Familie
de Gier
Welkom / This site is always under construction
Torah, Wet, Instructies, Geboden
Feesten van YHWH
Dagelijks Woord
Afgoden feesten
Mijn nieuws kanalen
Nieuwe Maan feest/sabbat
Elke maand van de Bijbelse kalender begint met een Nieuwe Maan; een moment waarop alles weer opnieuw begint, nieuw wordt of vernieuwd wordt.

28 September 2015 Volle-/Super-/bloedmaan te zien in Jeruzalem op het loofhuttenfeest (de feast of tabernacles/Sukkot) in de jubileum (shemitah) jaar.

Nieuwe maan
Jerusalem New Moon
Time: Our Creator's Calendar - The Foundation - Part 1
Time: Our Creator's Calendar - The Foundation - Part 2


Jesaja 66
23 En het zal geschieden, dat van de ene nieuwe maan tot de andere, en van den enen sabbat tot den anderenalle vlees komen zal om aan te bidden voor Mijn aangezicht, zegt de HEERE.

Numeri 10
10 Desgelijks ten dage uwer vrolijkheid, en in uw gezette hoogtijden, en in de beginselen uwer maanden, zult gij ook met de trompetten blazen over uw brandofferen, en over uw dankofferen; en zij zullen u ter gedachtenis zijn voor het aangezicht uws Gods; Ik ben de HEERE, uw God!


 
Nieuwe Maan (Halve rustdag Sabbat/שַׁ)
14 augustus 2015
16:54:47
13 september 2015
08:42:30
13 oktober 2015
02:06:39
11 november 2015 18:47:45
11 december 2015
11:29:59
10 januari 2016 02:31:16
8 februari 2016 15:40:00
9 maart 2016 (Nieuwjaar (Rosh Ha Sjana)) 02:55:59

En dat moment is dus een door YHWH vastgestelde feestdag.

Eerste dag van de joodse maand.
De dag geldt als een halve feestdag, waarop de vrouwen zomin mogelijk huishoudelijk werk verrichten.

Rosh Chodesh:
Rosh Chodesh or Rosh ḥodesh (Hebrew: ראש חודש‎; trans. Beginning of the Month; lit. Head of the Month) is the name for the first day of every month in the Hebrew calendar, marked by the appearance of the new moon. Contrasted with the astronomical definition of new moon - which is not visible to the naked eye - the new moon in the Hebrew calendar is marked by the day and hour that the new crescent is observed. It is considered a minor holiday, akin to the intermediate days of Passover and Sukkot.

"maand", Chodesh betekent "nieuwe maan"

(H2320) חֹדֶשׁ chodesh: From חָדַשׁ (H2318):
the new moon, month, monthly
the first day of the month
the
lunar month

(H2318) חָדַשׁ chadash:
A primitive root
to be new, renew, repair
(Piel)
to renew, make anew
to repair
(Hithpael) to renew oneself

(H3677) כֶּסֶא kece':
 Apparently from כָּסָה (H3680)
Full moon

(H3680) כָּסָה kacah:
to cover, conceal, hide

 

Nieuwe maan feest/sabbatvanaf zonsopgang tot zonsondergang.
(Uitgaande vanuit Israël NIET vanuit Nederland)

Zonsondergang:

Maanstanden: 

Rosj Chodesh

De dag Rosj chodesj of Rosh chodesh (Hebreeuws:ראש חודש, "hoofd van de maand") is in het jodendom de eerste dag van iedere maand in de joodse jaartelling.

De joodse maanden zijn gebaseerd op de maancyclus en iedere nieuwe maand begint de verschijning van "nieuwe maan".

Rosj chodesj valt typisch op een van de twee dagen dat de "nieuwe maan" te zien is.

Hoewel de joodse kalender op de maan gebaseerd is, is het niet een absolute maankalender, gezien het feit dat de kalender aan de zon wordt aangepast door middel van verdubbeling van de twaalfde maand adar. Deze toevoeging van een schrikkelmaand geschiedt 7 keer in de 19 maanden volgens een zeer precieze berekening. De reden voor de aanpassing aan het zonnestelsel is gelegen in het feit dat de chagiem (joodse feestdagen) seizoensgebonden zijn. Zo vallen de chaĝiem altijd in dezelfde periode, zoals is voorgeschreven.

In sommige maanden duurt Rosj chodesj twee dagen: zowel de laatste dag van de voorgaande maand als de eerste dag van de nieuwe maand. Rosj chodesj begint, zoals alle joodse dagen, met zonsondergang en eindigt de volgende avond. De speciale toevoeging Ja'alé weJawo die op Rosj chodesj en op chol hamo'ed in het Sjemoné Esré-gebed wordt ingevoegd wordt dus tijdens het ma'ariew (avondgebed), sjachariet (ochtendgebed) en mincha (middaggebed) gezegd. Direct na herhaling van het Sjemoné Esré wordt hallel gezegd. Dit gebed bevat een voor- en naberacha, met als kern de recitatie van een aantal speciale Psalmen. Na sjachariet wordt in de ochtenddienst ook het moesaf-gebed gezegd, dat speciaal over Rosj chodesj gaat en waarin de geboden (zoals de offerdienst) voor de feestdag worden genoemd. Als Rosj chodesj op de dag na sjabbat valt, wordt bovendien in sommige maanden een speciale haftara-portie gelezen.

Rosj chodesj was een belangrijkere dag in de joodse kalender toen de joodse kalender nog minder vaststond en het sanhedrin het begin van een maand moest onderzoeken. Sindsdien heeft de dag moeten inboeten voor de sjabbat, de andere periodiek terugkerende dag, die een van de aangezichten van het jodendom is geworden.

Numeri 28

Wetten voor het sabbatoffer en voor de nieuwe maand
Maar op den sabbatdag twee volkomen eenjarige lammeren, en twee tienden meelbloem, ten spijsoffer, met olie gemengd, mitsgaders zijn drankoffer.
10 Het is het brandoffer des sabbats op elken sabbat, boven het gedurig brandoffer, en zijn drankoffer.
11 En in de beginselen uwer maanden zult gij een brandoffer den HEERE offeren: twee jonge varren, en een ram, zeven volkomen eenjarige lammeren;
12 En drie tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, tot den enen var; en twee tienden meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, tot den enen ram;
13 En tot elk een tiende deel meelbloem ten spijsoffer, met olie gemengd, tot het ene lam; het is een brandoffer tot een liefelijken reuk, een vuuroffer, den HEERE.
14 En hun drankofferen zullen zijn de helft van een hin tot een var, en een derde deel van een hin tot een ram, en een vierendeel van een hin van wijn tot een lamdat is het brandoffer der nieuwe maan in elke maand, naar de maanden des jaars.
15 Daartoe zal een geitenbok ten zondoffer den HEERE, boven het gedurige brandoffer, bereid worden, met zijn drankoffer.

Ezechiël 46

Alzo zegt de Heere HEERE: De poort van het binnenste voorhof, die naar het oosten ziet; zal de zes werkdagen gesloten zijn; maar op den sabbatdag zal zij geopend worden; ook zal zij geopend worden op den dag van de nieuwe maan.
Het brandoffer nu, dat de vorst den HEERE zal offeren, zal op den sabbatdag zijn, zes volkomen lammeren, en een volkomen ram.
Maar op den dag van de nieuwe maan, een var, een jong rund, van de volkomene, en zes lammeren, en een ram; volkomen zullen zij zijn.

Genesis 1

14 En God zeide: Dat er lichten zijn in het uitspansel des hemels, om scheiding te maken tussen den dag en tussen den nacht; en dat zij zijn tot tekenen en tot gezette tijden (feesten), en tot dagen en jaren!
15 En dat zij zijn tot lichten in het uitspansel des hemels, om licht te geven op de aarde! En het was alzo.
16 God dan maakte die twee grote lichten; dat grote licht tot heerschappij des daags, en dat kleine licht tot heerschappij des nachts; ook de sterren.
17 En God stelde ze in het uitspansel des hemels, om licht te geven op de aarde.
18 En om te heersen op den dag, en in den nacht, en om scheiding te maken tussen het licht en tussen de duisternis. En God zag, dat het goed was.


 

BLOOD MOONS: What's Coming in 2014-2015? | Mark Biltz



Psalmen 104

19 
Hij heeft de maan gemaakt tot de gezette tijden, de zon weet haar ondergang.

Rosj Chodesh:
Dit wordt maandelijks gevierd en het betekent Hoofd van de Maand. Het wordt op nieuwe maan gevierd en dat is wanneer de maan niet te zien is. Tijdens het feest worden er een aantal speciale psalmen opgezet (hallel).

Lexicon :: Strong's H4150 - mow`ed

מוֹעֵד

Transliteration
mow`ed
Pronunciation
mō·ād' (Key) 
Part of Speech
masculine noun
Root Word (Etymology)
Dictionary Aids

TWOT Reference: 878b

Outline of Biblical Usage
  1. appointed place, appointed time, meeting

    1. appointed time

      1. appointed time (general)

      2. sacred season, set feast, appointed season

    2. appointed meeting

    3. appointed place

    4. appointed sign or signal

    5. tent of meeting



Calendar for year 2014 (Israel)

Gebeurtenis/Happening
Maand 
Datum
Nieuwe maan 
(De avond ervoor begint de dag)
Bij elke Nieuwe maan 
(wanneer je de maan niet ziet)
Info:
*These are the dates observed by Messianic believers and based solely on the Bible.  In some cases they do not match the dates determined by Orthodox Jewish Rabbis.

Jerusalem New Moon
7
24 september 2014

 Time of Conjunction Jerusalem Time: 9:14am
Day 1 begins at sundown on September 24, 2014

Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6,
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

High Sabbaths

Feest der Bazuinen/Day of Trumpets
  25 September 2014 1e dag 7e mnd 
(Sabbat en gedenkdag des geklanks)
High Sabbath
Begins at sundown
Leviticus 23:24-25
High Sabbaths

Verzoendag/Yom Kippur/Atonement
 
4 oktober 2014

10e dag, 7e mnd
(het goedmaken met JHWH)(Sabbat, je zonden belijden en rein wassen voor YHWH)

Yom Kippur, 
the Day of Atonement
Begins at Sundownon 3th oktober!
High Sabbath
Leviticus 23:26-32
High Sabbaths

Sukkot/Tabernacles
 
9-16 oktober 2014

15e dag, 7e mnd, 7 dagen 
(1e en 8e dag Sabbat en feesten)
 
Festival of Sukkot/Tabernacles/Booths
Begins at Sundown! Let His Feast Begin!
 Day 1 (10/9) and Day 8 (10/16) are High Sabbaths
Leviticus 23:33-43

Jerusalem New Moon

8

24 oktober 2014


Time of Conjunction Jerusalem Time: 12:57am
Day 1 begins at sundown on October 23, 2014
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Jerusalem New Moon

9

22 november 2014


Time of Conjunction Jerusalem Time: 2:33pm
Day 1 begins at sundown on November 21, 2014
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Hanukkah/Dedication


15 - 23 december 2014


25e kislev 
Olie, Heilige Geest, Lichtfeest

Hanukkah, the Feast of Dedication
Sundown 12/14/14 to Sundown 12/23/14

1 Makkabeeën 4:59



Jerusalem New Moon

10

22 december 2014


Time of Conjunction Jerusalem Time: 3:36am
Day 1 begins at sundown on December 21, 2014
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Jerusalem New Moon

11

20 januari 2015


Time of Conjunction Jerusalem Time: 3:14pm
Day 1 begins at sundown on January 19, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Jerusalem New Moon

12 (Adar)

18 februari 2015

Time of Conjunction Jerusalem Time: 1:47am
Day 1 begins at sundown on February 18, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Purim


3 -5 maart 2015
14e dag Adar,  1e dag (soort) vasten (herdenken Ester 3 vasten dagen)
15e
dag Adar,  2e dag feest vieren (binnenland, Israël)
(een soort carnaval, dronken worden in de Heilige geest: 1 Kor 10:1-4)
Purim begins at sundown!
This is not commandment, but a festival we may observe
Esther 9:19-21

Rosh Ha Sjana (Nieuwjaar)

1(Aviv)

20 maart 2015

1e dag Nisan, bij nieuwe maan in maart (Pascha)

Time of Conjunction Jerusalem Time: 11:36am
Day 1 begins at sundown on March 19, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19


Pascha/Passover


3 april 2015

14e dag Nisan, tussen twee avonden
(Heilige avondmaal)
Begins at Sundown on 4/2/15
(14th DAY OF THE FIRST HEBRAIC MONTH)
The Passover Lamb is Slain approximately 3-4pm on 4/3/15
(14th to 15th DAY OF THE FIRST HEBRAIC MONTH)
The Passover Meal is eaten as the sun goes down on 4/3/15

Leviticus 23:5
High Sabbaths

Feest ongezuurde broden/Feast of Unleavened Bread


4 - 11 april 2015

15e tot en met 22e dag Nisan, 
(
1e en 8e dag Sabbat )
(7 dagen produkten zonder gist in huis)

The Feast of Unleavened Bread Begins at Sundown!
Days 1 (4/03) and 7 (4/010) are High Sabbaths at sundown!
The Chametz (leavening agents in the physical, false doctrines in the spiritual)
should be out of your house!

