurlijke, daarna het geestelijke.
47 De eerste mens kwam uit de aarde voort en was stoffelijk, de tweede mens is hemels.
47 De eerste mens is uit de aarde, aards; de tweede Mens is de Heere uit den Hemel.
48 Ieder stoffelijk mens is als de eerste mens, ieder hemels mens is als de tweede.
48 Hoedanig de aardse is, zodanige zijn ook de aardsen; en hoedanig de Hemelse is, zodanige zijn ook de hemelsen.
49 Zoals we nu de gestalte van de stoffelijke mens hebben, zo zullen we straks de gestalte van de hemelse mens hebben.
49 En gelijkerwijs wij het beeld des aardsen gedragen hebben, alzo zullen wij ook het beeld des Hemelsen dragen.
50 Wat ik bedoel, broeders en zusters, is dit: wat uit vlees en bloed bestaat kan geen deel hebben aan het koninkrijk van God; het vergankelijke krijgt geen deel aan de onvergankelijkheid.
50 Doch dit zeg ik, broeders, dat vlees en bloed het Koninkrijk Gods niet beërven kunnen, en de verderfelijkheid beërft de onverderfelijkheid niet.
51 Ik zal u een geheim onthullen: wij zullen niet allemaal eerst sterven – toch zullen wij allemaal veranderd worden,
51 Ziet, ik zeg u een verborgenheid: wij zullen wel niet allen ontslapen, maar wij zullen allen veranderd worden;
52 in een ondeelbaar ogenblik, in een oogwenk, wanneer de bazuin het einde inluidt. Wanneer de bazuin weerklinkt, zullen de doden worden opgewekt met een onvergankelijk lichaam en zullen ook wij veranderen.
52 In een punt des tijds, in een ogenblik, met de laatste bazuin; want de bazuin zal slaan, en de doden zullen onverderfelijk opgewekt worden, en wij zullen veranderd worden.
53 Want het vergankelijke lichaam moet worden bekleed met het onvergankelijke, het sterfelijke lichaam met het onsterfelijke.
53 Want dit verderfelijke moet onverderfelijkheid aandoen, en dit sterfelijke moet onsterfelijkheid aandoen.
54 En wanneer dit vergankelijke lichaam is bekleed met het onvergankelijke, dit sterfelijke met het onsterfelijke, zal wat geschreven staat in vervulling gaan: ‘De dood is opgeslokt en overwonnen.
54 En wanneer dit verderfelijke zal onverderfelijkheid aangedaan hebben, en dit sterfelijke zal onsterfelijkheid aangedaan hebben, alsdan zal het woord geschieden, dat geschreven is: De dood is verslonden tot overwinning.
55 Dood, waar is je overwinning? Dood, waar is je angel?’
55 Dood, waar is uw prikkel? Hel, waar is uw overwinning?
56 De angel van de dood is de zonde, en de zonde ontleent haar macht aan de wet.
56 De prikkel nu des doods is de zonde; en de kracht der zonde is de wet.
57 Maar laten we God danken, die ons door Jezus Christus, onze Heer, de overwinning geeft.
57 Maar Gode zij dank, Die ons de overwinning geeft door onzen Heere Jezus Christus.
58 Kortom, geliefde broeders en zusters, wees standvastig en onwankelbaar en zet u altijd volledig in voor het werk van de Heer, in het besef dat door de Heer uw inspanningen nooit tevergeefs zijn.
58 Zo dan, mijn geliefde broeders! Zijt standvastig, onbewegelijk, altijd overvloedig zijnde in het werk des Heeren, als die weet, dat uw arbeid niet ijdel is in den Heere.


Openbaring 20

20
De eerste opstanding en de tweede dood
Ik zag een engel uit de hemel neerdalen met de sleutel van de onderaardse diepte en zware ketenen in zijn hand.
20
De satan voor duizend jaren gebonden
En ik zag een engel afkomen uit den hemel, hebbende den sleutel des afgronds, en een grote keten in zijn hand;
Hij greep de draak, de slang van weleer, die ook duivel of Satan wordt genoemd, en ketende hem voor duizend jaren.
En hij greep den draak, de oude slang, welke is de duivel en satanas, en bond hem duizend jaren;
Hij gooide hem in de diepte, sloot de put boven hem en verzegelde die, opdat de volken niet meer door hem misleid zouden worden tot de duizend jaar voorbij waren; daarna moet hij korte tijd worden losgelaten.
En wierp hem in den afgrond, en sloot hem daarin, en verzegelde dien boven hem, opdat hij de volken niet meer verleiden zou, totdat de duizend jaren zouden geëindigd zijn. En daarna moet hij een kleinen tijd ontbonden worden.
De eerste opstanding
Ook zag ik tronen, en aan hen die erop zaten werd recht gedaan. Het zijn de zielen van hen die onthoofd waren omdat ze van Jezus hadden getuigd en over God hadden gesproken; zij hadden het beest en zijn beeld niet aanbeden en ook zijn merkteken niet op hun voorhoofd of hun hand gekregen. Zij waren tot leven gekomen en heersten duizend jaar lang samen met de messias.
En ik zag tronen, en zij zaten op dezelve; en het oordeel werd hun gegeven; en ik zag de zielen dergenen, die onthoofd waren om de getuigenis van Jezus, en om het Woord Gods, en die het beest, en deszelfs beeld niet aangebeden hadden, en die het merkteken niet ontvangen hadden aan hun voorhoofd en aan hun hand; en zij leefden en heersten als koningen met Christus, de duizend jaren.
De andere doden kwamen niet tot leven voordat de duizend jaar voorbij waren. Dit is de eerste opstanding.
Maar de overigen der doden werden niet weder levend, totdat de duizend jaren geëindigd waren. Deze is de eerste opstanding.
Gelukkig en heilig zijn zij die deelhebben aan de eerste opstanding. De tweede dood heeft geen macht over hen. Zij zullen priester van God en van de messias zijn en duizend jaar lang samen met hem heersen.
Zalig en heilig is hij, die deel heeft in de eerste opstanding; over deze heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen heersen duizend jaren.
De satan geheel overwonnen
Wanneer de duizend jaar voorbij zijn, zal Satan uit zijn gevangenis worden losgelaten.
En wanneer de duizend jaren zullen geëindigd zijn, zal de satanas uit zijn gevangenis ontbonden worden.
Dan gaat hij eropuit om de volken aan de vier hoeken van de aarde, Gog en Magog, te misleiden. Hij brengt hen voor de strijd bijeen, een menigte zo talrijk als zandkorrels aan de zee.
En hij zal uitgaan om de volken te verleiden, die in de vier hoeken der aarde zijn, den Gog en den Magog, om hen tevergaderen tot den krijg; welker getal is als het zand aan de zee.
Ze trekken op, over de hele breedte van de aarde, en omsingelen het kamp van de heiligen en de geliefde stad. Maar vuur daalt neer uit de hemel en verteert hen.
En zij zijn opgekomen op de breedte der aarde, en omringden de legerplaats der heiligen, en de geliefde stad; en er kwam vuur neder van God uit den hemel, en heeft hen verslonden.
10 En de duivel, die hen misleidde, wordt in de poel van vuur en zwavel gegooid, bij het beest en de valse profeet. Daar zullen ze dag en nacht worden gepijnigd, tot in eeuwigheid.
10 En de duivel, die hen verleidde, werd geworpen in den poel des vuurs en sulfers, alwaar het beest en de valse profeet zijn; en zij zullen gepijnigd worden dag en nacht in alle eeuwigheid.
Het laatste oordeel
11 Toen zag ik een grote witte troon en hem die daarop zat. De aarde en de hemel vluchtten van hem weg en verdwenen in het niets.
11 En ik zag een groten witten troon, en Dengene, Die daarop zat, van Wiens aangezicht de aarde en de hemel wegvloden, en geen plaats is voor die gevonden.
12 Ik zag de doden, jong en oud, voor de troon staan. Er werden boeken geopend. Toen werd er nog een geopend: het boek van het leven. De doden werden op grond van wat in de boeken stond geoordeeld naar hun daden.
12 En ik zag de doden, klein en groot, staande voor God; en de boeken werden geopend; en een ander boek werd geopend, dat des levens is: en de doden werden geoordeeld uit hetgeen in de boeken geschreven was, naarhun werken.
13 De zee stond de doden die ze in zich had af, en ook de dood en het dodenrijk stonden hun doden af. En iedereen werd geoordeeld naar zijn daden.
13 En de zee gaf de doden, die in haar waren; en de dood en de hel gaven de doden, die in hen waren; en zij werden geoordeeld, een iegelijk naar hun werken.
14 Toen werden de dood en het dodenrijk in de vuurpoel gegooid. Dit is de tweede dood: de vuurpoel.
14 En de dood en de hel werden geworpen in den poel des vuurs; dit is de tweede dood.
15 Wie niet in het boek van het leven bleek te staan werd in de vuurpoel gegooid.
15 En zo iemand niet gevonden werd geschreven in het boek des levens, die werd geworpen in den poel des vuurs.


Openbaring 12

12
De vrouwe en de draak
En er werd een groot teken gezien in den hemel; namelijk een vrouw, bekleed met de zon; en de maan was onder haar voeten, en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren;
En zij was zwanger, en riep, barensnood hebbende, en zijnde in pijn om te baren.
En er werd een ander teken gezien in den hemel; en ziet, er was een grote rode draak, hebbende zeven hoofden, en tien hoornen, en op zijn hoofden zeven koninklijke hoeden.
En zijn staart trok het derde deel der sterren des hemels, en wierp die op de aarde. En de draak stond voor de vrouw, die baren zou, opdat hij haar kind zou verslinden, wanneer zij het zou gebaard hebben.
En zij baarde een mannelijken zoon, die al de heidenen zou hoeden met een ijzeren roede; en haar kind werd weggerukt tot God en Zijn troon.
En de vrouw vluchtte in de woestijn, alwaar zij een plaats had, haar van God bereid, opdat zij haar aldaar zouden voeden duizend tweehonderd zestig dagen.
De strijd van Michaël met den draak
En er werd krijg in den hemel: Michaël en zijn engelen krijgden tegen den draak, en de draak krijgde ook en zijn engelen.
En zij hebben niet vermocht, en hun plaats is niet meer gevonden in den hemel.
En de grote draak is geworpen, namelijk de oude slang, welke genaamd wordt duivel en satanas, die de gehele wereld verleidt, hij is, zeg ik, geworpen op de aarde; en zijn engelen zijn met hem geworpen.
10 En ik hoorde een grote stem, zeggende in den hemel: Nu is de zaligheid, en de kracht, en het koninkrijk geworden onzes Gods; en de macht van Zijn Christus; want de verklager onzer broederen, die hen verklaagde voor onzen God dag en nacht is nedergeworpen.
11 En zij hebben hem overwonnen door het bloed des Lams, en door het woord hunner getuigenis, en zij hebben hun leven niet liefgehad tot den dood toe.
12 Hierom bedrijft vreugde, gij hemelen, en gij, die daarin woont! Wee dengenen, die de aarde en de zee bewonen, want de duivel is tot u afgekomen, en heeft groten toorn, wetende, dat hij een kleinen tijd heeft.
13 En toen de draak zag, dat hij op de aarde geworpen was, zo heeft hij de vrouw vervolgd, die het manneken gebaard had.
14 En der vrouwe zijn gegeven twee vleugelen eens groten arends, opdat zij zou vliegen in de woestijn, in haar plaats, alwaar zij gevoed wordt een tijd, en tijden, en een halven tijd, buiten het gezicht der slang.
15 En de slang wierp uit haar mond achter de vrouw water als een rivier, opdat hij haar door de rivier zou doen wegvoeren.
16 En de aarde kwam de vrouw te hulp, en de aarde opende haar mond, en verzwolg de rivier, welke de draak uit zijn mond had geworpen.
17 En de draak vergrimde op de vrouw, en ging heen om krijg te voeren tegen de overigen van haar zaad, die de geboden Gods bewaren, en de getuigenis van Jezus Christus hebben.
18 En ik stond op het zand der zee.

1 Tessalonicenzen 4

4
Vermaning tot heiligen wandel en onderlinge liefde
Voorts dan, broeders, wij bidden en vermanen u in den Heere Jezus, gelijk gij van ons ontvangen hebt, hoe gij moet wandelen en Gode behagen, dat gij daarin meer overvloedig wordt.
4
Vermaning tot heilige wandel
Voorts dan, broeders, vragen wij en vermanen wij u in de Here Jezus, dat gij, zoals gij van ons vernomen hebt, hoe gij moet wandelen en God behagen, zoals gij ook inderdaad wandelt, dat nog meer doet.
Want gij weet, wat bevelen wij u gegeven hebben door den Heere Jezus.
Want gij weet, welke voorschriften wij u gegeven hebben door de Here Yeshua.
Want dit is de wil van God, uw heiligmaking: dat gij u onthoudt van de hoererij;
Want dit wil God: uw heiliging, dat gij u onthoudt van de hoererij,
Dat een iegelijk van u wete zijn vat te bezitten in heiligmaking en eer;
dat ieder uwer in heiliging en eerbaarheid zijn vat wete te verwerven,
Niet in kwade beweging der begeerlijkheid, gelijk als de heidenen, die God niet kennen.
niet in hartstochtelijke begeerlijkheid, zoals ook de heidenen, die van God niet weten,
Dat niemand zijn broeder vertrede, noch bedriege in zijnhandeling; want de Heere is een wreker over dit alles, gelijk wij u ook te voren gezegd en betuigd hebben.
en dat men zijn broeder niet slecht behandele of bedriege in deze zaak, want de Here is een wreker van dit alles, zoals wij u ook vroeger gezegd en nadrukkelijk betuigd hebben.
Want God heeft ons niet geroepen tot onreinigheid, maar tot heiligmaking.
Want God heeft ons niet geroepen tot onreinheid, maar in heiliging.
Zo dan die dit verwerpt, die verwerpt geen mens, maar God, Die ook Zijn Heiligen Geest in ons heeft gegeven.
Daarom, wie dit verwerpt, verwerpt niet een mens, maar God, die u immers ook zijn heilige Geest geeft.
Van de broederlijke liefde nu hebt gij niet van node, dat ik u schrijve; want gij zelven zijt van God geleerd om elkander lief te hebben.
Over de broederliefde is het niet nodig u te schrijven; immers, gij hebt zelf van God geleerd elkander lief te hebben;
10 Want gij doet ook hetzelfde aan al de broederen, die in geheel Macedónië zijn. Maar wij vermanen u, broeders, dat gij meer overvloedig wordt;
10 gij doet dat dan ook ten aanzien van alle broeders in geheel Macedonië.
Maar wij vermanen u, broeders, dit nog veel meer te doen,
11 En dat gij u benaarstigt stil te zijn, en uw eigen dingen te doen, en te werken met uw eigen handen, gelijk wij u bevolen hebben;
11 en er een eer in te stellen rustig te blijven en uw eigen zaken te behartigen en met uw handen te werken, zoals wij u bevolen hebben,
12 Opdat gij eerlijk wandelt bij degenen, die buiten zijn, en geen ding van node hebt.
Over de wederkomst van Christus
12 opdat gij u behoorlijk gedraagt ten aanzien van hen, die buiten staan, zonder iets nodig te hebben.
De komst des Heren
13 Doch, broeders, ik wil niet, dat gij onwetende zijt van degenen, die ontslapen zijn, opdat gij niet bedroefd zijt, gelijk als de anderen, die geen hoop hebben.
13 Doch wij willen u niet onkundig laten, broeders, wat betreft hen, die ontslapen, opdat gij niet bedroefd zijt, zoals de andere (mensen), die geen hoop hebben.
14 Want indien wij geloven, dat Jezus gestorven is en opgestaan, alzo zal ook God degenen, die ontslapen zijn in Jezus, wederbrengen met Hem.
14 Want indien wij geloven, dat Jezus gestorven en opgestaan is, zal God ook zó hen, die ontslapen zijn, door Jezus wederbrengen met Hem.
15 Want dat zeggen wij u door het Woord des Heeren, dat wij, die levend overblijven zullen tot de toekomst des Heeren, niet zullen voorkomen degenen, die ontslapen zijn.
15 Want dit zeggen wij u met een woord des Heren: wij, levenden, die achterblijven tot de komst des Heren, zullen in geen geval de ontslapenen voorgaan,
16 Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem des archangels, en met de bazuin Gods nederdalen van den hemel; en die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan;
16 want de Here zelf zal op een teken, bij het roepen van een aartsengel en bij het geklank ener bazuin Gods, nederdalen van de hemel, en zij, die in Christus gestorven zijn, zullen het eerst opstaan;
17 Daarna wij, die levend overgebleven zijn, zullen te zamen met hen opgenomen worden in de wolken, den Heere tegemoet, in de lucht; en alzo zullen wij altijd met den Heere wezen.
17 daarna zullen wij, levenden, die achterbleven, samen met hen op de wolken in een oogwenk weggevoerd worden, de Here tegemoet in de lucht, en zó zullen wij altijd met de Here wezen.
18 Zo dan, vertroost elkander met deze woorden.
18 Vermaant elkander dus met deze woorden.
 