Leviticus 23:6-8

Eerstelingenfeest/First Fruits
  5 april 2015 1e dag NA de Sabbat tussen 15e en 22e dag Nisan
(Je mag geen brood, geroost koren, groene aren op diezelve dag eten)

First Fruits begins at Sundown 4 th of April!
Leviticus 23:9-14
 
Jerusalem New Moon
2 18 april 2015
  
Time of Conjunction Jerusalem Time: 9:57pm
Day 1 begins at sundown on April 18, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Jerusalem New Moon

3

18 mei 2015

 
Time of Conjunction Jerusalem Time: 7:13am
Day 1 begins at sundown on May 17, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19
High Sabbaths

Wekenfeest/Shavuaot/Pentecost


24 mei 2015

7 volle weken na het eerstelingenfeest 
(50e dag = Pinksteren)
 
Shavuot / Pentecost begins at Sundown on 23 mei 2014!
High Sabbath
Leviticus 23:15-21

Jerusalem New Moon

4

16 juni 2015
   
Time of Conjunction Jerusalem Time: 5:05pm
Day 1 begins at sundown on June 15, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Jerusalem New Moon

5

16 juli 2015

 
Time of Conjunction Jerusalem Time: 4:25am
Day 1 begins at sundown on July 15, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Jerusalem New Moon

6

14 augustus 2015

  
Time of Conjunction Jerusalem Time: 5:54pm
Day 1 begins at sundown on August 13, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19
High Sabbaths

Feest der Bazuinen/Day of Trumpets
 
12 -13 september 2015

1e dag 7e mnd 
(Sabbat en gedenkdag des geklanks)

Begins at Sundown!
High Sabbath
Leviticus 23:24-25

Jerusalem New Moon
7
13 september 2015

  
Time of Conjunction Jerusalem Time: 9:42am
Day 1 begins at sundown on September 12, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

High Sabbaths

Verzoendag/Yom Kippoer


23 september 2015

10e dag, 7e mnd 
(het goed maken met YHWH)
(Sabbat, je zonden belijden en rein wassen voor YHWH)

Yom Kippur, the Day of Atonement
Begins at Sundown!
High Sabbath

Leviticus 23:26-32
High Sabbaths

Loofhuttenfeest/Sukkot/Tabernacles
High Sabbaths


28 - 6 oktober 2015
- Super bloodmoon in Jerusalem
- Shmita year
- Everybody has to be in Jerusalem for this feasts

15e dag, 7e mnd, 7 dagen 
(1e en 8e dag Sabbat en feesten)

Festival of Sukkot/Tabernacles/Booths
Begins at Sundown! Let His Feast Begin!
  Beginning at sundown on Day 1 (09/27) and Day 8 (10/06) are 
High Sabbaths

Leviticus 23:33-43

Jerusalem New Moon

8

13 oktober 2015


Time of Conjunction Jerusalem Time: 2:06am
Day 1 begins at sundown on October 12, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Jerusalem New Moon

9

11 november 2015


Time of Conjunction Jerusalem Time: 7:48pm
Day 1 begins at sundown on November 11, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Hanukkah/Dedication



7-14 december 2015
25e kislev 
(6 dec 2014 bij zonsondergang) Olie, Heilige Geest, Lichtfeest

Hanukkah, the Feast of Dedication
Sundown 11/06/15 to Sundown 12/14/15

Jerusalem New Moon

10

11 december 2015


Time of Conjunction Jerusalem Time: 12:30pm
Day 1 begins at sundown on December 10, 2015
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Jerusalem New Moon

11

10 januari 2016


Time of Conjunction Jerusalem Time: 3:31am
Day 1 begins at sundown on January 9, 2016
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Jerusalem New Moon

12 (Adar)

8 februari 2016


Time of Conjunction Jerusalem Time: 4:39pm
Day 1 begins at sundown on February 7, 2016
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19

Purim

20-22 februari 2016


14e dag Adar,  1e dag (soort) vasten (herdenken Ester 3 vasten dagen)
15e
 dag Adar,  2e dag feest vieren (binnenland, Israël)
(een soort carnaval, dronken worden in de Heilige geest: 1 Kor 10:1-4)

Purim begins at sundown 02/20
Purim ends at sundown 02/22 
This is not commandment, but a festival we may observe
Esther 9:19-21

Jerusalem New Moon
1
9 maart 2016


Time of Conjunction Jerusalem Time: 3:55am
Day 1 begins at sundown on March 8, 2016
Numeri 28:9-15, Ezechiel 46: 1, 4, 6, 
Genesis 1: 14-18, Psalmen 104: 19



Maankalender 2015

Januari
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
  1       1 2 3 4
  2 6 7 8 9 10 11
  3 12 14 15 16 17 18
  4 19 21 22 23 24 25
  5 26 28 29 30 31  
 
             
Februari
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
  5             1
  6 2 3 4 6 7 8
  7 9 10 11 13 14 15
  8 16 17 19 20 21 22
  9 23 24 26 27 28  
 
             
Maart
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
  9             1
10 2 3 4 6 7 8
11 9 10 11 12 14 15
12 16 17 18 19 21 22
13 23 24 25 26 28 29
14 30 31          
April
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
14     1 2 3 5
15 6 7 8 9 10 11
16 13 14 15 16 17 19
17 20 21 22 23 24 26
18 27 28 29 30      
 
             
Mei
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
18         1 2 3
19 5 6 7 8 9 10
20 12 13 14 15 16 17
21 19 20 21 22 23 24
22 26 27 28 29 30 31
 
             
Juni
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
23 1 3 4 5 6 7
24 8 10 11 12 13 14
25 15 17 18 19 20 21
26 22 23 25 26 27 28
27 29 30          
 
             
Juli
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
27     1 3 4 5
28 6 7 9 10 11 12
29 13 14 15 17 18 19
30 20 21 22 23 25 26
31 27 28 29 30    
 
             
Augustus
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
31           1 2
32 3 4 5 6 8 9
33 10 11 12 13 15 16
34 17 18 19 20 21 23
35 24 25 26 27 28 30
36 31            
September
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
36   1 2 3 4 6
37 7 8 9 10 11 12
38 14 15 16 17 18 19 20
39 22 23 24 25 26 27
40 29 30        
 
             
Oktober
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
40       1 2 3
41 5 6 7 8 9 10 11
42 12 14 15 16 17 18
43 19 21 22 23 24 25
44 26 28 29 30 31  
 
             
November
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
44             1
45 2 4 5 6 7 8
46 9 10 12 13 14 15
47 16 17 18 20 21 22
48 23 24 26 27 28 29
49 30            
December
  Ma Di Wo Do Vr Za Zo
49   1 2 4 5 6
50 7 8 9 10 12 13
51 14 15 16 17 19 20
52 21 22 23 24 26 27
53 28 29 30 31      
 
             

Jonah Code - Ep 5 - By Michael Rood (Kalender uitleg)
Jonah Code - Ep 6 - By Michael Rood (Kalender uitleg)
biblical new moon & new year
The Phases of the Moon
Time: Our Creator's Calendar - The Foundation
The New Moon in the Hebrew Bible
The New Moon: Entering The Veil
The Book Of Enoch (Audio boek: zie bij 1:55:35 min)
WHAT THE BIBLE REALLY TEACHES ABOUT THE HEAVENS
Phases of the Moon
Astronomy 101: Lunar Phases



A new moon is the alignment of the Sun, Earth and Moon.