  Rev 13:5   And 2532 there was given 1325 unto him 846 a mouth 4750 speaking 2980 great things 3173 and2532 blasphemies 988; and 2532 power 1849 was given 1325 unto him 846 to continue 4160 forty 5062[and] two 1417 months 3376.
  Rev 13:6   And 2532 he opened 455 his 846 mouth 4750 in 1519blasphemy 988 against 4314 God 2316, to blaspheme 987 his 846 name 3686, and 2532 his 846tabernacle 4633, and 2532 them that dwell 4637 in1722 heaven 3772.
  Rev 13:7   And 2532 it was given 1325 unto him 846 to make4160 war 4171 with 3326 the saints 40, and 2532 to overcome 3528 them 846: and 2532 power 1849 was given 1325 him 846 over 1909 all 3956 kindreds 5443, and 2532 tongues 1100, and 2532 nations 1484.
  Rev 13:8   And 2532 all 3956 that dwell 2730 upon 1909 the earth 1093 shall worship 4352 him 846, whose 3739names 3686 are 1125 0 not 3756 written 1125 in 1722the book 976 of life 2222 of the Lamb 721 slain 4969from 575 the foundation 2602 of the world 2889.
  Rev 13:9   If any man 1536 have 2192 an ear 3775, let him hear 191 .
  Rev 13:10   He that 1536 leadeth 4863 into captivity 161 shall go 5217 into 1519 captivity 161: he that 1536 killeth615 with 1722 the sword 3162 must 1163 be killed615 with 1722 the sword 3162. Here 5602 is 2076 the patience 5281 and 2532 the faith 4102 of the saints40.

1 Timoteüs 4

4
De afval in de laatste tijden
Doch de Geest zegt duidelijk, dat in de laatste tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, zich begevende tot verleidende geesten, en leringen der duivelen,
4
De taak van Timoteüs
Maar de Geest zegt nadrukkelijk, dat in latere tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten volgen,
Door geveinsdheid der leugensprekers, hebbende hun eigen geweten als met een brandijzer toegeschroeid;
door de huichelarij van leugensprekers, die in hun eigen geweten gebrandmerkt zijn,
Verbiedende te huwelijken, gebiedende van spijzen te onthouden, die God geschapen heeft, tot nuttiging met dankzegging, voor de gelovigen, en die de waarheid hebben bekend.
het huwelijk verbieden en het genot van spijzen, welke God toch geschapen heeft om met dankzegging te worden gebruikt door de gelovigen, die tot erkentenis der waarheid gekomen zijn.
Want alle schepsel Gods is goed, en er is niets verwerpelijk, met dankzegging genomen zijnde;
Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets daarvan is verwerpelijk, als het met dankzegging aanvaard wordt:
Want het wordt geheiligd door het Woord van God, en doorhet gebed.
Vermaning tot getrouwe ambtsvervulling
want het wordt geheiligd door het woord Gods en door gebed.
Als gij deze dingen den broederen voorstelt, zo zult gij een goed dienaar van Jezus Christus zijn, opgevoed in de woorden des geloofs en der goede leer, welke gij achtervolgd hebt.
Als gij dit de broeders voorhoudt, zult gij een goed dienaar van Christus Jezus zijn, wèl onderlegd in de woorden des geloofs en der goede leer, die gij gevolgd zijt;
Maar verwerp de ongoddelijke en oudwijfse fabelen; en oefen uzelven tot godzaligheid.
maar wees afkerig van onheilige oudevrouwenpraat. Oefen u in de godsvrucht.
Want de lichamelijke oefening is tot weinig nut; maar de godzaligheid is tot alle dingen nut, hebbende de belofte des tegenwoordigen en des toekomenden levens.
Want de oefening van het lichaam is van weinig nut, doch de godsvrucht is nuttig tot alles, daar zij een belofte inhoudt van leven, in heden en toekomst.
Dit is een getrouw woord, en alle aanneming waardig.
Dit is een betrouwbaar woord en alle aanneming waard.
10 Want hiertoe arbeiden wij ook, en worden versmaad, omdat wij gehoopt hebben op den levenden God, Die een Behouder is aller mensen, maar allermeest der gelovigen.
10 Ja, hierom getroosten wij ons moeite en grote inspanning, omdat wij onze hoop gevestigd hebben op de levende God, die een Heiland is voor alle mensen, inzonderheid voor de gelovigen.
11 Beveel deze dingen, en leer ze.
11 Beveel en leer dit.
12 Niemand verachte uw jonkheid, maar zijt een voorbeeld der gelovigen in woord, in wandel, in liefde, in den geest, in geloof, in reinheid.
12 Niemand schatte u gering om uw jeugdige leeftijd, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen in woord, in wandel, in liefde, in geloof en in reinheid.
13 Houd aan in het lezen, in het vermanen, in het leren, totdat ik kome.
13 In afwachting van mijn komst moet gij u toeleggen op het voorlezen, het vermanen en het leren.
14 Verzuim de gave niet, die in u is, die u gegeven is door de profetie, met oplegging der handen des ouderlingschaps.
14 Veronachtzaam de gave in u niet, die u krachtens een profetenwoord geschonken is onder handoplegging van de gezamenlijke oudsten.
15 Bedenk deze dingen, wees hierin bezig, opdat uw toenemen openbaar zij in alles.
15 Behartig deze dingen, leef erin, opdat aan allen blijke, dat gij vooruitgaat.
16 Heb acht op uzelven en op de leer; volhard daarin; want dat doende, zult gij en uzelven behouden, en die u horen.
16 Zie toe op uzelf en op de leer, volhard in deze dingen; want door dit te doen zult gij zowel uzelf als hen, die u horen, behouden.


2 Timoteüs 3

3
De moeilijke tijden der laatste dagen
En weet dit, dat in de laatste dagen ontstaan zullen zware tijden.
3
Tekening der dwaalleraars
Weet wel, dat er in de laatste dagen zware tijden zullen komen:
Want de mensen zullen zijn liefhebbers van zichzelven, geldgierig, laatdunkend, hovaardig, lasteraars, den ouderen ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig.
want de mensen zullen zelfzuchtig zijn, geldgierig, pochers, vermetel, kwaadsprekers, aan hun ouders ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig,
Zonder natuurlijke liefde, onverzoenlijk, achterklappers, onmatig, wreed, zonder liefde tot de goeden,
liefdeloos, trouweloos, lasteraars, onmatig, onhandelbaar, afkerig van het goede,
Verraders, roekeloos, opgeblazen, meer liefhebbers der wellusten dan liefhebbers Gods;
verraderlijk, roekeloos, opgeblazen, met meer liefde voor genot dan voor God,
Hebbende een gedaante van godzaligheid, maar die de kracht derzelve verloochend hebben. Heb ook een afkeer van deze.
die met een schijn van godsvrucht de kracht daarvan verloochend hebben; houd ook dezen op een afstand.
Want van dezen zijn het, die in de huizen insluipen, en nemen de vrouwkens gevangen, die met zonden geladen zijn, en door menigerlei begeerlijkheden gedreven worden;
Want tot hen behoren zij, die zich in de huizen indringen en vrouwtjes weten in te palmen, die met zonden beladen zijn en gedreven worden door velerlei begeerten,
Vrouwkens, die altijd leren, en nimmermeer tot kennis der waarheid kunnen komen.
die zich te allen tijde laten leren, zonder ooit tot erkentenis der waarheid te kunnen komen.
Gelijkerwijs nu Jannes en Jambres Mozes tegenstonden, alzo staan ook dezen de waarheid tegen; mensen, verdorven zijnde van verstand, verwerpelijk aangaande het geloof.
Zoals Jannes en Jambres, de tegenstanders van Mozes, staan ook dezen de waarheid tegen; het zijn mensen, wier denken bedorven is, en wier geloof de toets niet kan doorstaan.
Maar zij zullen niet meerder toenemen; want hun uitzinnigheid zal allen openbaar worden, gelijk ook die van genen geworden is.
Vermaning tot getrouwheid
Maar zij zullen het niet veel verder brengen, want hun onzinnigheid zal aan allen overduidelijk worden, zoals ook bij genen het geval was.
10 Maar gij hebt achtervolgd mijn leer, wijze van doen, voornemen, geloof, lankmoedigheid, liefde, lijdzaamheid.
10 Gij daarentegen hebt volle aandacht geschonken aan mijn onderricht, wijze van doen, bedoeling, geloof, lankmoedigheid, liefde, volharding,
11 Mijn vervolgingen, mijn lijden, zulks als mij overkomen is in Antiochíë, in Ikónium en in Lystre; hoedanige vervolgingen ik geleden heb, en de Heere heeft mij uit alle verlost.
11 vervolgingen en lijden, zoals mij getroffen hebben te Antiochië, te Ikonium en te Lystra. Al die vervolgingen heb ik doorstaan en de Here heeft mij uit alle gered.
12 En ook allen, die godzaliglijk willen leven in Christus Jezus, die zullen vervolgd worden.
12 Trouwens, allen, die in Christus Jezus godvruchtig willen leven, zullen vervolgd worden.
13 Doch de boze mensen en bedriegers zullen tot erger voortgaan, verleidende en wordende verleid.
13 Maar slechte mensen en bedriegers zullen van kwaad tot erger komen; zij verleiden en worden verleid.
Het nut der heilige schriften – De naaste toekomst
14 Maar blijft gij in hetgeen gij geleerd hebt, en waarvan u verzekering gedaan is, wetende, van wien gij het geleerd hebt;
14 Blijf gij echter bij wat u geleerd en toevertrouwd is, wèl bewust van wie gij het hebt geleerd,
15 En dat gij van kinds af de heilige Schriften geweten hebt, die u wijs kunnen maken tot zaligheid, door het geloof, hetwelk in Christus Jezus is.
15 en dat gij van kindsbeen af de heilige schriften kent, die u wijs kunnen maken tot zaligheid door het geloof in Christus Jezus.
16 Al de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing, die in de rechtvaardigheid is;
16 Elk van God ingegeven schriftwoord is ook nuttig om te onderrichten, te weerleggen, te verbeteren en op te voeden in de gerechtigheid,
17 Opdat de mens Gods volmaakt zij, tot alle goed werk volmaaktelijk toegerust.
17 opdat de mens Gods volkomen zij, tot alle goed werk volkomen toegerust.