1 Samuël 20

Verbond tussen David en Jónathan
Toen vluchtte David van Najoth bij Rama, en hij kwam, en zeide voor het aangezicht van Jónathan: Wat heb ik gedaan, wat is mijn misdaad, en wat is mijn zonde voor het aangezicht uws vaders, dat hij mijn ziel zoekt?
Hij daarentegen zeide tot hem: Dat zij verre, gij zult niet sterven. Zie, mijn vader doet geen grote zaak, en geen kleine zaak, die hij voor mijn oor niet openbaart; waarom zou dan mijn vader deze zaak van mij verbergen? Dat is niet.
Toen zwoer David verder, en zeide: Uw vader weet zeer wel, dat ik genade in uw ogen gevonden heb; daarom heeft hij gezegd: Dat Jónathan dit niet wete, opdat hij zich niet bekommere; en zekerlijk, zo waarachtig als de HEERE leeft, en uw ziel leeft, er is maar als een schrede tussen mij en tussen den dood!
Jónathan nu zeide tot David: Wat uw ziel zegt, dat zal ik u doen.
En David zeide tot Jónathan: Zie, morgen is de nieuwe maan חֹדֶשׁ chodesh, dat ik zekerlijk met den koning zou aanzitten om te eten; zo laat mij gaan, dat ik mij op het veld verberge tot aan den derden avond.
Indien uw vader mij gewisselijk mist, zo zult gij zeggen: David heeft van mij zeer begeerd, dat hij tot zijn stad Bethlehem mocht lopen; want aldaar is een jaarlijks offer voor het ganse geslacht.
Indien hij aldus zegt: Het is goed, zo heeft uw knecht vrede; maar indien hij gans ontstoken is, zo weet, dat het kwaad bij hem ten volle besloten is.
Doe dan barmhartigheid aan uw knecht, want gij hebt uw knecht in een verbond des HEEREN met u gebracht; maar is er een misdaad in mij, zo dood gij mij; waarom zoudt gij mij toch tot uw vader brengen?
Toen zeide Jónathan: Dat zij verre van u! Maar indien ik zekerlijk merkte, dat dit kwaad bij mijn vader ten volle besloten ware, dat het u zou overkomen, zou ik dat u dan niet te kennen geven?
10 David nu zeide tot Jónathan: Wie zal het mij te kennen geven, indien uw vader u wat hards antwoordt?
11 Toen zeide Jónathan tot David: Kom, laat ons toch uitgaan in het veld; en die beiden gingen uit in het veld.
12 En Jónathan zeide tot David: De HEERE, de God Israëls, indien ik mijn vader onderzocht zal hebben omtrent dezen tijd, morgen of overmorgen, en zie, het is goed voor David, en ik dan tot u niet zende, en voor uw oor openbare;
13 Alzo doe de HEERE aan Jónathan, en alzo doe Hij daartoe! Als mijn vader het kwaad over u behaagt, zo zal ik het voor uw oor ontdekken, en ik zal u trekken laten, dat gij in vrede heengaat; en de HEERE zij met u, gelijk als Hij met mijn vader geweest is.
14 En zult gij niet, indien ik dan nog leve, ja, zult gij niet de weldadigheid des HEEREN aan mij doen, dat ik niet sterve?
15 Ook zult gij uw weldadigheid niet afsnijden van mijn huis tot in eeuwigheid; ook niet wanneer de HEERE een iegelijk der vijanden van David van den aardbodem zal afgesneden hebben.
16 Alzo maakte Jónathan een verbond met het huis van David, zeggende: Dat het de HEERE eise van de hand der vijanden Davids!
17 En Jónathan voer voort, met David te doen zweren, omdat hij hem liefhad; want hij had hem lief met de liefde zijner ziel.
18 Daarna zeide Jónathan tot hem: Morgen is de nieuwe maan; dan zal men u missen, want uw zitplaats zal ledig gevonden worden.
19 En als gij de drie dagen zult uitgebleven zijn, kom haastig af, en ga tot die plaats, waar gij u verborgen hadt ten dage dezer handeling; en blijf bij den steen Ezel.
20 Zo zal ik drie pijlen ter zijde schieten, als of ik naar een teken schoot.
21 En zie, ik zal den jongen zenden, zeggende: Ga heen, zoek de pijlen, indien ik uitdrukkelijk tot den jongen zeg: Zie, de pijlen zijn van u af en herwaarts, neem hem; en kom gij, want er is vrede voor u, en er is geen ding, zo waarlijk de HEERE leeft!
22 Maar indien ik tot den jongen alzo zeg: Zie, de pijlen zijn van u af en verder; ga heen, want de HEERE heeft u laten gaan.
23 En aangaande de zaak, waarvan ik en gij gesproken hebben, zie, de HEERE zij tussen mij en tussen u, tot in eeuwigheid!
24 David nu verborg zich in het veld; en als het nieuwe maan was, zat de koning bij de spijze, om te eten.
25 Toen zich de koning gezet had op zijn zitplaats, op dit maal gelijk de andere maal, aan de stede bij den wand, zo stond Jónathan op, en Abner zat aan Sauls zijde, en Davids plaats werd ledig gevonden.
26 En Saul sprak te dien dage niets, want hij zeide: Hem is wat voorgevallen, dat hij niet rein is; voorzeker, hij is niet rein.
27 Het geschiedde nu des anderen daags, den tweeden der nieuwe maan, als Davids plaats ledig gevonden werd, zo zeide Saul tot zijn zoon Jónathan: Waarom is de zoon van Isaï noch gisteren noch heden tot de spijze gekomen?
28 En Jónathan antwoordde Saul: David begeerde van mij ernstelijk naar Bethlehem te mogen gaan.
29 En hij zeide: Laat mij toch gaan; want ons geslacht heeft een offer in de stad, en mijn broeder heeft het mij zelf geboden; heb ik nu genade in uw ogen gevonden, laat mij toch ontslagen zijn, dat ik mijn broeders zie; hierom is hij aan des konings tafel niet gekomen.
30 Toen ontstak de toorn van Saul tegen Jónathan, en hij zeide tot hem: Gij, zoon der verkeerde in wederspannigheid, weet ik het niet, dat gij den zoon van Isaï verkoren hebt tot uw schande, en tot schande van de naaktheid uwer moeder?
31 Want al de dagen, die de zoon van Isaï op den aardbodem leven zal, zo zult gij noch uw koninkrijk bevestigd worden; nu dan, schik heen, en haal hem tot mij, want hij is een kind des doods.
32 Toen antwoordde Jónathan Saul, zijn vader, en zeide tot hem: Waarom zal hij gedood worden? Wat heeft hij gedaan?
33 Toen schoot Saul de spies op hem, om hem te slaan. Alzo merkte Jónathan, dat dit ten volle bij zijn vader besloten was, David te doden.
34 Daarom stond Jónathan van de tafel op in hittigheid des toorns; en hij at op den tweeden dag der nieuwe maan geen brood, want hij was bekommerd om David, omdat zijn vader hem gesmaad had.
35 En het geschiedde des morgens, dat Jónathan in het veld ging, op den tijd, die David bestemd was; en er was een kleine jongen bij hem.
36 En hij zeide tot zijn jongen: Loop, zoek nu de pijlen, die ik schieten zal. De jongen liep heen, en hij schoot een pijl, dien hij deed over hem vliegen.
37 Toen de jongen tot aan de plaats des pijls, dien Jónathan geschoten had, gekomen was, zo riep Jónathan den jongen na, en zeide: Is niet de pijl van u af en verder?
38 Wederom riep Jónathan den jongen na: Haast u, spoed u, sta niet stil! De jongen van Jónathan nu raapte den pijl op, en hij kwam tot zijn heer.
39 Doch de jongen wist er niets van; Jónathan en David alleen wisten van de zaak.
40 Toen gaf Jónathan zijn gereedschap aan den jongen, dien hij had; en hij zeide tot hem: Ga heen, breng het in de stad.
41 Als de jongen heenging, zo stond David op van de zuidzijde, en hij viel op zijn aangezicht ter aarde, en hij boog zich driemaal; en zij kusten elkander, en weenden met elkander, totdat het David gans veel maakte.
42 Toen zeide Jónathan tot David: Ga in vrede; hetgeen wij beiden in den Naam des HEEREN gezworen hebben, zeggende: De HEERE zij tussen mij en tussen u, en tussen mijn zaad en tussen uw zaad, zij tot in eeuwigheid!
43 Daarna stond hij op, en ging heen; en Jónathan kwam in de stad.

18 Daarna zei hij: ‘Als je plaats morgen tijdens het nieuwemaansfeest leeg blijft, zal men je zeker missen. 19 Overmorgen moet je een flink eind weggaan en je verbergen op dezelfde plek als de vorige keer, bij de Haëzelrots. 20 Ik zal drie pijlen op de rots afschieten, alsof ik op een doel mik, 21 en die door mijn wapendrager laten ophalen. Als ik tegen hem roep: “Nee, dichterbij!” neem hem dan mee en kom naar me toe, want zo waar de HEER leeft, dan kun je gerust zijn en is er niets aan de hand. 22 Maar als ik roep: “Nee, verderop!” dan moet je vertrekken, want dan is het de HEER zelf die je wegstuurt. 23 En bij alles wat we nu hebben afgesproken, jij en ik, is de HEER onze getuige.’
24 David hield zich dus buiten de stad verborgen. Met nieuwemaan zette de koning zich aan het feestmaal. 25 Toen de koning ging zitten, op zijn vaste plaats tegen de wand, stond Jonatan op. Abner nam plaats naast Saul; Davids plaats bleef onbezet. 26 Saul zei er die dag niets van; hij dacht bij zichzelf dat het misschien toeval was, dat David niet rein was of iets dergelijks. 27 Maar toen Davids plaats de volgende dag, de tweede dag van het nieuwemaansfeest, nog steeds onbezet bleef, vroeg Saul aan zijn zoon Jonatan: ‘Waarom is de zoon van Isaï niet aan de maaltijd verschenen, gisteren niet en vandaag ook niet?’ 28 ‘David heeft mij dringend verlof gevraagd om naar Betlehem te gaan,’ antwoordde Jonatan. 29 ‘“Laat me alsjeblieft gaan,” vroeg hij. “Er wordt bij mij thuis in de familiekring een offerfeest gehouden, en mijn broer heeft mij gezegd dat ik moet komen. Wees zo goed mij ongehinderd naar huis te laten gaan, zodat ik mij bij mijn broers kan voegen.” Daarom laat hij zich verontschuldigen bij het feestmaal van de koning.’ 30 Woedend barstte Saul tegen Jonatan uit: ‘Hoerenjong! Alsof ik niet weet dat jij de kant van de zoon van Isaï hebt gekozen. Je maakt jezelf te schande, en de moeder bij wie ik je verwekt heb erbij! 31 Zolang de zoon van Isaï hier op aarde rondloopt, ben jij je leven en je koningschap niet zeker. Laat hem onmiddellijk halen en breng hem bij me, want hij is ten dode opgeschreven.’ 32 ‘Maar waarom moet hij sterven?’ vroeg Jonatan. ‘Wat heeft hij dan gedaan?’ 33 Daarop slingerde Saul zijn speer naar Jonatan in een poging om hem te treffen. Toen begreep Jonatan dat zijn vader vastbesloten was om David uit de weg te ruimen.34 Woedend liep hij van tafel weg, zonder dat hij die tweede dag van het nieuwemaansfeest iets gegeten had, want hij maakte zich zorgen om David en was gegriefd omdat zijn vader hem zo beledigd had.
 
  Psa 81:3
(81:4)
תִּקְעוּ בַחֹדֶשׁ שֹׁופָר בַּכֵּסֶה לְיֹום חַגֵּֽנוּ׃
  Psa 81:4
(81:5)
כִּי חֹק לְיִשְׂרָאֵל הוּא מִשְׁפָּט לֵאלֹהֵי יַעֲקֹֽב׃ 

Psalmen 81:4
Blaast de bazuin in de nieuwe maan, ter bestemder tijd, op onzen feestdag.
(psalm 81:3) Blow the trumpets at the time of the New Moon, at the covering, leading to our solemn feast day (KJV).


Gen 7:20
חֲמֵשׁ עֶשְׂרֵה אַמָּה מִלְמַעְלָה גָּבְרוּ הַמָּיִם וַיְכֻסּוּ הֶהָרִֽים׃

Gen 7: 19
  (KJV=Gen 7:20) Fifteen cubits upward did the waters prevail; and the mountains were covered
.

Genesis 7

19 En de wateren namen gans zeer de overhand op de aarde, zodat alle hoge bergen, die onder den gansen hemel zijn, bedekt werden. 

Genesis 7 (KJV)
19 And the waters prevailed exceedingly upon the earth; and all the high hills, that were under the whole heaven, were covered.


Strong's H3680 - kacah
כָּסָה

Transliteration

kacah

Pronunciation

kä·sä' (Key)

Part of Speech

verb

Root Word (Etymology)

A primitive root

TWOT Reference

Outline of Biblical Usage

1) to cover, conceal, hide

a) (Qal) conceal, covered (participle)

b) (Niphal) to be covered

c) (Piel)

1) to cover, clothe

2) to cover, conceal

3) to cover (for protection)

4) to cover over, spread over

5) to cover, overwhelm

d) (Pual)

1) to be covered

2) to be clothed

e) (Hithpael) to cover oneself, clothe oneself

Authorized Version (KJV) Translation Count — Total: 152
 

Strong's H3677 - kece'
כֶּסֶא

Transliteration

kece'

Pronunciation

keh'·seh (Key)

Part of Speech

masculine noun

Root Word (Etymology)

Apparently from כָּסָה (H3680)

TWOT Reference

Outline of Biblical Usage

1) full moon

Authorized Version (KJV) Translation Count — Total: 2
AV — appointed 2
H3677



 בַּכֵּסֶה = dekken















  Psa 81:3
(81:4)
תִּקְעוּ בַחֹדֶשׁ שֹׁופָר בַּכֵּסֶה לְיֹום חַגֵּֽנוּ׃
  Psa 81:4
(81:5)
כִּי חֹק לְיִשְׂרָאֵל הוּא מִשְׁפָּט לֵאלֹהֵי יַעֲקֹֽב׃
 




 Jesaja 1: 13-14
13 Brengt niet meer vergeefs offer, het reukwerk is Mij een gruwel; de nieuwe maanden, en sabbatten, en het bijeenroepen der vergaderingen vermag Ik niet, het is ongerechtigheid, zelfs de verbodsdagen.

14 Uw nieuwe maanden en uw gezette hoogtijden haat (verfoeit) Mijn ziel, zij zijn Mij tot een last; Ik ben moede geworden, die te dragen.

Ezechiël 22

26 Haar priesters doen Mijn wet geweld aan, en zij ontheiligen Mijn heilige dingen; tussen het heilige en het onheilige maken zij geen onderscheid, en het verschil tussen het onreine en reine geven zij niet te kennen; daartoe verbergen zij hun ogen van Mijn sabbattenja, Ik word in het midden van hen ontheiligd.


Amos 8

Zeggende: Wanneer zal de nieuwe maan overgaan, dat wij leeftocht mogen verkopen? en de sabbat, dat wij koren mogen openen? verkleinende de efa, en den sikkel vergrotende, en verkeerdelijk handelende met bedriegelijke weegschalen;
Dat wij de armen voor geld mogen kopen, en den nooddruftige om een paar schoenen; dan zullen wij het kaf van het koren verkopen.