De drones komen eraan!
1 | 8 | 2012
Scout drone

Ian McDonald van het technologiebedrijf Aeryon Labs zet een Scout, een kleine drone, in elkaar. Binnen enkele minuten staat het lichte toestelletje klaar om op te stijgen.

Is het een vogel? Is het een vliegtuig? Nee, het is een kleine drone, een onbemand toestel, dat rondvliegt boven een veld in het Canadese stadje Waterloo. Een camera aan de buik van het vliegende object, dat in een rugzak past, seint vanaf een hoogte van tientallen meters gedetailleerde luchtbeelden terug naar de bestuurder met een tabletcomputer op de grond.
 
Het lichte apparaat, Scout genaamd, wordt bestuurd door Ian McDonald van Aeryon Labs. Dat technologiebedrijf, een van meerdere producenten van niet-militaire drones, heeft toestellen geleverd aan politiekorpsen, wetenschappelijke onderzoekers, rampbestrijders in de Golf van Mexico en vorig jaar zelfs de rebellen in Libië.
 
Aeryon voorspelt een grote doorbraak van onbemande vliegtuigjes – niet de bewapende soort met bommen, maar kleine toestelletjes met elektronische ogen die met minimale training kunnen worden bestuurd. In Noord-Amerika wordt geschat dat binnen tien jaar 30.000 onbemande toestellen, of unmanned aerial vehicles (UAVs), in gebruik zullen zijn.
 
Want er zitten aanzienlijke voordelen aan de technologie, die steeds geavanceerder en goedkoper is geworden: de toestellen kunnen op een eenvoudige manier werk doen dat gevaarlijk of eentonig is voor bemande vliegtuigen – denk aan taken als het volgen van bosbranden of het inspecteren van pijpleidingen, gewassen en hoogspanningsdraden.
 
,,Je kunt je voorstellen dat dit veel makkelijker is dan het inhuren van een helikopter’’, zegt McDonald. Bovendien is het aanmerkelijk goedkoper. Helikopters zijn duur, maar een klein dronesysteem heb je al voor een prijs variërend van enkele tienduizenden tot enkele honderdduizenden dollars.
 
Toch is niet iedereen even gelukkig met het vooruitzicht van een luchtruim dat wemelt van onbemande toestelletjes die overal elektronische ogen in het zeil houden. Vertegenwoordigers van de bemande luchtvaart maken zich zorgen over veiligheid; in de VS wordt gewerkt aan regels om drones per 2015 op een verantwoordelijke manier te integreren in het luchtvaartverkeer.
 
Bovendien zijn er zorgen over privacy. Critici als de burgerrechtenorganisatie American Civil Liberties Union (ACLU) schetsen een schrikbeeld van een overheid die, als Big Brother, letterlijk boven het hoofd van burgers zweeft en het vermogen heeft om mensen langdurig in de gaten te houden, zelfs in hun eigen achtertuin of door het raam van hun appartement.
 
Sommigen vinden dan ook dat het gebruik van drones moet worden verboden. Maar volgens voorstanders is de trend onafwendbaar: de drones komen eraan. ,,De technologie is in het stadium van vroege gebruikers, net als smartphones enkele jaren geleden’’, betoogt McDonald. ,,Het staat op het punt van een grote doorbraak op de algemene markt.’’

Lees het artikel op http://www.nrc.nl/wereld/2012/07/31/drones-komen-eraan/

Bron: www.nrc.nl 
Auteur: Frank Kuin

Timmermans is Hennis 'te snel af' over drones

Bewerkt door: redactie −03/12/12, 23:07 − bron: anp.nl

© anp. Minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert

Minister Jeanine Hennis-Plasschaert van Defensie liet maandag in een Kamerdebat weten op internationaal niveau de discussie te willen aangaan over de kaders van de inzet van onbemande vliegtuigjes. Maar nog in het debat moest ze op haar woorden terugkomen.

'Timmermans is ons te snel af', verklaarde Hennis. Ze was door haar collega van Buitenlandse Zaken op de hoogte gesteld dat internationaal al druk gediscussieerd wordt over de inzet van de onbemande vliegtuigjes, zogeheten drones.

Wapens
Het onderwerp kwam aan de orde in een debat over defensiematerieel. Daarbij kwam de aanschaf van drones door de krijgsmacht ter sprake. Het gaat om ongewapende toestellen die nog wel omgebouwd kunnen worden zodat ze wapens kunnen meenemen. Als Defensie hiertoe ooit zou besluiten, gebeurt dat in overleg met de Kamer, aldus de minister.

De inzet van drones is niet onomstreden onder meer omdat de Amerikanen de vliegtuigjes in Pakistan en Jemen inzetten om tegenstanders te doden. Een plan van D66 om een onafhankelijk juridisch onderzoek te beginnen naar de inzet van drones, vond geen gehoor bij de minister.



Horus (RA)/Lucifer/Baphomet (Egypte, Babylon)
Koningshuizen/Regeringen
Religies (Kerken)/Media
Militairen/Politie
Bedrijven/Gemeentes
Gewone volk


Ook Baja Beach Club Rotterdam aan de chip


Na Barcelona gaat binnenkort ook de Baja Beach Club in Rotterdam werken met onderhuids aangebrachte microchips. Dat maakte Conrad Chase, een van de drie eigenaren van de trendyzaak, bekend. In de herfst is ‘Keulen’ aan de beurt.

Eind juni moet het voor vaste gasten mogelijk zijn om middels een chip entree en consumpties te betalen in de Baja Beach Club in Rotterdam. Gasten kunnen operatief een kleine chip zo groot als een rijstkorrel in hun lichaam laten aanbrengen. De chip doet dienst als betaalmiddel.

De Baja Beach Club in Barcelona had onlangs de primeur. Binnenkort is Rotterdam aan de beurt en in het najaar start de innovatie bij de Baja Beach Club in het Duitse Keulen. De directie van het horecabedrijf wil dat één onderhuidse betaalmiddel gaat werken in alle drie de discotheken.

door Richard Kok   22 mei 2004



Om meer ruimte in de overvolle gevangenissen te krijgen overweegt de Britse regering om gevangenen van een
rfid-chip te voorzien. Privacywaakhonden en reclasseringsambtenaren noemen het systeem 'vernederend'.