Genesis 1

De schepping
In den beginne schiep God den hemel en de aarde.
De aarde nu was woest en ledig, en duisternis was op den afgrond; en de Geest Gods zweefde op de wateren.
En God zeide: Daar zij licht! en daar werd licht.
En God zag het licht, dat het goed was; en God maakte scheiding tussen het licht en tussen de duisternis.
En God noemde het licht dag, en de duisternis noemde Hij nacht. Toen was het avond (Nacht) geweest, en het was morgen (Dag) geweest, de eerste dag.
    8 En God noemde het uitspansel hemel. Toen was het avond geweest, en het was morgen geweest, de tweede dag.
  13 Toen was het avond geweest, en het was morgen geweest, de derde dag.
  19 Toen was het avond geweest, en het was morgen geweest, de vierde dag.
  23 Toen was het avond geweest, en het was morgen geweest, de vijfde dag.
  31 En God zag al wat Hij gemaakt had, en ziet, het was zeer goed. Toen was het avond geweest, en het was morgen geweest, de zesde dag.


Genesis 1 (KJV)
5 And God called the light Day, and the darkness he called Night. And the evening and the morning were the first day.


Genesis 1:5  וַיִּקְרָא אֱלֹהִים לָאֹור יֹום וְלַחֹשֶׁךְ קָרָא לָיְלָה וַֽיְהִי־עֶרֶב וַֽיְהִי־בֹקֶר יֹום אֶחָֽד׃ פ

Lexicon :: Strong's H2822 - choshek

חֹשֶׁךְ

Transliteration
choshek
Pronunciation
khō·shek' (Key) 
Part of Speech
masculine noun
Root Word (Etymology)
Dictionary Aids

TWOT Reference: 769a

KJV Translation Count — Total: 80x
The KJV translates Strongs H2822 in the following manner: darkness (70x), dark (7x),obscurity (2x), night (1x).
Outline of Biblical Usage
  1. darkness, obscurity

    1. darkness

    2. secret place

Strong’s Definitions [?](Strong’s Definitions Legend)
חֹשֶׁךְ chôshek, kho-shek'; from H2821; the dark; hence (literally) darkness; figuratively, misery, destruction, death, ignorance, sorrow, wickedness:—dark(-ness), night, obscurity.

Lexicon :: Strong's H2821 - chashak

חָשַׁךְ

Transliteration
chashak
Pronunciation
khä·shak' (Key) 
Part of Speech
verb
Root Word (Etymology)
A primitive root
Dictionary Aids

TWOT Reference: 769

KJV Translation Count — Total: 19x
The KJV translates Strongs H2821 in the following manner: darken (9x), dark (5x), blacker (1x),darkness (1x), dim (1x), hideth (1x), variant (1x).
Outline of Biblical Usage
  1. to be or become dark, grow dim, be darkened, be black, be hidden

    1. (Qal)

      1. to be or grow dark

      2. to have a dark colour

      3. to grow dim

    2. (Hiphil)

      1. to make dark, cause to be dark

      2. to hide, conceal

      3. to obscure, confuse (fig.)

Strong’s Definitions [?](Strong’s Definitions Legend)
חָשַׁךְ châshak, khaw-shak'; a primitive root; to be dark (as withholding light); transitively, to darken:—be black, be (make) dark, darken, cause darkness, be dim, hide.


Psalmen 55

17 Mij aangaande, ik zal tot God roepen, en de HEERE (YHWH) zal mij verlossen.
18 Des avonds, en des morgens, en des middags zal ik klagen en getier maken; en Hij zal mijn stem horen.


Kolosenzen 2:16

Dat u dan niemand oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feestdags, of der nieuwe maan, of der sabbatten;

Sirach 43

De maan verschijnt met vaste regelmaat, een eeuwig teken van de wisselende tijden.
De maan is het teken voor de feesten, een licht dat vol wordt en weer afneemt.
De maand is naar haar genoemd, wonderlijk zijn haar gestalten. Ze is een instrument van de hemelse machten, stralend aan het hemelfirmament.

Sirach 27,11
Wat een vroom mens vertelt is altijd wijsheid, maar een onverstandig mens is zo wisselvallig als de maan.

Sirach 39,12
Nog meer van mijn gedachten zal ik uitspreken, als de volle maan zo vol ben ik ervan.


Brief van Jeremia 1

59 Neem de zon, de maan en de sterren: ze stralen en worden uitgezonden om nuttig te zijn, en ze gehoorzamen. 
66 Ze kunnen de volken geen tekenen aan de hemel laten zien, ze kunnen niet schijnen als de zon, geen licht geven als de maan

Sirach 50

Dan was hij als een morgenster tussen de wolken, als een volle maan tijdens een feest,
 

Ecclesiasticus Chapter 43

6 He made the moon also to serve in her season for a declaration of times, and a sign of the world.

7 From the moon is the sign of feasts, a light that decreaseth in her perfection.

8 The month is called after her name, increasing wonderfully in her changing, being an instrument of the armies above, shining in the firmament of heaven;



Exodus 23

De drie hoge feesten
14 Drie reizen in het jaar zult gij Mij feest houden.
15 Het feest van de ongezuurde broden zult gij houden; zeven dagen zult gij ongezuurde broden eten (gelijk Ik u geboden heb), ter bestemder tijd in de maand Abib, want in dezelve zijt gij uit Egypte getogen; doch men zal niet ledig voor Mijn aangezicht verschijnen.
16 En het feest des oogstes, der eerste vruchten van uw arbeid, die gij op het veld gezaaid zult hebben. En het feest der inzameling, op den uitgang des jaars, wanneer gij uw arbeid uit het veld zult ingezameld hebben.
17 Drie malen des jaars zullen al uw mannen voor het aangezicht des Heeren HEEREN verschijnen.
18 Gij zult het bloed Mijns offers met geen gedesemde broden offeren; ook zal het vette Mijns feestes tot op den morgen niet vernachten.
19 De eerstelingen der eerste vruchten uws lands zult gij in het huis des HEEREN uws Gods brengen. Gij zult het bokje niet koken in de melk zijner moeder.

Leviticus 23

Wetten der hoogtijden
1 Daarna sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
Spreek tot de kinderen Israëls, en zeg tot hen: De gezette hoogtijden des HEEREN, welke gijlieden uitroepen zult, zullen heilige samenroepingen zijn; deze zijn Mijn gezette hoogtijden.
Zes dagen zal men het werk doen, maar op den zevenden dag is de sabbat der rust, een heilige samenroeping; geen werk zult gij doen; het is des HEEREN sabbat, in al uw woningen.
Deze zijn de gezette hoogtijden des HEEREN, de heilige samenroepingen, welke gij uitroepen zult op hun gezetten tijd.

Sabbat:
15 Daarna zult gij u tellen van den anderen dag na den sabbat, van den dag, dat gij de garf des beweegoffers zult gebracht hebben; het zullen zeven volkomen sabbatten zijn;
16 Tot den anderen dag, na den zevenden sabbatzult gij vijftig dagen tellen, dan zult gij een nieuw spijsoffer den HEERE offeren.
17 Gijlieden zult uit uw woningen twee beweegbroden brengen, zij zullen van twee tienden meelbloem zijn, gedesemd zullen zij gebakken worden; het zijn de eerstelingen den HEERE.
18 Gij zult ook met het brood zeven volkomen eenjarige lammeren, en een var, het jong van een rund, en twee rammen offeren; zij zullen den HEERE een brandoffer zijn, met hunspijsoffer en hun drankoffereneen vuuroffer, tot een liefelijken reuk den HEERE.
19 Ook zult gij een geitenbok ten zondoffer, en twee eenjarige lammeren ten dankoffer bereiden.
20 Dan zal de priester dezelve met het brood der eerstelingen ten beweegoffer, voor het aangezicht des HEEREN, met de twee lammeren bewegen; zij zullen den HEERE een heilig ding zijn, voor den priester.
21 En gij zult op dienzelfden dag uitroependat gij een heilige samenroeping zult hebben; geen dienstwerk zult gij doen; het is een eeuwige inzetting in al uw woningen voor uw geslachten.
22 Als gij nu den oogst uws lands zult inoogsten, gij zult, in uw inoogstenden hoek des velds niet ganselijk afmaaien, en de opzameling van uw oogst niet opzamelen; voor den arme en voor den vreemdeling zult gij ze laten; Ik ben de HEERE, uw God!
37 Dit zijn de gezette hoogtijden des HEEREN, welke gij zult uitroepen tot heilige samenroepingen, om den HEERE vuuroffer, brandoffer en spijsoffer, slachtoffer en drankofferen, elk dagelijks op zijn dag, te offeren;
38 Behalve de sabbatten des HEEREN, en behalve uw gaven, en behalve al uw geloften, en behalve al uw vrijwillige offeren, welke gij den HEERE geven zult.

Deuteronomium 5

12 Onderhoudt den sabbatdag, dat gij dien heiligt; gelijk als de HEERE, uw God, u geboden heeft.
13 Zes dagen zult gij arbeiden, en al uw werk doen;
14 Maar de zevende dag is de sabbat des HEEREN, uws Gods; dan zult gij geen werk doen, gij, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienstknecht, noch uw dienstmaagd, noch uw os, noch uw ezel, noch enig van uw vee, noch de vreemdeling, die in uw poorten is; opdat uw dienstknecht, en uw dienstmaagd ruste, gelijk als gij.
15 Want gij zult gedenken, dat gij een dienstknecht in Egypteland geweest zijt, en dat de HEERE, uw God, u van daar heeft uitgeleid door een sterke hand en een uitgestrekten arm; daarom heeft u de HEERE, uw God, geboden, dat gij den sabbatdag houden zult.

Jesaja 56
Beloften en vermaning tot vroomheid
Alzo zegt de HEERE: Bewaart het recht, en doet gerechtigheid; want Mijn heil is nabij om te komen, en Mijn gerechtigheid om geopenbaard te worden.
Welgelukzalig is de mens, die zulks doet, en des mensen kind, dat daaraan vasthoudt; die den sabbat houdt, zodat gij dien niet ontheiligt, en die zijn hand bewaart van enig kwaad te doen.

Exodus 31

Het heiligen van den sabbat
12 Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
13 Gij nu, spreek tot de kinderen Israëls, zeggende: Gij zult evenwel mijn sabbatten onderhouden; want dit is een teken tussen Mij en tussen ulieden, bij uw geslachten; opdat men wete, dat Ik de HEERE ben, Die u heilige.
14 Onderhoudt dan den sabbat, dewijl hij ulieden heilig is! Wie hem ontheiligt, zal zekerlijk gedood worden; want een ieder, die op denzelven enig werk doet, die ziel zal uitgeroeid worden uit het midden harer volken.
15 Zes dagen zal men het werk doen; doch op den zevenden dag is de sabbat der rust, een heiligheid des HEEREN! Wie op den sabbatdag arbeid doet, zal zekerlijk gedood worden.
16 Dat dan de kinderen Israëls den sabbat houden, den sabbat onderhoudende in hun geslachten, tot een eeuwig verbond.
17 Hij zal tussen Mij en tussen de kinderen Israëls een teken in eeuwigheid zijn; dewijl de HEERE, in zes dagen, den hemel en de aarde gemaakt, en op den zevenden dag gerust en zich verkwikt heeft.
De stenen tafelen
18 En Hij gaf aan Mozes, als Hij met hem op den berg Sinaï te spreken geëindigd had, de twee tafelen der getuigenis, tafelen van steen, beschreven met den vinger Gods.

Numeri 10

De twee zilveren trompetten
Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
Maak u twee zilveren trompetten; van dicht werk zult gij ze maken; en zij zullen u zijn tot de samenroeping der vergadering, en tot den optocht der legers.
Als zij met dezelve blazen zullen, dan zal de gehele vergadering tot u vergaderd worden, aan de deur van de tent der samenkomst.
Maar als zij met de éne zullen blazendan zullen tot u vergaderd worden de oversten, de hoofden der duizenden van Israël.
Als gij met een gebroken geklank blazen zult, dan zullen de legers, die tegen het oosten gelegerd zijn, optrekken.
Maar als gij ten tweeden male met een gebroken geklank blazen zult, zullen de legers, die tegen het zuiden legeren, optrekken; met een gebroken geklank zullen zij blazen tot hun optochten.
Maar in het verzamelen van de gemeente, zult gij blazen, doch geen gebroken geklank maken.
En de zonen van Aäron, de priesters, zullen met die trompetten blazen; en zij zullen ulieden zijn tot een eeuwige inzetting bij uw geslachten.
En wanneer gijlieden in uw land ten strijde zult trekken tegen den vijand, die u benauwt, zult gij ook met die trompetten een gebroken klank maken; zo zal uwer gedacht worden voor het aangezicht des HEEREN, uws Gods, en gij zult van uw vijanden verlost worden.
10 Desgelijks ten dage uwer vrolijkheid, en in uw gezette hoogtijden, en in de beginselen uwer maanden, zult gij ook met de trompetten blazen over uw brandofferen, en over uw dankofferen; en zij zullen u ter gedachtenis zijn voor het aangezicht uws Gods; Ik ben de HEERE, uw God!

Volgens mij moet je de nieuwe maan van Israel nemen, maar zeker ben ik daar nog niet van het kan ook plaatselijk zijn.

Openbaring 22:1-2
Maandelijkse vernieuwing in de Hemel
De engel liet me ook de rivier zien met het water dat leven geeft. De rivier was helder als kristal; hij ontsprong uit de troon van God en het Lam, en stroomde midden door het plein van de stad. Aan beide zijden van de rivier stonden levensbomen die twaalf keer per jaar vrucht droegen, elke maand één keer.

En hij (de engel) toonde mij een zuivere rivier van het water des levens, klaar als kristal, voortkomende uit den troon Gods, en des Lams.
In het midden van haar straat en op de ene en de andere zijde der rivier was de boom des levens, voortbrengende twaalf vruchtenvan maand tot maand gevende zijne vrucht; en de bladeren des booms waren tot genezing der heidenen.

De nieuwe maan = onzichtbare maan
In Israël en Arabië waren vele astronomen en men wist al van te voren wanneer er nieuwe maan zou zijn en dus ook wanneer er volle maan zou zijn.

Een nieuwe maan is het tegengestelde van een volle maandus totaal niet zichtbaar voor het oog; er is totaal geen maan. 
De dag ná de nacht van deze maan wordt als een Sabbat gevierd; een dag van rust en aanbidding. 
Elke nieuwe maan van elke nieuwe maand is zo dus een feestdag van GOD.



  • Klik hier om de zonsondergangstijden & Nieuwe Manen te berekenen!
  • Klik hier voor het inhoudelijk bepalen van de Nieuwe Maan! (Of zie hieronder aan de pagina)
Hoe je een Nieuwe Maan viert
Een Nieuwe Maansfeest wordt nooit 's nachts, maar altijd overdag gevierd als een Sabbatsdag.
  • Als de (berekende, astronomische-) Nieuwe Maan ná zonsondergang valt, dan wordt de Nieuwe Maan pas overdag de dag erna gevierd.
  • Als de (berekende, astronomische-) Nieuwe Maan vóór zonsondergang valt -al is het maar een paar minuten- dan geldt van die lopende dag overdag als Nieuwe Maansdag.
De invulling in algemene zin is dus feestelijk met het oog op ontspanning, vernieuwing, blijheid met tevens het oog op waar de Nieuwe Maan voor Christenen naar verwijst: maandelijkse vernieuwing in de Hemel.

Kerken, Moslims & Joden: géén bijbelse Feesten

Kerken houden -startend met de RK-kerk- niet de bijbelse Feesten; de Sabbat werd veranderd in de zondag en de bijbelse Feesten werden omgezet in kerkse feesten met een evt. verwijsbare bijbelse geschiedenisachtergrond, hoewel de meeste van de kerkse feesten op dagen van afgoden worden gehouden!

De moslims houden niet de nieuwe maan, maar de nieuwe maansikkel aan voor bijvoorbeeld 'de ramadan'. Deze maansikkel is pas 2-4 dagen ná de nieuwe maan zichtbaar. Het is diezelfde maansikkel die boven hun moskeeën staat als symbool van Islam; de maangodin Alilah of Allah. Zo zie je ook weer, dat moslims niet de God van Abraham, Isaak en Jakob aanbidden, maar een afgod!


De maansikkel van de moslims staat o.a. boven hun moskee en is vaak in hun vlaggen [veelal met pentagram] terug te vinden. Deze maansikkel staat al duizenden jaren boven de tempels van de maangodin die zij feitelijk vereren. Die maangodin is o.a. bekend onder de namen 'Sin, Astarte of Alilah'; van deze laatste naam is de naam 'Allah' klaarblijkelijk gefabriceerd...

Ook de Joden houden niet (meer) de Nieuwe Maan, maar ook de zichtbare maansikkel; zoals vastgesteld in hun 'kalender der Farizeeën' zoals die in Hillel-II is vastgelegd.

Met hun kalender cq Hillel-II zijn de Joden dus ook niet meer met de bijbelse Feesten bezig, maar met wereldse inzettingen. 
Uit de bijbelse geschiedenis [Jerobeam!] weten we dat dergelijke inzettingen tot totale ondergang leiden.

Wanneer valt de nieuwe maan?
Een bijbels dag begint met zonsondergang en eindigt 24 uur later met zonsondergang. Dus eerst de avond/nacht en daarna pas de morgen/dag.

De nieuwe maan viert men overdag (tussen zonsopkomst en zonsondergang) op de dag dat de astronomische nieuwe maan valt. Als de tijd dus overdag valt, wordt de nieuwe maan op die dag gevierd, valt de nieuw maan na zonsondergang, dan zal die pas vanaf de volgende morgen gevierd worden.

De astromische nieuwe maan wordt bepaald op de UTC-tijd. In Nederland moet je daar in de wintertijd +1 uur bij optellen en in de zomertijd +2 uur.

Zomertijd (NL) is UT+2 uur (MEZT) en gaat in in de van za-zo in het laatste weekend van maart. (klok 1 uur vooruit)
Wintertijd (NL) is UT+1 uur (MET) en gaat in in de nacht van za-zo in het laatste weekend van oktober. (klok 1 uur terug)


De nieuwe maan is als de zon, maan en aarde precies op een lijn staan, met de maan tussen de zon en de aarde in. Dit kan gedurende elke moment van de dag vallen. In de nacht is de maan ook totaal niet zichtbaar: een zwarte bol, het tegenovergestelde van volle maan.

Kalenders die uitgaan van de datum waarop de eerste maansikkel zichtbaar is, zijn dus bijbels onjuist. De feesten vallen met die kalender ± 2 dagen later.

Wanneer begint het nieuwe bijbelse jaar?

Veel mensen denken dat een bijbels jaar begint met het 'Joodse nieuwjaar' in het najaar (sept/okt) in de maand Tishri. In plaats van de dag van de bazuinen (op 1 Tishri), wordt dan het nieuwjaarsfeest gevierd. De Bijbel leert echter dat het nieuwe jaar begint in het voorjaar, in de maand Nisan (die ook wel Abib wordt genoemd). De 1e Nisan is als het ware 'nieuwjaarsdag', hoewel deze niet als zodanig gevierd dient te worden.

Vroeger hadden de maanden geen namen en werden ze alleen genummerd.

De 1e Nisan wordt bepaald aan de hand van de lente-equinox van het noorderlijk halfrond. De lente-equinox valt meestal op 20 of 21 maart en bepaald het begin van lente. (Met het tijdstip van de equinox staat de zon recht boven de evenaar en is de dag even lang als de nacht).

Je moet kijken naar de nieuwe maan die het dichts bij de lente-equinox valt (dus ervoor of erna). Als de nieuwe maan ervoor ligt, dan mag 14 Nisan op de equinox vallen, maar niet ervoor. De eerste dag van het Feest ongezuurde broden moet altijd erna vallen, want dit is namelijk een volle maan.

God heeft Mozes en Aäron vlak voor de uittocht uit Egypte (dus nog in Egypte) verteld wat de eerst maand was (Ex 12:1-2). Op de 10e dag moesten ze een lam apart zetten om dit op de 14e dag te slachten. Dan had God ze dus ook verteld wat de eerste dag was. Ook na de uittocht in de woestijn, vierden ze vanaf toen de nieuwe maans- en andere feesten. Ze hadden dus voldoende tijd om de kalender goed vast te stellen.

Sommige kalenders zijn op Jeruzalemtijd, waarom bij jullie niet?

Sommige kalenders voor de Bijbelse feestdagen gaan voor het bepalen van de nieuwe maansdagen en feesten uit van Jeruzalemtijd. Dat baseren ze erop dat men vroeger voor het vieren van de feesten vaak naar Jeruzalem ging om daar gezamenlijk feest te vieren en omdat daar de tempel waar de offers gebracht werden die bij de feesten hoorden.

Om dit gevoel van 'samen' te behouden, houdt men dan voor het bepalen van de feestdagen de nieuwe maans- en zonsondergangtijden van Jeruzalem aan. Wij doen dit niet, omdat wij niet meer in Israël leven en het dus niet mogelijk is om voor elk feest naar Jeruzalem af te rijzen. Ook het brengen van offers in de tempel in Jeruzalem is voor ons niet meer nodig.

Overigens begon God de feesten in te stellen toen het volk Israel uit Egypte vertrok en vierden ze de eerste 80 jaar de feesten in de woestijn en niet in Jeruzalem. Daarnaast heeft God de aarde rond gemaakt, waardoor zonsopgang en daarmee de aanvang van de Bijbelse dag dus op de hele wereld steeds ongelijk begint. De sabbat begint dus ook niet overal op dezelfde tijd en daarmee de feestdagen ook niet.

Daarom baseren wij ons in onze kalender voor de Bijbelse feestdagen, op de Nederlandse zon- en maanstanden.

Bij 1 ding kijken we echter wel naar Jeruzalem. Namelijk dat Israel op het noordelijk halfrond ligt. Daarmee valt de lente-equinox in maart. De feesten op het zuidelijk halfrond moeten daar ook op gebaseerd zijn. Ze mogen dus niet een half jaar verspringen omdat daar in september de lente begint.

Waarom eigenlijk niet de Joodse/ Hebreeuwe kalender?

Wij kiezen er bewust voor om zelf de Bijbelse feestdagen te 'berekenen' aan de hand van de Nederlandse zon- en maansstanden.

We kiezen bewust NIET voor de Joodse/ Hebreeuwse kalender, omdat deze uitgaat van het HILLEL 2-systeem. Dit systeem is in ± 358 na Chr. ontwikkeld. Het berekent niet de nieuwe maan m.b.v de astronomische kalender, maar kijkt naar de maansikkel; wat niet bijbels is.

Daarnaast heeft dit systeem vele uitstelregels, om de planning van de feesten economisch zo gunstig mogelijk te laten vallen. Zo mag een feestsabbat niet direkt vóór of na een wekenlijkse sabbat vallen, want dat zou 2 dagen van niet werken/handelen achter elkaar betekenen. Daarom wordt de feestsabbat dan uitgesteld naar een economisch gunstig moment.

Ook is de Joodse/ Hebreeuwse kalende gebaseerd op 'nieuwjaar' in Tishri (de 7e maand). De kalender gaat niet uit van 1 Nisan (1e maand), maar van 1 Tishri. Als 1 Tishri op een ecomomisch gunstige dag is vastgesteld, dan wordt van daaruit teruggerekend om zo 1 Nisan te bepalen.

1 Tishri wordt in dit systeem vastgesteld met de herfst-equinox, die meestal op 22 of 23 september valt. Men zegt dat de 1e dag van het Loofhuttenfeest (=15 Tishri) op deze herst-equinox moet vallen of erna. Men gaat hierbij uit van de opdracht in de Bijbel over de feesten, om het Loofhuttenfeest te houden als de opbrengst van het land is binnengehaald.

In Israel begint met de lente-equinox het voorjaar (met de gerste-oogst) en met de hefst-equinox eindigt het oogstseizoen van de andere gewassen en begint de herst/winter.

Het loofhuttenfeest ziet men dus als een eind-oogstfeest en dat mag dus niet te vroeg vallen in het jaar. (op de Joodse Kalender kan het Loofhuttenfeest dus wel tot een maand later vallen dan op de Bijbelse Kalender.

De Bijbel gaat namelijk uit van 1 Nisan voor het vaststellen van de feesten en niet van 1 Tishri en daarom doen wij dat ook zo.