Het aantal gedetineerden in Groot-Brittannië is de afgelopen tien jaar van zestigduizend naar tachtigduizend opgelopen en het land kent het hoogste aantal gevangenen per inwoner van Europa. Om miljardeninvesteringen in de bouw van nieuwe gevangenissen te beperken, zou de overheid de mogelijkheid onderzoeken om gestraften vaker onder huisarrest te plaatsen, bericht The Independent. De onderhuidse chips moeten de enkelbanden die momenteel gebruikt worden, gaan vervangen.



Veroordeelden met huisarrest zouden bijna tweeduizend maal per jaar hun enkelbanden verwijderen, waardoor zij niet meer zijn te controleren. Het Britse ministerie van Justitie onderzoekt nu de technische mogelijkheden om gedetineerden te chippen, waardoor zij met behulp van een gps-systeem in de gaten zijn te houden. Zo kan het systeem alarm slaan wanneer een veroordeelde pedofiel in de buurt van scholen komt.

De rfid-chips worden door een arts met een injectienaald onder de huid aangebracht. Momenteel is het rfid-systeem onder meer in zwang bij het taggen van huisdieren, vee en luchtvaartbagage. In de VS worden de onderhuidse chips gebruikt om de handel en wandel van bendeleden binnen strafinrichtingen in de gaten te houden, maar er zijn nog geen rfid-systemen bekend die gedetineerden ook buiten de gevangenismuren actief volgen.

Privacywaakhonden en de reclassering zien echter niets in de plannen van de Britse regering. Volgens de critici is het onderhuids aanbrengen van chips 'vernederend' en zou het de rehabilitatie van veroordeelden in de weg staan. Ook zouden criminelen snel genoeg manieren vinden om ook deze techniek te omzeilen, waardoor de publieke veiligheid alsnog in het geding komt. De voorstanders stellen echter dat veroordeelden zelf de voorkeur geven aan een rfid-chip boven een 'lompe' enkelband.

Auteur:
Dimitri Reijerman

 
Egyptian Cleric Issues Fatwa To Muslim Youth In America: Kill The Cast, Crew And Everyone Who Supported Anti-Mohammed Film
 
09/18/2012

What’s next? A fatwa to kill everyone who supports the First Amendment of the US Constitution? A fatwa to kill everyone who isn’t Muslim? …

AFP – “WASHINGTON: A Salafist cleric in Egypt is calling for the deaths of all those involved in the making of an anti-Muslim film that has outraged the Islamic world, SITE Intelligence Group said on Monday.

In a statement, the terrorism monitoring service said Ahmad Fouad Ashoush issued his fatwa, or religious edict, against the cast and crew of ‘Innocence of Muslims’ via jihadist internet forums over the weekend.

‘Those bastards who did this film are belligerent disbelievers,’ Ashoush said, according to SITE’s translation of the lengthy Arabic statement.

‘I issue a fatwa and call on the Muslim youth in America and Europe to do this duty, which is to kill the director, the producer and the actors and everyone who helped and promoted the film,’ he said.

‘So, hurry, hurry, O Muslim youth in America and Europe, and teach those filthy lowly ones a lesson that all the monkeys and pigs in America and Europe will understand. May Allah guide you and grant you success.’

In an allusion to police crackdowns on protests against the film, the cleric also denounced an unspecified ‘hypocritical group … busy breaking demonstrations’ and apologizing to Washington for the unrest.”
Read more.

Hezbollah Warns Of ‘Very Dangerous’ Global Repercussions, Anti-Mohammed Filmmaker and Family Go Into Hiding – “Hizbollah warned of ‘very dangerous’ global repercussions if an anti-Islam film is released in its entirety, as a fatwa was issued against the film’s producer who has gone into hiding with his family… An eruption of Muslim anger over a trailer of the American-made film that appeared on the internet has spread across the world, taking hold Monday in Afghanistan, Indonesia, the West Bank, the Philippines and Yemen.” Read more.

Flashback: Egypt: Rising Islamic Leader Declares ‘We Will Launch a Campaign of Islamic Conquest Throughout the World’, ‘Exterminate’ Christians Who Get In the Way of Sharia - “A rising leader in the radical Islamic movement in Egypt that has become a major political player since the demise of Hosni Mubarak’s regime says Christian churches may need to be blown up and Christians exterminated to allow the advance of Islamic law, or Shariah. The comments come from Sheik ‘Adel Shehato, a senior leader with the Egyptian Islamic Jihad terrorist group… The sheik, a senior jihadist leader, responded to a question about using violence against Christians, who make up a substantial minority in Egypt.”
Read more.

TIME TO WAKE UP NEWS: SEPTEMBER 19, 2012 PT 2

The G20 moves the world a step closer to a global currency

The world is a step closer to a global currency, backed by a global central bank, running monetary policy for all humanity.

By Ambrose Evans-Pritchard7:18AM BST 03 Apr 200959 Comments
A single clause in Point 19 of the communiqué issued by the G20 leaders amounts to revolution in the global financial order.
"We have agreed to support a general SDR allocation which will inject $250bn (£170bn) into the world economy and increase global liquidity," it said. SDRs are Special Drawing Rights, a synthetic paper currency issued by the International Monetary Fund that has lain dormant for half a century.
In effect, the G20 leaders have activated the IMF's power to create money and begin global "quantitative easing". In doing so, they are putting a de facto world currency into play. It is outside the control of any sovereign body. Conspiracy theorists will love it.
It has been a good summit for the IMF. Its fighting fund for crises is to be tripled overnight to $750bn. This is real money.
Dominique Strauss-Kahn, the managing director, said in February that the world was "already in Depression" and risked a slide into social disorder and military conflict unless political leaders resorted to massive stimulus.
He has not won everything he wanted. The spending plan was fudged. While Gordon Brown talked of $5 trillion in global stimulus by 2010, this is mostly made up of packages already under way.
But Mr Strauss-Kahn at least has resources fit for his own task. He will need them. The IMF is already bailing out Pakistan, Iceland, Latvia, Hungary, Ukraine, Belarus, Serbia, Bosnia and Romania. This week Mexico became the first G20 state to ask for help. It has secured a precautionary credit line of $47bn.
Gordon Brown said it took 15 years for the world to grasp the nettle after Great Crash in 1929. "This time I think people will agree that it has been different," he said.
President Barack Obama was less dramatic. "I think we did OK," he said. Bretton Woods in 1944 was a simpler affair. "Just Roosevelt and Churchill sitting in a room with a brandy, that's an easy negotiation, but that's not the world we live in."
There will be $250bn in trade finance to kick-start shipping after lenders cut back on Letters of Credit after September's heart attack in the banking system. Global trade volumes fell at annual rate of 41pc from November to January, according to Holland's CPB institute – the steepest peacetime fall on record.
Euphoria swept emerging markets yesterday as the first reports of the IMF boost circulated. Investors now know that countries like Mexico can arrange a credit facility able to cope with major shocks – and do so on supportive terms, rather than the hair-shirt deflation policies of the old IMF. Fear is receding again.
The Russians had hoped their idea to develop SDRs as a full reserve currency to challenge the dollar would make its way on to the agenda, but at least they got a foot in the door.
There is now a world currency in waiting. In time, SDRs are likely evolve into a parking place for the foreign holdings of central banks, led by the People's Bank of China. Beijing's moves this week to offer $95bn in yuan currency swaps to developing economies show how fast China aims to break dollar dependence.
French President Nicolas Sarkozy said the summit had achieved more than he ever thought possible, and praised Gordon Brown for pursuing the collective interest as host rather than defending "Anglo-Saxon" interests. This has a double-edged ring, for it suggests that Mr Brown may have traded pockets of the British financial industry to satisfy Franco-German demands. The creation of a Financial Stability Board looks like the first step towards a global financial regulator. The devil is in the details.
Hedge funds deemed "systemically important" will come under draconian restraints. How this is enforced will determine whether Mayfair's hedge-fund industry – 80pc of all European funds are there – will continue to flourish.
It seems that hedge funds have been designated for ritual sacrifice, even though they played no more than a cameo role in the genesis of this crisis. It was not they who took on extreme debt leverage: it was the banks – up to 30 times in the US and nearer 60 times for some in Europe that used off-books "conduits" to increase their bets. The market process itself is sorting this out in any case – brutally – forcing banks to wind down their leverage. The problem right now is that this is happening too fast.
But to the extent that this G20 accord makes it impossible for the "shadow banking" to resurrect itself in the next inevitable cycle of risk appetite, it may prevent another disaster of this kind.
The key phrase is "new rules aimed at avoiding excessive leverage and forcing banks to put more money aside during good times." This is more or less what the authorities agreed after the Depression. Complacency chipped away at the rules as the decades passed. It is the human condition, and we can't change that.