Strong's H2320 - chodesh
חֹדֶשׁ

Transliteration

chodesh

Pronunciation

khō'·desh (Key)

Part of Speech

masculine noun

Root Word (Etymology)

TWOT Reference

Outline of Biblical Usage

1) the new moon, month, monthly

a) the first day of the month

b) the lunar month

Authorized Version (KJV) Translation Count — Total: 276
AV — month 254, new moon 20, monthly 1, another 1
H2320


Num 28:14
En hun drankofferen zullen zijn de helft van een hin tot een var, en een derde deel van een hin tot een ram, en een vierendeel van een hin van wijn tot een lamdat is het brandoffer der nieuwe maan in elke maand, naar de maanden des jaars.

Judit 8

Op het dak van haar huis had ze voor zichzelf een tent gemaakt. Ze ging als weduwe gekleed en droeg een rouwkleed om haar middel. 
Sinds de dood van haar man vastte ze iedere dagbehalve op sabbat en de dag daarvoor, daags vóór en op nieuwemaan en tijdens de feest- en hoogtijdagen die door het volk van Israël werden gevierd.

1 Sam 20:5
En David zeide tot Jónathan: Zie, morgen is de nieuwe maan, dat ik zekerlijk met den koning zou aanzitten om te eten; zo laat mij gaan, dat ik mij op het veld verberge tot aan den derden avond.

1 Sam 20:18
Daarna zeide Jónathan tot hem: Morgen is de nieuwe maan; dan zal men u missen, want uw zitplaats zal ledig gevonden worden.

1 Sam 20:24
David nu verborg zich in het veld; en als het nieuwe maan was, zat de koning bij de spijze, om te eten.

1 Sam 20:27
Het geschiedde nu des anderen daags, den tweeden der nieuwe maan, als Davids plaats ledig gevonden werd, zo zeide Saul tot zijn zoon Jónathan: Waarom is de zoon van Isaï noch gisteren noch heden tot de spijze gekomen?

1 Sam 20:34
Daarom stond Jónathan van de tafel op in hittigheid des toorns; en hij at op den tweeden dag der nieuwe maan geen brood, want hij was bekommerd om David, omdat zijn vader hem gesmaad had.

2 Kon 4:23
En hij zeide: Waarom gaat gij heden tot hem? Het is geen nieuwe maan, noch sabbat. En zij zeide: Het zal wèl zijn.

Ps 81:4
Blaast de bazuin in de nieuwe maan, ter bestemder tijd, op onzen feestdag.
Want dit is een inzetting in Israël, een recht van den God Jakobs.

Jes 66:23
En het zal geschieden, dat van de ene nieuwe maan tot de andereen van den enen sabbat tot den anderen, alle vlees komen zal om aan te bidden voor Mijn aangezicht, zegt de HEERE.

Ez 46:1
Alzo zegt de Heere HEERE: De poort van het binnenste voorhof, die naar het oosten ziet; zal de zes werkdagen gesloten zijn; maar op den sabbatdag zal zij geopend worden; ook zal zij geopend worden op den dag van de nieuwe maan.

Ez 46:6
Maar op den dag van de nieuwe maan, een var, een jong rund, van de volkomene, en zes lammeren, en een ram; volkomen zullen zij zijn.

Am 8:5
Zeggende: Wanneer zal de nieuwe maan overgaan, dat wij leeftocht mogen verkopen? en de sabbat, dat wij koren mogen openen? verkleinende de efa, en den sikkel vergrotende, en verkeerdelijk handelende met bedriegelijke weegschalen;

Kol 2:16
Dat u dan niemand oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feestdags, of der nieuwe maan, of der sabbatten;

Hos 5,7
Zij hebben trouwelooslijk gehandeld tegen den HEERE; want zij hebben vreemde (Nephilims. Aliens, kinderen van gevallen engelen met vrouwen) kinderen gewonnen; nu zal hen de nieuwe maand verteren met hun delen.

Nieuwemaansfeest
Het begin van een nieuwe maand werd gevierd met het zogenoemde nieuwemaansfeest. Waarschijnlijk was het een dag waarop men geen arbeid mocht verrichten en waarop bepaalde offers waren voorgeschreven. 
In Numeri 28:11-15 staat een voorschrift voor dit feest.

Deuteronomium 22:5.
5 Een vrouw mag geen kleren en attributen van een man dragen en een man mag geen vrouwenkleren dragen. Want de HEER verafschuwt ieder die zulke dingen doet.
5 Het kleed eens mans zal niet zijn aan een vrouw, en een man zal geen vrouwenkleed aantrekken; want al wie zulks doet, is den HEERE, uw God, een gruwel.

Joodse Kalender:

The Book of Enoch.

Section I I I. Chapters LXXII-LXXXII The Book of the Heavenly Luminaries
72.1 The Book of the Revolutions of the Lights of Heaven.
Each as it is; according to their classes, according to their period of rule and their times, according to their names and places of origin, and according to their months. That Uriel, the Holy Angel who was with me, and is their leader, showed to me. And he showed me all their regulations, exactly as they are, for each year of the world and for ever, until the new creation shall be made which will last forever.
72.2 And this is the First Law of the Lights. The light called the Sun; its rising is in the Gates of Heaven that are towards the east, and its setting is in the western Gates of Heaven.
72.3 And I saw six Gates from which the Sun rises, and six Gates in which the Sun sets, and the Moon also rises and sets in those Gates, and the leaders of the stars together with those whom they lead. There are six in the east and six in the west, all exactly in place, one next to the other; and there are many windows to the south and the north of those Gates.
72.4 And first there rises the greater light, named the Sun, and its disc is like the disc of Heaven, and the whole of it is full of a fire which gives light and warmth.
72.5 The wind blows the chariots on which it ascends, and the Sun goes down in the sky and returns through the north in order to reach the east, and is led so that it comes to the appropriate Gate and shines in the sky.
72.6 In this way it rises in the first

30
month, in the large Gate, namely; it rises through the fourth of those six Gates that are towards the east.
72.7 And in that fourth Gate, through which the Sun rises in the first month, there are twelve window-openings from which, whenever they are opened, flames come out.
72.8 When the Sun rises in Heaven it goes out through that fourth Gate for thirty days, and exactly in the fourth Gate, in the west of Heaven, it goes down.
72.9 And in those days the day grows daily longer, and the night grows nightly shorter, until the thirtieth morning.
72.10 And on that day the day becomes longer than the night by a double part, and the day amounts to exactly ten parts, and the night amounts to eight parts.
72.11 And the Sun rises from that fourth Gate, and sets in the fourth Gate, and returns to the fifth Gate in the east for thirty mornings; and it rises from it and sets in the fifth Gate.
72.12 And then the day becomes longer by two parts, and the day amounts to eleven parts, and the night becomes shorter and amounts to seven parts.
72.13 And the Sun returns to the east and comes to the sixth Gate, and rises and sets in the sixth Gate for thirty-one mornings, because of its sign.
72.14 And on that day the day becomes longer than the night, and the day becomes double the night; and the day amounts to twelve parts, and the night becomes shorter and amounts to six parts.
72.15 And the Sun rises up so that the day may grow shorter, and the night longer; and the Sun returns to the east, and comes to the sixth Gate, and rises from it, and sets, for thirty mornings.
72.16 And when thirty mornings have been completed the day becomes shorter, by exactly one part; and the day amounts to eleven parts, and the night to seven parts.
72.17 And the Sun goes out from the west, through that sixth Gate, and goes to the east, and rises in the fifth Gate for thirty mornings and it sets in the west again, in the fifth Gate in the west.
72.18 On that day the day becomes shorter by two parts, and the day amounts to ten parts, and the night to eight parts.
72.19 And the Sun rises from that fifth Gate, and sets in the fifth Gate in the west, and rises in the fourth Gate for thirty-one mornings because of its sign, and sets in the west.
72.20 On that day the day becomes equal with the night, and is of equal length; and the night amounts to nine parts, and the day to nine parts.
72.21 And the Sun rises from that Gate and sets in the west, and returns to the east, and rises in the third Gate for thirty mornings, and sets in the west in the third Gate.
72.22 And the Sun rises from that third Gate, and sets in the third Gate in the west, and returns to the east; and the Sun rises in the second Gate in the east for thirty mornings, and likewise, it sets in the second Gate, in the west of Heaven.
72.24 And on that day the night amounts to eleven parts and the day to seven parts.
72.25 And the Sun rises, on that day, from the second Gate, and sets in the west in the second Gate, and returns to the east to the first Gate for thirty-one mornings, then sets in the west in the first Gate.
72.26 And on that day the night becomes longer, and becomes double the day; and the night amounts to exactly twelve parts, and the day to six parts.
72.27 And with this, the Sun has completed the divisions of its journey, and it turns back again, along these divisions of its journey; and it comes through that first Gate for thirty

31
mornings, and sets in the west opposite it.
72.28 And on that day the night becomes shorter in length by one part, and amounts to eleven parts, and the day to seven parts.
72.29 And the Sun returns, and comes to the second Gate in the east, and it returns along those divisions of its journey for thirty mornings, rising and setting.
72.30 And on that day the night becomes shorter in length and the night amounts to ten parts and the day to eight parts.
72.31 And on that day, the Sun rises from the second Gate, and sets in the west, and returns to the east, and rises in the third Gate for thirty one mornings, and sets in the west of the sky.
72.32 And on that day the night becomes shorter, and amounts to nine parts, and the day amounts to nine parts, and the night becomes equal with the day. And the year amounts to exactly 364 days.
72.33 And the length of the day and the night, and the shortness of the day and the night - they are different because of the journey of the Sun.
72.34 Because of it, its journey becomes daily longer, and nightly shorter.
72.35 And this is the law and the journey of the Sun and its return, as often as it returns; sixty times it returns and rises, that is the great eternal light, which for ever and ever is named the Sun.
72.36 And this that rises is the great light, which is named after its appearance, as the Lord commanded.
72.37 And thus it rises and sets; it neither decreases, nor rests, but runs day and night in its chariot. And its light is seven times brighter than that of the Moon but in size the two are equal.
73.1 And after this law I saw another law, for the lesser light, named the Moon.
73.2 And its disc is like the disc of the Sun, and the wind blows its chariot on which it rides, and in fixed measure light is given to it.
73.3 And every month it’s rising and setting change, and its days are as the days of the Sun, and when its light is uniformly full, it is a seventh part the light of the Sun.
73.4 And thus it rises, and its first phase is towards the east; it rises on the thirtieth morning. And on that day it appears, and becomes for you the first phase of the Moon, on the thirtieth morning, together with the Sun in the Gate through which the Sun rises.
73.5 And a half.(…..) .with a seventh part, and its entire disc is empty, without light, except for a seventh part, a fourteenth part of it’s light.
73.6 And on the day that it receives a seventh part and a half of its light, its light amounts to a seventh, and a seventh part and a half.
73.7 It sets with the Sun, and when the Sun rises, the Moon rises with it, and receives a half of one part of light. And on that night at the beginning of its morning, at the beginning of the Moon's day, the Moon sets with the Sun, and is dark on that night in six and seven parts and a half.
73.8 And it rises on that day, with exactly a seventh part, goes out, recedes from the rising of the Sun, and becomes bright on the remainder of its days, in the other six and seven parts.
74.1 And another journey, and law, I saw for it, in that according to this law it makes its monthly journey.
74.2 And Uriel, the Holy Angel who is leader of them all, showed me everything, and I wrote down their positions as he showed them to me. And I wrote down their months, as they are, and the appearance of their light, until fifteen days have been completed.
74.3 In seventh parts it makes all its darkness full, and in seventh parts it 

32 
makes all its light full, in the east and in the west.
74.4 And in certain months, it changes its setting, and in certain months, it follows its own individual course.
74.5 In two months it sets with the Sun, in those two Gates that are in the middle, in the third and in the fourth Gate.
74.6 It goes out for seven days and turns back, and returns again to the Gate from which the Sun rises. And in that Gate it makes all its light full, and it recedes from the Sun, and comes, in eight days, to the sixth Gate from which the Sun rises.
74.7 And when the Sun rises from the fourth Gate, the Moon goes out for seven days, until it rises from the fifth Gate. And again it returns in seven days to the fourth Gate, makes all its light full, recedes, and comes to the first Gate in eight days.
74.8 And again it returns in seven days to the fourth Gate from which the Sun rises.
74.9 Thus I saw their positions; how the Moon rose and the Sun set in those days.
74.10 And if five years are added together, the Sun has an excess of thirty days. For each year, of the five years, there are three hundred and sixty four days.
74.11 And the excess, of the Sun and the stars, comes to six days. In five years, with six days each, they have an excess of thirty days, and the Moon falls behind the Sun and the stars by thirty days.
74.12 And the Moon conducts the years exactly, all of them according to their eternal positions; they are neither early nor late, even by one day, but change the year in exactly 364 days.
74.13 In three years, there are 1,092 days, and in five years 1,820 days, so that in eight years there are 2,912 days.
74.14 For the Moon alone, the days in three years come to 1,062 days, and in five years it is fifty days behind.
74.15 And there are 1,770 days in five years so that for the Moon the days in eight years amount to 2,832 days.
74.16 For the difference in eight years is eighty days, and all the days that the Moon is behind, in eight years, are eighty days.
74.17 And the year is completed exactly, in accordance with their positions, and the positions of the Sun, in that they rise from the Gates from which the Sun rises and sets for thirty days.