Jon Voight tells the truth about Obama. Wake up America. (Ik denk dat hij geen christen is)


Atheist convention
Zie je de driehoek met Australië erin en die halve maan. (666)



28-10-2012: God laat mij al ± 2 weken dingen zien over Babylon en de Egyptenaren. Ik ben mij er alleen nog niet van zeker wat de bedoeling daarvan is. Maar een ding is wel zeker het is wel nu aan de gang.

Bron: http://davidb.mystarband.net/Duduman.html
"Those that live in defilement, that meditate upon evil things, will have no escape. They will not have My protection. I will destroy Babylon," says the Lord, "because of the wickedness and blasphemy of this country. Not only here, but wherever there is sin, I will punish it harshly. Only the righteous will I save; some even out of the midst of the fire."

"The great day, the day of terror, the day of affliction, of pain; the day of the punishment of Babylon, prophesied in the Bible, is soon coming, and I will only spare the righteous," says the Lord. "I forgive who I want, I make holy who I want, and I prepare who I want. Judge no one, for Mine is the judgment," says the Lord. "Each of you judge yourself. Pray and draw close to me, and if you will obey I will come to your aid. I will send a chariot of salvation and take each one out in his appointed time."



Dit vond ik halverwege de maand oktober 2012.
Ik kwam nog ergens achter dat de Illuminati ook al hier in Capelle aan den IJssel zit en in onze regering.

 
Minister president Mark Rutte is degene die zei dat hij dit als gift gekregen heeft van Jan Peter Balkenende en het zit goed vast..... Lijkt dit niet op.....

Ja echt wel dit lijkt op een teken dat ze van de Illuminati zijn dat is ding hangt in het torentje in Den Haag.

   
Jan Peter Balkenende woont in Capelle aan den IJssel en hij lijkt op..... Echt wel op Harry Potter. Waarom denk je dat dat hij minister predsident was tijdens dezelfde tijd dat Harry Potter populair was. En Harry Potter is Magie. Kijk nu eens goed op het bord van Capelle woonboulevard. De XL staan dicht naast elkaar en zie wat krijg je dan de illuminati teken de "driehoek".
Dus de eindtijd is nu..... Het duurt niet lang meer en dan komt Jezus Christus terug.
Ik moet er wel bij melden dat ik geen bewijzen heb van Balkenende zelf, maar zoals ik het nu zie vertrouw ik het zaakje helemaal niet.

Maak je klaar en aanbid de Heer. Want zonder aanbidding ben je niet veilig en hoor je niet bij God, het woord en de Heilige Geest de plaatsvervanger van Jezus Christus. ( de drie in een).

1 Johannes 5:7-8.
Want Drie zijn er, Die getuigen in den hemel, de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze Drie zijn één.
En drie zijn er, die getuigen op de aarde, de Geest, en het water, en het bloed; en die drie zijn tot één.


The Antichrist Has Come Hij heeft een punt dat er iets mis is, maar of hij helemaal gelijk heeft daar ben ik zelf nog niet over uit.
 

8-10-2012

De eindtijd - HD

Eindtijd in beeld.

De wereld is een vrouw (Rom. 8:22) die in barensnood verkeerd.
Zij lijdt pijn. Haar lichaam zucht. (Rom. 8:22)
Haar lichaam rilt. (Matt. 24:7) (aardbevingen)
Zij vloeit bloed. (vulkanen) (Ps. 11: 6, Jes. 34:9)
Haar temperatuur is ontregeld. (Jes. 50:2)
Haar vliezen breken. (
tsunami's) (Luk. 21:25)
Haar lichaam is in strijd (Matt. 24:6) (oorlog na oorlog)


Hormonen gieren door haar lichaam. (Joël 2:30) Blinksem inslag en tornado's)
De wereld komt in persweeën. (Jes. 26:17) (Alle ellende en onrust verzamelt zich en komt tot uiting).
Haar lichaam (de wereld) wordt geregeerd door wereldleiders. (Ef. 6:12).

Zie het teken van de Satan: die de wereld leiders geven onder elkaar vandaag de dag. (2012)

                                                    

(Masonic horns symbol = Satan)        (Only those at the very top, black shaded area, really know what is going on)


                                           
                           
(Medical association symbol)                    (Serpent & Tree of knowledge)
 


                


Citaat van George W. Bush: "When our founders (?) declared a new order of the ages".

New World Order: (Satan´s rulers of the world).

Welke onze oprichters? Niet die van mij in ieder geval.

They say/ze zeggen:
To meet the demands of the new age. They say there is a need for a new world order. (Jezus) but Satan comes first to steal his place.

En de mensheid te verzamelen onder één man. (Hab. 2:5)


En dan in een oogwenk... De wegneming van Christenen.

De bestuurders (vliegtuigen, auto's etc. zijn weg! Dit is de grootste gebeurtenis in de menselijke geschiedenis.

De vrouw is bevallen. Haar zoon is weggerukt. (7 jaren 2 X 3,5 jaar zit Satan op de troon van Jezus in Israël)

Revelation 2:12+13
12 And to the angel of the church in Pergamos write; These things saith he which hath the sharp sword with two edges;
13 I know thy works, and where thou dwellest, even where Satan's seat is:
NWO - Seat of Satan - Revived Roman Empire -
Part 1 of 6.mpg
NWO - Seat of Satan - Revived Roman Empire - Part 2 of 6.mpg
NWO - Seat of Satan - Revived Roman Empire - Part 3 of 6.mpg
NWO - Seat of Satan - Revived Roman Empire - Part 4 of 6.mpg
NWO - Seat of Satan - Revived Roman Empire - Part 5 of 6.mpg
NWO - Seat of Satan - Revived Roman Empire - Part 6 of 6.mpg


De duivel is op aarde geworpen. Hij zal die "New Age" inleiden en de New World Order Leiden.
(de mensheid onder leiding van satan te brengen).

(naar Openbaring 12).


Zeven jaren zal die strijd en ellende duren.
Hierna zal de vrouw (de aarde) haar Zoon, Jezus Christus met de Gemeente zien. (Gemeente: de echte Christenen die Jezus "echt" dienen)

Maak geen deel uit van de wereld, maar van het Nieuwe Leven!



Tekenen eindtijd

De komst van de Mensenzoon.
Op de Olijfberg ging hij zitten met Zijn leerlingen om zich heen, en nu ze onder elkaar waren vroegen ze: "Vertel ons wanneer zal dat allemaal gebeuren en aan welk teken kunnen we Uw komst en de voltooing van deze wereld herkennen? Jezus antoordde hun:
"Pas op dat niemand jullie misleidt. Want er zullen velen komen die Mijn Naam gebruiken en zeggen: "Ik ben de Messias,"
Beware of false prophets (Matthew 7:5)
en ze zullen veel mensen misleiden. Jullie zullen berichten horen over oorlogen en oorlogsdreigingen. Laat het je dan niet verontrusten, die dingen moeten namelijk gebeuren al is daarmee het einde nog niet gekomen. Het ene volk zal tegen het andere ten strijde trekken.

"Geen volk is vrij dat een ander volk onderdrukt!

En het ene koninkrijk tegen het andere, en overal zullen er hongersnoden uitbreken.

(30 miljoen mensen per jaar waarvan 75% kinderen sterven aan hongersnood)

en zal de aarde beven dat alles is het begin van de weeën en doordat de wetteloosheid toeneemt zal bij velen de liefde bekoelen.
Pas als het goede nieuws over het koninrijk in de hele wereld wordt verkondigd als getuigenis voor alle volken, zal het einde komen.
Zo moeten jullie ook weten, wanneer je dat alles ziet, dat het einde nabij is. Ik verzeker jullie: deze generatie zal zeker nog niet verdwenen zijn wanneer al die dingen gebeuren.

Hemel en aarde zullen verdwijnen, maar Mijn woorden zullen nooit verdwijnen.


De laatste dagen. Eindtijd


HET MERKTEKEN AAN RECHTERHAND EN VOORHOOFD.

Openbaring 14:9 zowel als in Openbaring 13:16 is er sprake van twee klassen die het merkteken dragen. De ene klasse heeft het merkteken aan de rechterhand. De rechterhand is het symbool van menselijke kracht, terwijl het voorhoofd heenduidt op geestelijke en verstandelijke vermogens.



Openbaring:15-18.
15. Dat allen die, die het beeld van het beest niet aanbaden, gedood werden. (zie: Lucas 12)
16. En het maakt, dat aan allen, de kleinen en de groten, de rijken en de armen, de vrijen en de slaven, een merkteken gegeven wordt op hun rechterhand of op hun voorhoofd.
17. [en] dat niemand kan kopen of verkopen, dan wie het merkteken, de naam van het beest, of het getal van zijn naam heeft.
18. Hier is de wijsheid: wie verstand heeft berekene het getal van een mens, en zijn getal is 666.

Openbaring 9:4.
4. En hun werd gezegd, dat zij aan het gras der aarde geen schade zouden toebrengen, noch aan enig gewas, noch aan enige boom, maar alleen aan de mensen, die het zegel van God niet op hun voorhoofden hadden.

Deze bijbeltekst zal de Antichrist tegen gelovigen gebruiken om hen het merkteken aan te smeren. Maar als je goed luisterd naar de Heilige Geest, dan weet je wanneer dat een valse leer is. Vraag aan die persoon of personen of Jezus hun Heer is en of de Heilige Geest in hun woont en ze willen knielen voor hem zijn troon.

Deuteronomium 6: 1-9.
1 Dit zijn de geboden, wetten en regels die ik u in opdracht van de HEER, uw God, moet leren en die u moet naleven in het land aan de overkant, dat u in bezit zult nemen.
2 U moet voor de HEER, uw God, ontzag tonen door u te houden aan zijn wetten en geboden, zoals ik die nu aan u geef; dat geldt voor u, zolang u leeft, en voor uw kinderen en uw kleinkinderen. Dan zult u met een lang leven gezegend worden.
3 Luister dus, Israël, en neem ze nauwlettend in acht. Dan zal het u goed gaan in het land dat overvloeit van melk en honing, en zult u sterk in aantal toenemen, zoals de HEER, de God van uw voorouders, u heeft toegezegd.

De HEER is de enige
4 Luister, Israël: de HEER, onze God, de HEER is de enige!
5 Heb daarom de HEER, uw God, lief met hart en ziel en met inzet van al uw krachten.
6 Houd de geboden die ik u vandaag opleg steeds in gedachten.
7 Prent ze uw kinderen in en spreek er steeds over, thuis en onderweg, als u naar bed gaat en als u opstaat.
8 Draag ze als een teken om uw arm en als een band op uw voorhoofd.
9 Schrijf ze op de deurposten van uw huis en op de poorten van de stad.

Dit is waarom satan je een chip in de voorhoofd en/of hand wil zetten.
Hij kopieert daarmee God. En mensen die de bijbel niet goed kennen die trappen daarin.


Lucas 12: 11+12+15.
11. Wanneer ze u brengen voor de synagogen en voor de overheden en de machthebbers, maakt u niet bezorgd hoe of wat gij ter verdediging moet spreken.
12. Want de heilige Geest zal u op het eigen ogenblik leren, wat gij zeggen moet.
15. Beëlzebul, de overste der boze geesten.

Lucas 3: 3-8.
3 En hij kwam in de gehele Jordaanstreek en predikte de doop der bekering tot vergeving van zonden,
4 gelijk geschreven staat in het boek der woorden van de profeet Jesaja:
De stem van een, die roept in de woestijn: Bereidt de weg des Heren, maakt recht zijn paden.
5 Alle kloof zal gevuld worden en alle berg en heuvel zal geslecht worden, en de krommingen zullen recht en de oneffen wegen vlak worden,
6 en alle vlees zal het heil Gods zien.
7 Hij sprak dan tot de scharen, die uitliepen om zich door hem te laten dopen: Adderengebroed, wie heeft u een wenk gegeven om de komende toorn te ontgaan? 8 Brengt dan vruchten voort, die aan de bekering beantwoorden.


Lucas 21: 10-20.
Satan komt in de vorm van een
koning die op de troon in Israël gaat zitten die een geloof beleid waarbij hij een tulband om doet en hij zal zich voor doen alsof hij Jezus is.
Er staat in Ezechiël 21: 25-27.
25. En gij onheilige, goddeloze, vorst van Israël, wiens dag komt ten tijde van de eindafrekening,
26. zo zegt de Here Here: Neem weg die tulband! zet af die kroon! Zo zal het niet blijven. Verhoog wat laag is; verlaag wat hoog is.
27. Een puinhoop, een puinhoop, een puinhoop zal Ik ze maken. Maar ook zo zal het niet blijven. Totdat hij komt, die er recht op heeft en aan wie Ik het geven zal.

Staten vertaling:
25 En gij, o onheilig, goddeloos vorst van Israël, wiens dag komen zal, ten tijde der uiterste ongerechtigheid;
26 Alzo zegt de Heere HEERE:
Doe dien hoed weg, en hef dien kroon af, deze zal dezelfde niet wezen; Ik zal verhogen dien, die nederig is, en vernederen dien, die hoog is.
27 Ik zal die kroon omgekeerd, omgekeerd, omgekeerd stellen; ja, zij zal niet zijn, totdat hij kome, die daartoe recht heeft, en dien Ik geven zal.
28 En gij, mensenkind, profeteer en zeg: Alzo zegt de Heere HEERE, van de kinderen Ammons, en van hun smading; zo zeg: Het zwaard, het zwaard is uitgetrokken, het is ter slachting geveegd om te verdoen, om te glinsteren;
29 Terwijl zij u ijdelheid zien, terwijl zij u leugen voorzeggen, om u op de halzen te stellen dergenen, die van de goddelozen verslagen zijn, welker dag gekomen was ten tijde der uiterste ongerechtigheid.
30 Keer uw zwaard weder in zijn schede! In de plaats, waar gij geschapen zijt, in het land uwer woningen zal Ik u richten.
31 En Ik zal over u Mijn gramschap uitgieten, Ik zal tegen u door het vuur Mijner verbolgenheid blazen; en Ik zal u overgeven in de hand van brandende mensen, smeders des verderfs.
32 Het vuur zult gij tot spijze zijn, uw bloed zal zijn in het midden des lands; uwer zal niet gedacht worden; want Ik, de HEERE, heb het gesproken.

Dit zijn de 1290 dagen (7 jaren 2 X 3,5 jaar)

Baruch 5:
2 Doe om de rok der gerechtigheid, die u door God gegeven is, en zet op uw hoofd de tulband der heerlijkheid van de eeuwige.

Hij zal deze bijbel tekst misbruiken voor zijn gerief, maar geloof hem niet, want Jezus komt terug in een Wolk met alle Engelen.

Openbaringen 14: 14.

14 En ik zag, en ziet, een witte wolk, en op de wolk was Een gezeten, des mensen Zoon gelijk, hebbende op Zijn hoofd een gouden kroon; en in Zijn hand een scherpe sikkel.

De val van Babylon

Openbaring 18: 23.
23 En geen lamplicht zal meer in u schijnen, en geen stem van bruidegom en bruid zal meer in u gehoord worden, want uw kooplieden waren de machthebbers der aarde, want door uw toverij werden alle volken verleid;
24 en in haar werd gevonden het bloed van profeten en heiligen en van allen, die geslacht zijn op de aarde.

Daniël 12:9-13.

9 En Hij zeide: Ga henen, Daniël! want deze woorden zijn toegesloten en verzegeld tot den tijd van het einde.
10 Velen zullen er gereinigd en wit gemaakt, en gelouterd worden; doch de goddelozen zullen goddelooslijk handelen, en geen van de goddelozen zullen het verstaan, maar de verstandigen zullen het verstaan. (in de Heilige Geest)
11 En van dien tijd af, dat het gedurig offer zal weggenomen, en de verwoestende gruwel zal gesteld zijn, zullen zijn duizend tweehonderd en negentig dagen.
12 Welgelukzalig is hij, die verwacht en raakt tot duizend driehonderd vijf en dertig dagen.
13 Maar gij, ga henen tot het einde, want gij zult rusten, en zult opstaan in uw lot, in het einde der dagen.


Johannes 5: 7.
Want er zijn vele misleiders uitgegaan in de wereld, die de komst van Jezus Christus in het vlees niet beleiden. Dit is de misleider en de antichrist.

Daniël 11: 32-45.