75.1 And the leaders of the tens of thousands, who are in charge of the whole of creation, and in charge of all the stars, and also the four days which are added, and are not separated from their position, according to the whole reckoning of the year. And these serve on the four days that are not counted in the reckoning of the year.
75.2 And because of them men go wrong in them. For these lights really serve in the stations of the world, one in the first Gate, and one in the third Gate, and one in the fourth Gate, and one in the sixth Gate. And the exact harmony of the world is completed in the separate 364 stations of the world.
75.3 For the signs, and the times, and the years, and the days, were showed to me by the Angel Uriel whom the Lord of Eternal Glory has placed in charge of all the Lights of Heaven. In Heaven and in the world, so that they might rule on the Face of Heaven, and appear over the earth, and be leaders of day and night; the Sun, the Moon, the stars, and all the serving creatures who revolve in all the Chariots of Heaven.
75.4 Likewise, Uriel showed to me twelve Gate-openings in the disc of the chariot of the Sun, in the sky, from which the rays of the Sun come out. And from them heat comes out over the Earth when they are opened at the times that are appointed for them.

33
75.5 And there are openings for the winds, and for the spirit of the dew, when they are opened at their times, opened in Heaven, at the ends of the earth.
75.6 I saw twelve Gates in Heaven, at the ends of the earth, from which the Sun, and the Moon, and the stars, and all the works of Heaven, go out in the east and in the west.
75.7 And there are many window-openings to the north and to the south, and each window, at its appointed time, sends out heat corresponding to those Gates, from which the stars go out, in accordance with His command to them, and in which they set according to their number.
75.8 And I saw chariots in Heaven, running through the region above those Gates, in which the stars that never set rotate.
75.9 And one is bigger than all the others. And it goes round through the whole world.
76.1 And at the ends of the earth, I saw twelve Gates open to all the winds, from which the winds come out and blow over the earth.
76.2 Three of them open in the front of Heaven, and three in the back, and three on the right of Heaven, and three on the left.
76.3 And the three first are those towards the east, and then the three towards the north, and the three after these towards the south, and the three in the west.
76.4 Through four of them come winds of blessing and peace. And from the other eight come winds of punishment; when they are sent they bring devastation to the whole Earth, and to the water which is on it, and to all those who dwell upon it, and to everything that is in the water and on dry ground.
76.5 And the first wind from those Gates, called the east wind, comes out through the first Gate, which is towards the east. The one that comes from the south brings devastation, drought, heat, and destruction.
76.6 And through the second Gate, in the middle, comes what is right. And from it come rain, and fruitfulness, and prosperity, and dew. And through the third Gate, which is towards the north, comes cold and drought.
76.7 And after these, the winds towards the south come out, through three Gates. First, through the first of the Gates, which inclines towards the east, comes a hot wind.
76.8 And through the middle Gate, which is next to it, come pleasant fragrances, and dew, and rain, and prosperity, and life.
76.9 And through the third Gate, which is towards the west, come dew, and rain, and locusts, and devastation.
76.10 And after these, the winds towards the north..(…)..from the seventh Gate, which is towards the east, come dew and rain, locusts and devastation.
76.11 And through the Gate exactly in the middle, come rain, and dew, and life, and prosperity. And through the third Gate, which is towards the west come mist and hoarfrost, and snow, and rain, and dew, and locusts.
76.12 And after these the winds towards the west. Through the first Gate, which inclines towards the north, come dew, and rain, and hoarfrost, and cold, and snow, and frost.
76.13 And from the middle Gate, come dew and rain, prosperity and blessing. And through the last Gate, which is towards the south, come drought and devastation, burning and destruction.
76.14 And thus the twelve Gates, of the four quarters of Heaven are complete. And all their laws, and all their punishments, and all their benefits, I have shown to you, my son Methuselah.
77.1 They called the first quarter eastern because it is the first, and they 

34
call the second the south because there the Most High descends, and there especially the one who is blessed forever descends.
77.2 And the western quarter is called waning because there all the lights of Heaven wane and go down.
77.3 And the fourth quarter, named the north, is divided into three parts. And the first of them is the dwelling place for men; and the second contains seas of water, and the deeps, and the forests, and rivers, and darkness and mist; and the third part contains the Garden of Righteousness.
77.4 I saw seven high mountains, which were higher than all other mountains on the earth; and from them snow comes. And days and times and years, pass away and go by.
77.5 I saw seven rivers on the earth, larger than all the other rivers; one of them comes from the east and pours out its waters into the Great Sea.
77.6 And two of them come from the north to the sea and pour out their water into the Erythraean Sea in the east.
77.7 And the remaining four flow out on the side of the north, to their seas, two to the Erythraean Sea, and two into the Great Sea, and they discharge themselves there, and not into the wilderness, as some say.
77.8 I saw seven large islands, in the sea and on the land, two on the land, and five in the Great Sea.

78.1 The names of the Sun are as follows: The first Oryares, and the second Tomases.
78.2 The Moon has four names: The first name is Asonya, and the second Ebla, and the third Benase, and the fourth Era'e.
78.3 These are the two great lights; their disc is like the disc of Heaven and in size the two are equal.
78.4 In the disc of the Sun, are seven parts of light, which are added to it more than to the Moon, and in fixed measure light is transferred to the Moon until a seventh part of the Sun is exhausted.
78.5 And they set, go into the Gates of the west, go round through the north, and rise through the Gates of the east, on the face of Heaven.
78.6 And when the Moon rises, it appears in the sky, and has a half of a seventh part of light, and on the fourteenth day it makes all its light full.
78.7 And fifteen parts of light are transferred to it, until on the fifteenth day its light is full, according to the sign of the year, and amounts to fifteen parts. And the Moon comes into being by halves of a seventh part.
78.8 And in its waning on the first day, it decreases to fourteen parts of its light. And on the second to thirteen parts, and on the third to twelve parts, on the fourth to eleven parts, and on the fifth to ten parts, and on the sixth to nine parts, and on the seventh to eight parts, and on the eighth to seven parts, and on the ninth to six parts, and on the tenth to five parts, and on the eleventh to four parts, and on the twelfth to three, and on the thirteenth to two, and on the fourteenth to half of a seventh part.And all the light that remains from the total disappears on the fifteenth day.
78.9 And in certain months the Moon has twenty-nine days and once twenty-eight.
78.10 And Uriel showed me another law: - when light is transferred to the Moon, and on which side it is transferred from the Sun.
78.11 All the time that the Moon is increasing in its light, it transfers as it becomes opposite the Sun, until in fourteen days it’s light is full in the sky; and when it is all ablaze, it’s light is full in the sky.
78.12 And on the first day it is called the New Moon, for on that, daylight rises on it.
78.13 And its light becomes full exactly on the day that as the Sun goes down in 

35 
the west it rises from the east for the night. And the Moon shines for the whole night until the Sun rises opposite it, and the Moon is seen opposite the Sun.
78.14 And on the side on which the light of the Moon appears, there again it wanes, until all its light disappears, and the days of the Moon end and its disc remains empty without light.
78.15 And for three months, at its proper time, it achieves thirty days, and for three months, it achieves twenty-nine days, during which it completes its waning, in the first period, in the first Gate127 days.
78.16 And in the time of it’s risingfor three months, it appears in each month with thirty days. And for three months it appears in each month with twenty-nine days
78.17 By night, for twenty days each time, it looks like a man, and by day like Heaven, for there is nothing else in it except it’s light.
79.1 And now, my son Methuselah, I have shown you everything, and the whole Law of the Stars of Heaven is complete.
79.2 And he showed me the whole law for these, for every day, and for every time, and for every rule, and for every year, and for the end thereof, according to its command, for every month and every week.
79.3 And the waning of the Moon, which occurs in the sixth Gate, for in that sixth Gate it’s light becomes full, and after that it is the beginning of the month.
79.4 And the waning, which occurs in the first Gate, at its proper time, until 127 days are complete, or by weeks; twenty-five weeks and two days.
79.5 And how it falls behind the Sun, according to the law of the stars, by exactly five days in one period of time, when it has completed the pathway you have seen.
79.6 Such is the appearance, and likeness, of every light, which Uriel, the great Angel who is their leader, showed to me.

80.1 And in those days Uriel answered me and said to me: “Behold, I have shown you everything, Oh Enoch. And I have revealed everything to you, so that you may see this Sun, and this Moon, and those who lead the Stars of Heaven, and all those who turn them, their tasks and their times and their rising.
80.2 But in the days of the sinners the years will become shorter, and their seed will be late on their land, and on their fields. And all things on the earth will change and will not appear at their proper time. And the rain will be withheld and Heaven will retain it.
80.3 And in those times the fruits of the earth will be late, and will not grow at their proper time, and the fruits of the trees will be withheld at their proper time.
80.4 And the Moon will change its customary practice and will not appear at its proper time.
80.5 But in those days it will appear in Heaven, come on top of a large chariot in the west, and shine with more than normal brightness.
80.6 And many heads of the stars, in command, will go astray. And these will change their courses and their activities and will not appear at the times that have been prescribed for them.
80.7 And the entire law of the stars will be closed to the sinners, and the thoughts of those who dwell upon the Earth will go astray over them, and they will turn from all their ways and will go astray, and will think them gods.
80.8 And many evils will overtake them and punishment will come upon them to destroy them all.”

36
81.1 And he said to me: “Oh Enoch, look at the book of the Tablets of Heaven and read what is written upon them, and note every individual fact.”
81.2 And I looked at everything that was written and I noted everything. And I read the book and everything that was written in it, all the deeds of men, and all the children of flesh who will be upon the Earth, for all the generations of eternity.
81.3 And then I immediately blessed the Lord, the Eternal King of Glory, in that he has made all the works of the world, and I praised the Lord because of his patience, and I blessed him on account of the sons of Adam.
81.4 And at that time I said: “Blessed is the man who dies righteous and good, concerning whom no book of iniquity has been written, and against whom no guilt has been found.”
81.5 And these three Holy ones brought me and set me on the earth in front of the door of my house, and said to me: “Tell everything to your son Methuselah, and show all your children that no flesh is righteous, before the Lord, for He created them.
81.6 For one year we will leave you with your children, until you have regained your strength, so that you may teach your children and write these things down for them, and testify to all your children. And in the second year we will take you from amongst them.
81.7 Let your heart be strong, for the good will proclaim righteousness to the good, the righteous will rejoice with the righteous and they will wish each other well.
81.8 But the sinner will die with the sinner and the apostate will sink with the apostate.
81.9 And those who practice righteousness will die because of the deeds of men, and will be gathered in because of the deeds of the impious.”
81.10 And in those days they finished speaking to me and I went to my family as I blessed the Lord of Ages.
82.1 And now, my son Methuselah, all these things I recount to you, and write down for you. I have revealed everything to you, and have given you books about all these things. Keep, my son Methuselah, the books from the hand of your father so that you may pass them on to the generations of eternity.
82.2 I have given wisdom to you, and to your children, and to those who will be your children, that they may give it to their children, for all the generations, forever, this wisdom that is beyond their thoughts.
82.3 And those who understand it will not sleep, but will incline their ears that they may learn this wisdom, and it will be better for those who eat from it than good food.
82.4 Blessed are all the righteous, blessed are all those who walk in the way of righteousness and do not sin like the sinners.
In the numbering of all their days in which the Sun journeys in Heaven, coming in and out, through the Gates of Heaven, for thirty days.
With the leaders of the thousands, of this order of stars, and with the four which are added, and divided between the four seasons of the year, which lead them and appear with them on four days.
82.5 Because of them men go wrong, and they do not reckon them in the reckoning of the whole year; for men go wrong in respect of them and do not know them exactly.
82.6 For they belong in the reckoning of the year, and are truly recorded forever, one in the first Gate, and one in the third, and one in the fourth and one in the sixth. And the year is completed in 364 days.