32 En die goddelooslijk handelen tegen het verbond, zal hij doen huichelen door vleierijen; maar het volk, die hun God kennen, zullen zij grijpen, en zullen het doen.
33 En de leraars des volks zullen er velen onderwijzen, en zij zullen vallen door het zwaard en door vlam, door gevangenis en door beroving, vele dagen.
34 Als zij nu zullen vallen, zullen zij met een kleine hulp geholpen worden; doch velen zullen zich door vleierijen tot hen vervoegen.
35 En van de leraars zullen er sommigen vallen, om hen te louteren en te reinigen, en wit te maken, tot den tijd van het einde toe; want het zal nog zijn voor een bestemden tijd.
36 En die koning zal doen naar zijn welgevallen, en hij zal zichzelven verheffen, en groot maken boven allen God, en hij zal tegen den God der goden wonderlijke dingen spreken; en hij zal voorspoedig zijn, totdat de gramschap voleind zij, want het is vastelijk besloten, het zal geschieden.
37 En op de goden zijner vaderen zal hij geen acht geven, noch op de begeerte der vrouwen; hij zal ook op geen God acht geven, maar hij zal zich boven alles groot maken.
38 En hij zal den god Mauzzim in zijn standplaats eren; namelijk den god, welken zijn vaders niet gekend hebben, zal hij eren met goud, en met zilver, en met kostelijk gesteente, en met gewenste dingen.
39 En hij zal de vastigheden der sterkten maken met den vreemden god; dengenen, die hij kennen zal, zal hij de eer vermenigvuldigen, en hij zal ze doen heersen over velen, en hij zal het land uitdelen om prijs.
40 En op den tijd van het einde, zal de koning van het Zuiden tegen hem met hoornen stoten; en de koning van het Noorden zal tegen hem aanstormen, met wagenen, en met ruiteren, en met vele schepen; en hij zal in de landen komen, en hij zal ze overstromen en doortrekken.
41 En hij zal komen in het land des sieraads, en vele landen zullen ter nedergeworpen worden; doch deze zullen zijn hand ontkomen, Edom en Moab, en de eerstelingen der kinderen Ammons.
42 En hij zal zijn hand aan de landen leggen, ook zal het land van Egypte niet ontkomen.
43 En hij zal heersen over de verborgen schatten des gouds en des zilvers, en over al de gewenste dingen van Egypte; en die van Libië, en de Moren (Etiopiërs) zullen in zijn gangen wezen.
44 Maar de geruchten van het Oosten en van het Noorden zullen hem verschrikken; daarom zal hij uittrekken met grote grimmigheid om velen te verdelgen en te verbannen.
45 En hij zal de tenten van zijn paleis planten tussen de zeeën aan den berg des heiligen sieraads; en hij zal tot zijn einde komen, en zal geen helper hebben.

II Petrus 1: 20-21.
20. Dit moet gij vooral weten, dat geen profetie der Schrift een eigenmachtige uitlegging toelaat;
21. want nooit is profetie voortgekomen uit de wil van een mens, maar, door de heilige Geest gedreven, hebben mensen van Godswege gesproken.

Amos 8
11. Ziet, de dagen komen, spreekt de Heere HEERE, dat Ik een honger in het land zal zenden; niet een honger naar brood, noch dorst naar water, maar
om te horen de woorden des HEEREN.

Matteüs 4: 4.
Niet alleen van brood zal de mens leven, maar van alle woord, dat uit de mond Gods uitgaat.

Tobit 3: 2.
2. U bent rechter van de wereld.


So close, Yet so far, Why is there an invisible bar.

Break free of the chains of slavery and stand up against it, now that you can see the bars that hold you down demand release and ascend yourselves above the invisible chains. This starts with knowledge, knowing what is going on and is duly followed by a potent desire to be all possibility once again.



We have seen so many leaders and other public figures doing this symbol on TV and at speeches all around the world, it is a closed club, a network of beliefs that our rulers worship and human slavery is very much a part of their belief systems. It was agreed at the time of the Anunnaki, some 445,000 years ago that these things would be kept from public knowledge and even today this is still the policy.

How many people know that once a year in July our world leaders, especially top ranking American politicians both past and present and even popular and famous presidents from around the globe attend and bond at a place in the Redwood forests of Santa Rosa, Northern California called Bohemian grove, for a 3000 year old ancient Babylonian festival of fire, an annual two week event, men only, in fact 2000 of them from a group called the Bohemian club. They have even been photographed there and one of the many ceremonies staged is that of human sacrifice (usually a child) to a 40 foot concrete owl which is called Molech, one of their deities and gods (also spelt Moloch). This sacrifice is called ‘Bonefire’ which today we celebrate blindly as ‘Bonfire’ with the burning of an effigy which represents human sacrifice. Many famous buildings and ground plans for important landmarks also take the shape of and represent the owl Molech. Below is one of many examples, it is a deliberate object of worship to this god:

(Bank frontage in Texas- symbolic of Molech)
 
 
They would say and have said publically, without any denials, that it is a mock sacrifice, many would dispute that claim, but either way why are they doing this anyway??? Does it sound like a rational normal thing to do, from a sane mind, something we want from our stooge leaders? No, it is satanic worship and they subscribe to it. We know it is difficult to take in but these things are happening underground and out of public view and we have a right to know who is leading our world and our everyday lives and more to the point where are they leading it?


(Actual Bohemian Grove picture/Ceremony)


THE BAR-LESS PRISON PLANET



Matthéüs 24

12 En omdat de ongerechtigheid vermenigvuldigd zal worden, zo zal de liefde van velen verkouden.
13 Maar wie volharden zal tot het einde, die zal zalig worden.
    14 En dit Evangelie des Koninkrijks zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis allen volken; en dan zal het einde komen.

  Rom 13:1   Let every 3956 soul 5590 be subject 5293 unto the higher 5242 powers 1849. For 1063 there is 2076 no3756 power 1849 but 1508 of 575 God 23161161 the powers 1849 that be 5607 are 1526 ordained 5021 of5259 God 2316.
  Rom 13:2   Whosoever therefore 5620 resisteth 498 the power1849, resisteth 436 the ordinance 1296 of God2316: and 1161 they that resist 436 shall receive2983 to themselves 1438 damnation 2917.
  Rom 13:3   For 1063 rulers 758 are 1526 not 3756 a terror 5401to good 18 works 2041, but 235 to the evil 2556. Wilt thou 2309 then 1161 not 3361 be afraid 5399 of the power 1849? do 4160 that which is good 18, and2532 thou shalt have 2192 praise 1868 of 1537 the same 846:
  Rom 13:4   For 1063 he is 2076 the minister 1249 of God 2316to thee 4671 for 1519 good 18. But 1161 if 1437 thou do 4160 that which is evil 2556, be afraid 5399 ; for1063 he beareth 5409 not 3756 the sword 3162 in vain 1500: for 1063 he is 2076 the minister 1249 of God 2316, a revenger 1558 to [execute] wrath 3709upon 1519 him that doeth 4238 evil 2556.
  Rom 13:5   Wherefore 1352 [ye] must needs 318 be subject5293 , not 3756 only 3440 for 1223 wrath 3709, but235 also 2532 for conscience 4893 sake 1223.


Romeinen 13

Onderwerping aan de overheid
Alle ziel zij den machten, over haar gesteld, onderworpen; want er is geen macht dan van God, en de machten, die er zijn, die zijn van God geordineerd.
Alzo dat die zich tegen de macht stelt, de ordinantie van God wederstaat; en die ze wederstaan, zullen over zichzelven een oordeel halen.
Want de oversten zijn niet tot een vreze den goeden werken, maar den kwaden. Wilt gij nu de macht niet vrezen, doe het goede, en gij zult lof van haar hebben;
Want zij is Gods dienares, u ten goede. Maar indien gij kwaad doet, zo vrees; want zij draagt het zwaard niet tevergeefs; want zij is Gods dienares, een wreekster tot straf dengene, die kwaad doet.
Daarom is het nodig onderworpen te zijn, niet alleen om der straffe, maar ook om des gewetens wil.
Want daarom betaalt gij ook schattingen; want zij zijn dienaars van God, in ditzelve geduriglijk bezig zijnde.
Zo geeft dan een iegelijk, wat gij schuldig zijt; schatting, dien gij de schatting, tol, dien gij den tol, vreze, dien gij de vreze, eer, dien gij de eer schuldig zijt.



Welkom / This site is always under construction
Torah, Wet, Instructies, Geboden
Feesten van YHWH
Dagelijks Woord
Afgoden feesten
Mijn nieuws kanalen