37
82.7 And the account of it is true, and the recorded reckoning of it is exact, for the lights, and the months, and the feasts, and the years, and the days. Uriel showed me, and inspired me; he to whom the Lord of the whole created world gave commands about the Host of Heaven for me.
82.8 And he has power in Heaven, over night and day, to cause light to shine on men; the Sun, the Moon, and the stars, and all the Powers of Heaven, which rotate in their orbits.
82.9 And this is the Law of the Stars, which set in their places, at their times, and at their feasts, and in their months.
82.10 And these are the names of those who lead them, who keep watch, so that they appear at their times, and in their orders, and in their months, and in their periods of rule, and in their positions.
82.11 Their four leaders, who divide the four parts of the year, appear first; and after them the twelve leaders of the orders, who divide the months and the years into 364 days, with the heads over thousands, who separate the days. And for the four days, that are added to them, there are the leaders who separate the four parts of the year.
82.12 And as for these heads over thousands, one is added between the leader and the led, but their leaders make the separation.
82.13 And these are the names of the leaders who separate the four appointed parts of the year: Melkiel, Helemmelek, Meleyal, and Narel.
82.14 And the names of those whom they lead: Adnarel, Iyasusael, Iylumiel; these three follow behind the leaders of the orders. And all others follow behind the three leaders of the orders, who follow behind those leaders of positions, who separate the four parts of the year.
82.15 In the beginning of the year, Melkiel rises first and rules, who is called the southern Sun - and all the days of his period, during which he rules, are ninety-one.
82.16 And these are the signs of the days that are to be seen on the earth, in the days of his period of rule; sweat, and heat, and calm. And all the trees bear fruit, and leaves appear on all the trees, and the wheat harvest, and rose flowers. And all the flowers bloom in the field but the trees of winter are withered.
82.17 And these are the names of the leaders who are under them: Berkeel, Zelebsael, and another one who is added, a head over a thousand, named Heloyaseph. And the days of the period of rule, of this one, are complete.
82.18 The second leader, after him, is Helemmelec, whom they call the Shining Sun; and all the days of his light are ninety-one.
82.19 And these are the signs of the days on earth: heat, and drought. And the trees bring their fruit to ripeness and maturity and make their fruit dry. And the sheep mate and become pregnant. And men gather all the fruits of the earth, and everything that is in the fields, and the vats of wine. And these things occur in the days of his period of rule.
82.20 And these are the names, and the orders, and the leaders of these heads over thousands: Gedaeyal, Keel, and Heel. And the name of the head-over-a-thousand, who is added to them, is Asfael. And the days of his period of rule are complete.








Mazzaroth

Job 38:31-33 KJV
31 Canst thou bind the sweet influences of Pleiades, or loose the bands of Orion? 32 Canst thou bring forth Mazzaroth in his season? or canst thou guide Arcturus with his sons? 33 Knowest thou the ordinances of heaven? canst thou set the dominion thereof in the earth?

The "Mazzaroth" is the twelve constellations within the sun's apparent path through the heavens, commonly referred to as the "Zodiac."[1] These are in the form of pictures constructed from the stars within that constellation, a woman (Virgo), scales (Libra), a Scorpion (Scorpio), an archer (Saggitarius), a goat-fish (Capricorn), a man with a water pot (Aquarius), two fishes (Pisces), a Lamb (Aries), an Ox (Taurus), twins (Gemini), a crab (Cancer), and a lion (Leo). In God's response to Job, He indicated that He alone brings forth the twelve signs each year in their proper months. Psalm 19, and Paul's quote of it in Romans 10:16-18, proves that the Zodiac (Mazzaroth) was designed by God as a means of communicating a prophetic message in pictures to all languages of the earth.

Several authors have interpreted the zodiac from a Christian perspective, repeating the original work of Frances Rolleston in the mid nineteenth century without adding anything new or substantial. The premise of Rolleston's work was flawed, making many of her conculsions doubtful.

The Zodiac is a twelve-step prophecy, a clock counting down the end of this age and the establishment of Messiah’s Kingdom on earth. The zodiac lays out the same story as the Bible, in the same historical sequence, using the same pictorial language as the Hebrew prophets.

All previous interpretations of the zodiac, whether pagan, Jewish, or Christian, have failed to account for the meaning of the sun's sequential path through the twelve zodiacal signs. Since the creation, the sun's path each year through the 12 zodiac signs has fortold the whole story of God's plan to redeem the creation through the nation of Israel. In doing so, it demonstrates that the God of Abraham is the source of the zodiac.

[1] Jammeson Faucett Brown Commentary: "Canst thou bring forth from their places or houses (Mazzaloth, 2 Kings 23:5, Margin; to which Mazzaroth here is equivalent) into the sky the signs of the Zodiac at their respective seasons - the twelve "lodgings" in which the sun successively stays, or appears, in the sky."

Chuck Missler on Signs in the Heavens and The Hebrew Mazzaroth and the Stars

Job 38

31 Kunt gij de liefelijkheden van het Zevengesternte binden, of de strengen des Oríons losmaken?
32 Kunt gij de Mazzarôth voortbrengen op haar tijd, en den Wagen met zijn kinderen leiden?
33 Weet gij de verordeningen des hemels, of kunt gij deszelfs heerschappij op de aarde bestellen?

12 Hebt gij van uw dagen den morgenstond geboden? Hebt gij den dageraad zijn plaats gewezen;
19 Waar is de weg, daar het licht woont? En de duisternis, waar is haar plaats?

2 Koningen 23

De koning nu stond aan den pilaar, en maakte een verbond voor des HEEREN aangezicht, om den HEERE na te wandelen, en Zijn geboden, en Zijn getuigenissen, en Zijn inzettingen met ganser harte en met ganser ziele te houden, bevestigende de woorden dezes verbonds, die in dit boek geschreven zijn. En het ganse volk stond in dit verbond.
En de koning gebood den hogepriester Hilkía, en den priesteren der tweede ordening, en den dorpelbewaarders, dat zij uit den tempel des HEEREN alle gereedschap, dat voor Baäl, en voor het beeld van het bos, en voor al het heir des hemels gemaakt was, uitbrengen zouden; en hij verbrandde dat buiten Jeruzalem in de velden van Kidron, en liet het stof daarvan naar Beth-El dragen.
Daartoe schafte hij de Chemárim af, die de koningen van Juda gesteld hadden, opdat men roken zou op de hoogten, in de steden van Juda, en rondom Jeruzalem, mitsgaders, die voor Baäl, de zon, en de maan, en de andere planeten, en al het heir des hemels rookten.
 

(De dierenriem of zodiak is een ongeveer 20 graden brede zone aan de hemelbol, waarbinnen de schijnbare banen van de zon, de maan en de planeten verlopen).
 
Ashkenazi en Royal bloedlijnen
The True Church Of Jesus Christ by David Wilkerson
 

Num 28,14 

En hun drankofferen zullen zijn de helft van een hin tot een var, en een derde deel van een hin tot een ram, en een vierendeel van een hin van wijn tot een lam; dat is het brandoffer der nieuwe maan in elke maand, naar de maanden des jaars.

1 Sam 20,5 
En David zeide tot Jónathan: Zie, morgen is de nieuwe maan, dat ik zekerlijk met den koning zou aanzitten om te eten; zo laat mij gaan, dat ik mij op het veld verberge tot aan den derden avond.

1 Sam 20,18 
Daarna zeide Jónathan tot hem: Morgen is de nieuwe maan; dan zal men u missen, want uw zitplaats zal ledig gevonden worden.

1 Sam 20,24 
David nu verborg zich in het veld; en als het nieuwe maan was, zat de koning bij de spijze, om te eten.

1 Sam 20,27 
Het geschiedde nu des anderen daags, den tweeden der nieuwe maan, als Davids plaats ledig gevonden werd, zo zeide Saul tot zijn zoon Jónathan: Waarom is de zoon van Isaï noch gisteren noch heden tot de spijze gekomen?

1 Sam 20,34 
Daarom stond Jónathan van de tafel op in hittigheid des toorns; en hij at op den tweeden dag der nieuwe maan geen brood, want hij was bekommerd om David, omdat zijn vader hem gesmaad had.

2 Kon 4,23 
En hij zeide: Waarom gaat gij heden tot hem? Het is geen nieuwe maan, noch sabbat. En zij zeide: Het zal wèl zijn.

Ps 81,4 
Blaast de bazuin in de nieuwe maan, ter bestemder tijd, op onzen feestdag.

Jes 66,23 
En het zal geschieden, dat van de ene nieuwe maan tot de andere, en van den enen sabbat tot den anderen, alle vlees komen zal om aan te bidden voor Mijn aangezicht, zegt de HEERE.

Ez 46,1 
Alzo zegt de Heere HEERE: De poort van het binnenste voorhof, die naar het oosten ziet; zal de zes werkdagen gesloten zijn; maar op den sabbatdag zal zij geopend worden; ook zal zij geopend worden op den dag van de nieuwe maan.

Ez 46,6 
Maar op den dag van de nieuwe maan, een var, een jong rund, van de volkomene, en zes lammeren, en een ram; volkomen zullen zij zijn.

Am 8,5 
Zeggende: Wanneer zal de nieuwe maan overgaan, dat wij leeftocht mogen verkopen? en de sabbat, dat wij koren mogen openen? verkleinende de efa, en den sikkel vergrotende, en verkeerdelijk handelende met bedriegelijke weegschalen;

Kol 2,16 
Dat u dan niemand oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feestdags, of der nieuwe maan, of der sabbatten;
 
Gedeeltelijke zonsverduistering 20 maart 2015

Op vrijdag 20 maart 2015, tussen 09:30 en 11:48 uur, vindt een gedeeltelijke zonsverduistering plaats. Bij helder weer zal vanuit Nederland en België deze zonsverduistering in de periode zichtbaar zijn.

Tijdens het maximum, om 10:37 uur, zal 84% van de diameter van de Zon, ofwel 81% van haar oppervlakte, bedekt zijn, zoals op de tekening hieronder is te zien.

astro-zonsverduistering-20150320
Een bewegend plaatje over het verloop kunt u hier zien.
De totale zonsverduistering is alleen maar te zien in noordelijker gelegen gebieden, zoals boven de Atlantische Oceaan, de Faeröer Eilanden, Spitsbergen en de Noordpool.

Toch is de gedeeltelijke zonsverduistering die we in Nederland zien zeker de moeite waard, want de volgende gedeeltelijke zonsverduistering is pas weer in 2021 te zien in ons land.

Daarom zijn leden sterrenkundevereniging Christiaan Huygens aanwezig op de locatie bij hun clubgebouw, het natuurstreekcentrum Alblasserwaard, Matenaweg 1 in Papendrecht. Dit is vlakbij Wijngaarden. We hopen op een heldere en zonnige dag…

En van onze collega-vereniging Euroster uit Rotterdam is men aanwezig op de kade langs de Maas in Rotterdam centrum (Leuvehoofd en omgeving).



Let op!! Kijk nooit onbeschermd naar de zon, en zeker niet met een verrekijker of telescoop. Gebruik in elk geval een eclipsbril voor als u zo naar de zon kijkt. En via een telescoop kan het alleen met speciale filters.


Share
Tags: zonsverduistering

This entry was posted on vrijdag, februari 27th, 2015 at 14:15 by Maarten Pauw and is filed under Christiaan Huygens, Programma. You can follow any responses to this entry through the RSS 2.0 feed. Responses are currently closed, but you can trackback from your own site.
Comments are closed.
Bron:
 

 



Welkom / This site is always under construction
Torah, Wet, Instructies, Geboden
Feesten van YHWH
Dagelijks Woord
Afgoden feesten
Mijn nieuws kanalen